Onderwerp: mystiek

A- A A+

Cyrille Vael in een van de ateliers in Chevetogne
Père Cyrille Vael, monnik van het klooster in Chevetogne, was onlangs op bezoek bij de Norbertijnen in de Abdij van Berne in Heeswijk-Dinther. Taede Smedes sprak met hem voor Nieuwwij.nl. Dat was mazzel hebben, want hij zegt eigenlijk nooit interviews te doen: “Ik ben niet zo’n babbelaar. Onlangs gaf ik bij hoge uitzondering een interview voor de BBC. Het was een heel aardige dame. Maar de eerste vraag die ze stelde was: ‘Dus u gelooft in God?’, waarop ik antwoordde: ‘Nee’.

Binnen de huidige spanningen rond de vermeende tegenstelling van ‘het Westen’ versus ‘de islam’ en de nadruk die daarbij gelegd wordt op islamitisch fundamentalisme, ziet men het soefisme vaak als een oplossing. Men omschrijft het als ‘de mystieke tak’ van de islam, beschouwt het als iets helemaal ‘anders’ dan de ‘mainstream’ islam en associeert het met poëzie, muziek en trance. Wat meer aandacht voor deze spirituele kant van de islam kan volgens sommigen dan ook helpen om ons weg te leiden van het al te rigoureuze religieuze gedoe. De realiteit is iets genuanceerder.

De filosoof Antoon Van den Braembussche werd bekend vanwege zijn Denken over kunst uit 1994 (vierde herziene druk 2007). Dat boek is een handboek en inleiding in de kunstfilosofie. Zijn recent verschenen boek De stilte en het onuitsprekelijke heeft een heel ander karakter. Kunst speelt ook daarin een grote rol, maar toch zou ik het boek eerder als een spiritueel of mystiek werk karakteriseren.
Door: Taede Smedes
Uitgangspunt van het boek is dat onze huidige tijd enerzijds gekarakteriseerd kan worden als onderhevig aan een uitroeiing van de stilte.

In deze hectische tijden is het verlangen naar stilte meer dan ooit aanwezig. Dit impliceert vrijwel altijd ook een zoektocht naar een diepere, existentiële en spirituele dimensie, een ervaring van het onuitsprekelijke die meer dan ooit de geijkte grenzen tussen kunst en mystiek, religie en atheïsme, tussen westerse en oosterse filosofie doorbreekt.
Het boek De stilte en het onuitsprekelijke, dat komend najaar verschijnt bij uitgeverij Epo, is gewijd aan een nadere reflectie van deze actuele kruisbestuivingen.

Nee, ik heb ‘m niet gehad. Wel ben ik, zoals ik al eerder vertelde, vorige zomer zwaar ziek geweest. En langdurig. Hartinfarct met nasleep. Waarom ik dat nu weer noem? In mijn vorige column filosofeerde ik over ‘Het verlangen om er niet te zijn’. Uit de reacties selecteer ik de bevreemding over dit verlangen. En daarbij het onmiskenbare taboe dat erop rust. Er wordt te snel met psychiaters gesmeten. Er kan bij psychisch gezonde mensen sprake zijn van een legitieme concrete doodswens.

Naar aanleiding van mijn column Voer voor atheïsten reageerde een lezer: “Ik weet precies wat je bedoelt met ‘het overstijgende’, maar je zult tegen misverstanden blijven aanlopen zolang je het God noemt. De meeste mensen denken daarbij nu eenmaal aan een bovennatuurlijk wezen waarvan je het bestaan al dan niet aanneemt. Je kunt het woord God beter niet meer gebruiken.” De misverstanden van het zogenaamde theïstische Godsbeeld. De vraag is: ga ik zijn wijze raad opvolgen?
Door: Wim Jansen
Inderdaad, ik loop er telkens tegenaan.

Saint Étienne de Rouvray, Ansbach, München, Nice… Bij het opsommen van recent door aanslagen getroffen plaatsen weet je dat je rijtje niet volledig is en vrees je dat het morgen niet meer actueel zal zijn. Het lijkt ook wel alsof de zomer het lugubere deel der mensheid extra uitnodigt om het mooie licht te verduisteren. Zoveel schoonheid kan niet bestaan. All beauty must die…
Door: Wim Jansen
Wat moet je nou? Heilige verontwaardiging. Woede. Spierballentaal. Doffe berusting. Al deze reacties zijn onontkoombaar. Niet veel op af te dingen. En vooral doorgaan met leven.

Voor het geval het nog niet tot u was doorgedrongen, ik heb een goddelijk lijf. Dat durf ik zo roekeloos te beweren omdat iedereen een goddelijk lijf heeft, ook als het gehavend is, pijnlijk, incompleet, versleten, te dik of te dun. Zelfs wat doorgaans als banaal of vies wordt ervaren beschouw ik als goddelijk, dus ook alles wat met spijsvertering te maken heeft. En, niet te vergeten, met seks. Ik bepleit een opwaardering van het lichaam in al zijn facetten en van de seksuele taal in het bijzonder.