Hoe komen we tot een betekenisvolle relatie met de ander? Na de aanslagen in Brussel werd geroepen: “Door liefde!” Liefde als antwoord op het radicale kwaad van de terroristen. Maar wat voor een liefde moet dat zijn? De romantische liefde? De liefde voor de mens? De liefde voor de wereld? En wat is het doel? Het einde van het terrorisme? Allemaal gelukkig zijn? Of betekenisvolle relaties met elkaar opbouwen? Peter Venmans (1963), essayist met een achtergrond in Frans, Spaans en filosofie, onderzoekt deze vragen in zijn nieuwe boek Amor Mundi. Over dit onderzoek ging ik met hem in gesprek.

Door: Tanja van Hummel

Wat is de aanleiding geweest om op zoek te gaan naar de betekenis van ‘amor mundi’?
“Achteraf kan ik met ‘amor mundi’ (liefde voor de wereld) een antwoord geven op de aanslagen in Brussel. Toen die aanslagen gebeurden, was Amor Mundi net verschenen. Maar ik ben Amor Mundi niet gaan schrijven naar aanleiding van een maatschappelijke gebeurtenis. Voor mij is filosofie in de eerste plaats een intellectuele oefening die bestaat uit het analyseren van concepten. Ik verwonder me veeleer over woorden dan over de wereld. Het is een intellectuele nieuwsgierigheid die mij aanzette om Amor Mundi te schrijven. Amor mundi, liefde voor de wereld, wordt als zo vanzelfsprekend ervaren. Maar door het te onderzoeken, kwam ik er achter dat het niet vanzelfsprekend is en dat het een heel complex begrip is.

Dit is niet echt een populaire visie op de filosofie. Daar ben ik me bewust van. Veel populaire filosofen beginnen vanuit een maatschappelijk verontwaardiging te schrijven. Die verontwaardiging heb ik natuurlijk ook. Naast intellectuele verwondering is morele verontwaardiging de tweede bron van het denken. Het gaat hier om een gevoel van rechtvaardigheid dat onder druk staat; vandaag ervaren we allemaal dat er in de wereld heel wat verkeerd loopt.”

Wat loopt er voor uw gevoel verkeerd?
“Na de aanslagen in Brussel werd er opgeroepen tot liefde. Liefde zou het antwoord zijn tegen het terrorisme. Psychologisch is dat te begrijpen, maar het is mij te vrijblijvend. Liefde wordt al te gemakkelijk gereduceerd tot gevoelens en ontdaan van verantwoordelijkheid. Het lijkt dat het genoeg is om liefde te voelen voor je medemens om zo alle problemen op te lossen, maar dat is niet zo.

Ik heb het Latijnse woord ‘amor’ gekozen, om zo duidelijk te kunnen maken waar het in de huidige opvatting over de liefde aan schort. Liefde vatten we vaak op als een romantische liefde, de liefde voor je geliefden en de mensen die je zelf gekozen hebt. Het is een sentimentele liefde gericht op geluk. We houden van iemand, omdat dat ons gelukkig maakt. Amor omvat echter veel meer. Het verruimt het begrip ‘liefde’. Alle religieuze connotaties resoneren mee in ‘amor’: agape, philia, eros…

In onze wereld is alles gericht op het geluk. Dit geluksdenken stoot echter op zijn limieten. Ik denk dat we volop in een paradigmaverandering zitten. We voelen dat wel aan, maar kunnen het nog niet overzien. We weten nog niet precies welke richting het zal opgaan. Daarom is het nodig dat we gaan nadenken over onze centrale waarden. Ik zie dit als een taak van de filosofie.”

Kunt u een concreet voorbeeld geven van waar het geluksdenken tekort schiet?
“In de zorg en het onderwijs zie je dit duidelijk. De zorg wordt steeds rationeler; processen worden steeds verder geoptimaliseerd. Dit alles gebeurt vanuit de gedachte dat het geluk van mensen bepaald wordt door de mate waarin ze efficiënt geholpen worden. Deze opvatting van geluk is utilitaristisch: alles staat in dienst van het nut. Geluk is de minste pijn en het meeste genot voor de grootste groep.

2016-0511 Amor Mundi coverWie met een begrip als ‘amor mundi’ werkt, vat het geluk anders op. Geluk wordt dan niet langer gezien als het vervullen van behoeften, maar als het hebben van betekenisvolle relaties met mensen. Geneeskunde houdt dan niet langer alleen in dat problemen opgelost moeten worden, maar dat er ook aandacht is voor de wereld waarin patiënten een zinvol leven kunnen leiden.

Ook in het onderwijs zie je dat het neoliberale model, waar dit utilistische geluksdenken onderdeel van is, voor veel onvrede zorgt. Dit model is een dwingend systeem. Alle leerprocessen liggen vast, alles moet transparant zijn en worden geëvalueerd. Maar dat daagt niet uit tot leren. In zo’n model kan er niet iets nieuws ontstaan. Om iets nieuws te kunnen laten ontstaan, is er juist aandacht nodig voor datgene wat niet in cijfers te vatten is. En er is een open gesprek nodig. In die openheid kan een gemeenschappelijkheid, een wereld ontstaan. Dat krijg je niet als je alleen maar doelstellingen afvinkt.

Die openheid houdt natuurlijk ook een risico in. Het kan altijd fout gaan. Betekenisvolle relaties zijn nooit gegarandeerd. Managers zijn gericht op het vermijden van dit risico, maar daarmee verstikken ze het onderwijs en de zorg. Amor mundi vraagt om dat risico wel te nemen. Het vraagt dat we ons kwetsbaar opstellen.”

Maar mensen vinden het eng om dat risico te nemen. Onlangs werd uit onderzoek duidelijk dat veel mensen niet aan hun naasten hulp durven te vragen als ze (tijdelijk) hulpbehoevend worden. Dat komt niet zozeer doordat ze geen mensen in hun omgeving hebben die kunnen helpen, maar doordat ze het eng vinden. Ze vinden het makkelijker om hulp in te kopen.
“Dit is weer een gevolg van onze neoliberale samenleving, waarin men liever koopt dan krijgt. Zaken die vroeger uit naastenliefde gedaan werden of vanuit ‘goed nabuurschap’, zijn nu geëconomiseerd. Een boodschap laat je nu niet meer doen door je buurman, maar je laat de boodschappen thuisbezorgen. Je betaalt daar geld voor en dat voelt rechtvaardig. Het is ook heel transparant. Er wordt een dienst geleverd en voor die dienst betaal je. En dan is het klaar. Je buurman betaal je niet voor het boodschappen doen. Er is geen duidelijke afrekening, waardoor er een niet-economische schuld blijft bestaan. Daar hebben we het tegenwoordig erg moeilijk mee: dat we in het krijt staan bij anderen. Juist omdat we zo gesteld zijn op onze autonomie en ons eigen geluk.

In een wereld die enkel bestaat uit diensten en waar alles in geld betaald wordt, zou ik niet kunnen leven. Deze wereld wordt beschreven door Ayn Rand in Atlas Schrugged (1957), vertaald als Atlas in staking. In deze wereld zijn geen betekenisvolle relaties, alleen nog mensen die aan hun zelfontplooiing denken. Zo verlies je de wereld.

Natuurlijk is het eng om een relatie met een ander aan te gaan. Je loopt het risico geconfronteerd te worden met de koppige, ruwe en onafgewerkte kanten van de ander. Je loopt onvermijdelijk een schuld op. Maar er is geen gemakkelijke weg om een betekenisvolle relatie aan te gaan. Relaties zijn nooit volkomen transparant en overzichtelijk, en waarom zou dat ook moeten? De ideologie van de zuiverheid heeft in de geschiedenis al veel schade aangericht.”

Is schuld dan het bindmiddel van de samenleving?
“Ja. De schuld die je bij anderen opbouwt, is een belofte. Als je vraagt dat je buurman een boodschap voor je doet, sta je bij hem in het krijt. Je hoeft niet direct iets terug te doen, maar in de toekomst kan het een keer voorkomen dat je voor hem iets doet. De schuld opent de toekomst.

Dit is een ander begrip van schuld dan we gewend zijn. Deze schuld is niet puur negatief. Het is niet een economische schuld, maar een schuld die eigen is aan de menselijke conditie. Het samenleven met andere mensen houdt nu eenmaal in dat je anderen iets schuldig bent.

Het besef van deze schuld leidt tot verantwoordelijkheidszin. Je bent niet alleen op aarde.”

Risico lopen, schuld opbouwen; hoe leren we dat?
“In de opvoeding moet dit aangeleerd worden. Kinderen moeten niet alleen leren om voor zichzelf te zorgen en zichzelf te ontplooien, maar er moet in de opvoeding ook veel aandacht zijn voor onze plaats in de wereld. Mijn handelen heeft altijd consequenties voor anderen. Maar het gaat natuurlijk niet alleen om onze kinderen. Ik denk ook aan de integratie van vluchtelingen en immigranten die hier komen wonen. Daar hebben we nog veel te leren. Vluchtelingen worden nu opgevangen in speciale centra en mogen tijdens hun procedure niet studeren of betaald werk verrichten. We isoleren ze, terwijl we juist de bereidheid zouden moeten hebben om met hen samen te leven.

2016-0511 MerkelAngela Merkel zei: “Wir schaffen das”. Daarmee zei ze dat Duitsland de vluchtelingen zou opvangen; dat ze een oplossing zouden creëren. Dit is een voorbeeld van amor mundi. Merkel deed een belofte. Er kan een nieuwe wereld ontstaan, maar het kan ook mislukken. Ze nam een groot risico dat niet te managen bleek omdat veel andere lidstaten niet meewerkten, maar dat is nu eenmaal de prijs die je betaalt voor amor mundi: je kunt je sterk maken voor iets, maar het kan natuurlijk mislukken. Als je je niet sterk maakt, mislukt het sowieso.”

Tegenstanders zeggen dat we die vluchtelingen niet moeten opvangen. Vluchtelingen zijn een last en beperken de vrijheid van de mensen die hier al zijn. De begroting, de woningmarkt, en de arbeidsmarkt gaan hieronder gebukt.
“Het neoliberale denken gaat uit van een negatief vrijheidsbegrip. Deze opvatting van vrijheid houdt in dat ik alles mag doen, zolang ik niemand anders daarmee schaad. Deze opvatting leidt ertoe dat de sfeer van het ik wordt uitgebreid over de hele wereld. Voor de wereld van de anderen is dan geen plaats meer. Deze opvatting van vrijheid maakt dat je je aangevallen voelt als anderen ook hun vrijheid claimen. Jouw vrijheid wordt dan immers ingeperkt.

Amor mundi gaat uit van een ander, positief vrijheidsbegrip. Het gaat om de vrijheid om te kunnen handelen. De mogelijkheid om te handelen kan alleen tot stand komen in het contact met anderen. Je individuele vrijheid is dan gelimiteerd, want ze wordt ingeperkt door de ander. Tegelijk geeft de ander je ook ruimte. Er kan iets nieuws ontstaan.”

Hannah Arendt spreekt over de banaliteit van het kwaad. Het ergste kwaad is het kwaad dat voortkomt uit onverschilligheid. U spreekt van de banaliteit van het goede. Wat bedoelt u daarmee?
“Amor mundi gaat over relaties aangaan met andere mensen. Ik pleit erg voor reflectie en stilstaan bij de dingen, maar bij het aangaan van die relaties is er natuurlijk ook altijd sprake van een sprong in het diepe. Dit is het mysterie van de liefde. Een handeling vanuit liefde kunnen we niet goed verklaren. We hebben er zelf geen grip op. Liefde ontvang je in relatie met anderen. Liefde krijg je niet als je je krampachtig opstelt of als je je afzondert. Liefde vooronderstelt dus een zekere overgave.

De liefde ontvangen, de liefde geven is iets dat we niet kunnen beredeneren. We doen dat gedachteloos. Daarom spreek ik van de banaliteit van het goede. We doen gedachteloos het goede als we de liefde ontvangen en geven. Dat is zeker niet zonder gevaar, want liefde kan altijd misbruikt worden. Het goede is niet immuun. Daarom moeten we ook, in naam van de liefde, onze verantwoordelijkheid nemen. Maar zonder liefde gaat het niet.”

Voor meer informatie over Amor Mundi of om dit boek te bestellen: klik hier.

Tanja van Hummel is filosoof en redacteur van Nieuwwij.nl. Bovenstaande foto van Peter Venmans werd gemaakt door Fjodor Buis.

Al één reactie — praat mee.