Kwade tongen beweren, hij had een kwade dronk, zij had het even te kwaad, dat staat in een kwade reuk, hij is met zijn kwade been uit bed gestapt, een advocaat voor kwade zaken, een kwaaie pier, goed geld naar kwaad geld gooien, het gaat van kwaad tot erger, dat zet kwaad bloed, dat is een kwalijke zaak, kwaad met kwaad vergelden, dat staat in een kwaad daglicht. Hij heeft een kwade bui. Kwaad kijken, kwaad doen, kwaad zijn, kwaad worden... En zo kan ik nog wel even doorgaan. De Nederlandse taal is rijkelijk voorzien van gezegdes over het alledaagse kwaad.
Wat is wezenlijk van waarde voor mensen? Waar meet een mens zijn of haar eigenwaarde aan af? Aan de ervaringen. Want die bepalen voor het grootste deel het perspectief naar de omgeving. Ik heb deze vragen in mijn directe omgeving gesteld. Na primaire reacties met grote abstracties als ‘de mens, liefde, hoop en in wat mindere mate geloof’ waren de gedetailleerde resultaten heterogeen. Zoals ook mensen gelijkwaardig maar niet gelijk aan elkaar zijn.
In de Zwitserse Medelvallei schijnt een kolossale goudvoorraad onder de grond te liggen, ongeveer 900 miljoen euro waard. Je kan ’t zo met de pikhouweel uit de grond slaan. Maar de 450 bewoners zijn niet besmet met het alom grijpende Dagobert Duck virus. Ze achten hun ongerepte landschap een stuk waardevoller dan dukaten. Mijnbouwbedrijven bonken watertandend op de deur, maar de dorpelingen houden moedig stand, hoe arm ze ook zijn. In een referendum schreeuwden ze massaal: Nein! Wir Wollen Kein Gold!
Wanneer je langs een juwelierswinkel loopt waar de gouden ringen en zilveren halskettingen je tegemoet glimmen, zou je kunnen denken dat de waarde van deze sieraden verankerd ligt in het materiaal waarvan ze gemaakt zijn: goud en zilver. De menselijke arbeid heeft er waarde aan toegevoegd, maar een bronzen sieraad is meestal minder waard, ook als de hoeveelheid werk hetzelfde of groter is geweest. Toch is deze inschatting naïef. Wat maakt die sieraden zo duur? Dat ze zo mooi glimmen? Dat effect kun je ook met ander materiaal bereiken. Omdat goud en zilver zo zeldzaam zijn? Dat is al een stap dichter bij. Er is weinig goud en zilver in de wereld, er is een tekort, zoals in onze eindige wereld er van alles een tekort is: van voedsel, land, ijzer, olie, rubber, hout en steen. Hoe minder er van iets is, hoe waardevoller het wordt en hoe meer de prijs omhoog gaat.
Toen de Heilige - Gezegend zij Hij - de wereld schiep, aldus de kabbala (joodse mystiek), goot Hij Zijn goddelijke licht in de vaten van de kosmos, als kokend water in een glas. Maar Gods onbeperkte energie paste niet in ons beperkte, broze, breekbare universum en dus ‘brak’ onze wereld. Gods licht versplinterde in ontelbare scherven. Glanzend, lichtgevend, mooi. Maar ook scherp en gehuld in schaduw en duisternis. In dit verhaal zit iets van de oerknal en menselijke psychologie.
Iedere handbeweging die je maakt om stof nog hoger op te laten dwarrelen is onheilzaam. Want hoe meer hysterische opwinding je van nieuwe brandstof voorziet, hoe verblindender het zand in onze ogen zijn zal. Zowel letterlijk op stoffige paadjes, als figuurlijk bij duistere roddels.
"Er was eens een jongetje dat almaar riep dat er een wolf was. Het hele dorp liep uit met stokken en zwaarden om de jongen te redden, maar als ze bij hem kwamen wás er helemaal geen wolf. En op een dag riep die jongen weer ‘Een wolf, een wolf!’. Maar alle mensen haalden hun schouders op en zeiden tegen elkaar dat er heus geen echte wolf was, want hij had al zo vaak geroepen. Maar dit keer was er écht een wolf. En niemand, maar dan ook niemand, kwam hem redden."
In het Nederlands verwijst de uitdrukking ‘kwaad worden’ naar het woord ‘kwaad’. Kwaad worden heeft mede daardoor een negatieve klank. Kwaad worden lijkt een kwaad te zijn. Dit idee wordt versterkt door een eeuwenlange traditie waarin kwaad worden iets minderwaardigs is. In de Griekse filosofie, vooral in die van de Stoa, is kwaad worden iets negatiefs. Het roept het beeld op van iemand die zijn zelfbeheersing verliest. Volgens de Stoa moet dit altijd vermeden worden. Al stort heel je wereld in elkaar, je moet jezelf beheersen. Vele christenen, vaak onder invloed van deze Griekse traditie, vinden dat kwaad worden indruist tegen de liefde. Kwaad zijn is onprettig voor degenen tegen wie de kwaadheid gericht is. Kwaad worden kan buitenproportioneel zijn en een schade veroorzaken die onrechtvaardig is.
Een ideaal nastreven? Daar begin ik niet aan. Het is een recept voor zelfkwelling. En voor je het weet, word je een pest voor anderen. Een ideaal is per definitie onbereikbaar. Iets voor romantische geesten die denken dat het geluk altijd ergens anders is dan waar je nu bent. Zulke mensen gaan weemoedig door het leven met een lijdende blik in hun ogen. Dank je feestelijk.
Nederland bevond zich in een crisis. Grote politieke veranderingen voltrokken zich en toch bleef in zeker opzicht alles bij het oude. Politieke hervormingen werden door de oude regenten afgehouden en een meer democratische staatsinrichting werd voorlopig niet gerealiseerd. De politieke tegenstellingen liepen hoog op.
Idealisme is een ernstig misbruikt woord. Hij die zegt "Ik ben een idealist" dient acuut gewantrouwd. Of in het kanaal gegooid. Idealisme zeg je niet, idealisme doe je. Idealisme is geen woord maar een daad. Bij voorkeur anoniem. Tegen weer en wind in. Bereid tot het uiterste: het offer van het eigen Ik. Zo niet, dan is het voor de bühne, gratuit idealisme. Wie zegt dat idealisme leidt tot een betere wereld, heeft de boot gemist. Uw moraal is niet de mijne, uw idealisme is evenmin de mijne. U mag mijn denken minachten, zelfs verafschuwen. Dat mag u. Dat is uw recht. Maar het is ook mijn recht om te zeggen dat u dom bent.
Plotseling staat het woord er: idealen. Ik word me ervan bewust dat ik dit woord al geen jaren meer heb gebruikt en het ook anderen niet heb horen gebruiken. Ik herinner me dat de Nederlandse Dominicanen in de jaren vijftig een folder hadden om jongens te verlokken Dominicaan te worden. De folder was heel aardig, duidelijke letters, goede foto’s en had als titel: ‘Wat kom jij in de wereld doen?’. Er werden verschillende mogelijkheden aangeboden – ik ben ze vergeten, maar vooral het Dominicaan zijn werd aangeprezen. De titel veronderstelde dat je geboren was om iets in de wereld te doen. Anders gezegd: dat je een ideaal had, iets waaraan je je leven wijdde. Je kon ook meerdere idealen hebben. Een ideaal betekende een centraal punt hebben in je leven. Je doet misschien van alles en nog wat, maar de rode draad in je leven is je ideaal: piloot worden, of bakker, journalist of priester en Dominicaan. Het was een folder vol idealen.
Schrijf u in voor onze nieuwsbrief en ontvang periodiek onze updates.
Grappig Sjef dat je het een allergie noemt....je lichaam geeft juist heel erg goed aan wat gezond voor je is en wat niet. Soja, gluten en zuivel..
op “Nu ik marathons loop en geen pillen meer slik,...
door genietje op 18 mei @ 20:50
Het lijkt mij dat net als deze mensen ook God een hekel heeft aan religie. Hij wil een relatie met ons via Jezus Christus...
op God is a DJ - oude en nieuwe vormen van zingeving
door ron rietjens op 18 mei @ 12:42
*tikfout: controle
op Actualiteitencollege over 'Illegalen...
door h.beuker op 17 mei @ 20:41
Een artikel om over na te denken en ook nadenken over de reacties, Een algemene richtlijn hierover kan niet worden gegeven, omdat alle mensen..
op Stijgende zorgkosten: moeten we onze ouders dan maar...
door corrie op 17 mei @ 19:07
Ik ben het gedeeltelijk wel met Boele eens, maar vraag me toch af: Zijn mensen van oorsprong Herbivoren, Carnivoren of Omnivoren? Hoe verdeel je..
op “Nu ik marathons loop en geen pillen meer slik,...
door corrie op 17 mei @ 18:36