Dit is Bonte Was Podcast. Uw favoriete wasprogramma over mediamissers en -opstekers. Ik ben One’sy Muller. En ik ben Zoë Papaikonomou. En dit is een lekkere lange nazomerwas!

One’sy: We zijn er best wel een tijdje tussenuit geweest sinds onze laatste aflevering. Zoë, waar ben jij zoal mee bezig geweest het afgelopen jaar?

Zoë: Misschien wel het leukste nieuwtje is mijn tweede boek dat uitkomt begin oktober, De inclusiemarathon, dat ik samen met Kauthar Bouchallikht heb geschreven. We hebben 41 diversiteitsprofessionals en -onderzoekers geïnterviewd. Deze mensen proberen binnen allerlei organisaties diversiteits- en inclusievraagstukken aan te pakken. Ze zijn bijvoorbeeld diversity officer binnen een organisatie of externe adviseur. Al hun ervaringen hebben we aan elkaar gekoppeld en tot een boek verwerkt. Wanneer deze aflevering online is, gaan mensen het boek kunnen bestellen. Zo, ik heb meteen ook reclame gemaakt. (lacht) Maar jij hebt een veel spannendere bevalling achter de rug?

One’sy: Inderdaad. Een keizersnede ongeveer negen maanden geleden. (lacht) Ze zit ook op mijn schoot dus als je af en toe wat getik of gekerm hoort, weet dan dat het mijn baby’tje is.

Zoë: Ze is zeer schattig. En natuurlijk mooi, slim en stoer. Dat zeggen we er meteen bij.

One’sy: Precies. Meisjes zijn niet alleen mooi, maar ook dapper en stoer. Zij kunnen ook ridders zijn. Het was dus best een intense periode. Dat is ook een beetje de reden waarom we er langer uit zijn geweest met de podcast. Ik moest namelijk een nieuwe modus vinden en die ben ik eigenlijk nog steeds aan het zoeken. Die zoektocht eindigt waarschijnlijk nooit maar daar weet jij wellicht meer van, Zoë. (lacht) Daarnaast had ik ook mijn radioshow op Radio 2 en allerlei leuke projecten op de planning staan.

Zoë: Wij hebben natuurlijk een lekkere lange superfijne ‘nazomerwas’ beloofd. Zullen we eerst even onze grootste ergernissen van dit jaar bespreken? We hebben er een paar uitgekozen want anders blijven we bezig. Daarna kunnen we wat meer de actualiteit aanpakken. Wat denk je daarvan?

One’sy: Dat lijkt me een goed idee. Jij hebt een mediamisser uitgekozen en ik heb een mediaonderwerp geselecteerd waarin veel missers zijn gemaakt. Begin jij anders?

Zoë: Laat ik meteen de Talitha Muusse Op1-gate aangrijpen. Ik ben heel benieuwd naar hoe jij hiernaar hebt gekeken. Ik neem de luisteraars even mee naar april dit jaar. Talitha Muusse is ondernemer, generatie-expert en was een aantal maanden presentator van Op1, groots aangetrokken door KRO-NCRV op de zondagavond samen met Sven Kockelmann. Ze werd meteen bestempeld als het kritische geluid en dat was zij ook. Begin dit jaar zaten we in een enorme crisistoestand – die trouwens nog steeds speelt – met de politieke bestuurscultuur, de uitgelekte formatienotities en het urenlange Kamerdebat over de positie van demissionair minister-president Mark Rutte. Deze man heeft trouwens van niets een actieve herinnering. Ik heb tegenwoordig ook geen actieve herinnering van zaken die ik lastig vind. (sarcastisch) Hij kreeg wel een motie van afkeuring maar blijft zitten.

Talitha stuurt dan een kritische tweet uit waarin ze mensen oproept om dit incident te bespreken. Daar komt enorm veel kritiek op. Hoe durft zij als presentator van Op1 zo’n tweet uit te sturen? Dat is volgens bepaalde mensen té activistisch. Die term ‘activist’ wordt er altijd weer bijgehaald maar gelukkig zijn er nog journalisten die activistisch zijn. Toch? Waarom ben je anders in de journalistiek gaan werken? Je wil de macht toch kritisch bevragen? Dat daar gelaten. Zowel de overkoepelend hoofdredacteur van Op1 Bert Huisjes, ook WNL baas, als de KRO-NCRV vallen hierover. Talitha wordt vervolgens via de KRO-NCRV al heel snel de mond gesnoerd. Op dat moment is er nog maar één uitzending van dat seizoen van Op1. Talitha Muusse wordt te kennen gegeven dat ze bij die uitzending minder vragen mocht stellen en zoveel mogelijk uit beeld zou worden gehaald, omdat er VVD’ers te gast zouden zijn. Dat weigert ze terecht. En al snel volgde het einde van haar rol als Op1-presentator.

In augustus is ze vervolgens zelf te gast bij het programma Media Inside. Daarin doet ze een boekje open over hoe haar tijd als Op1-presentator vanaf het begin is verlopen. Er werd haar via de redactie of via KRO-NCRV duidelijk gemaakt dat er ontevreden politici zijn die haar aanstelling als presentator niet appreciëren. Ze wordt moeilijk en vervelend gevonden door de redactie. Ik ben blij dat ze deze situatie toen naar buiten heeft gebracht bij Media Inside. Dit is vaak hoe het achter de schermen gaat en daarom wilde ik dit ook graag met jou bespreken. Je wordt snel bestempeld als ‘moeilijk.’ Je wordt dan ook binnengehaald als het kritische geluid. Zo word je ook naar voren geschoven, zeker als biculturele vrouw, maar ondertussen achter de schermen is het afzien. Hoe heb jij daar naar gekeken One’sy?

One’sy: Ik denk dat wij het wel heel erg eens zijn met elkaar. De hele situatie was vreemd. Ze was nét begonnen bij Op1 en moest dan weer weg. Je bent op dat moment ook nog niet op de hoogte van wat achter de schermen allemaal gebeurt. Maar verbaasd of verrast ben ik niet.

Zoë: Heb je ook dat interview met Aldith Hunkar in De Volkskrant gelezen? Daarin beschrijft zij haar struggles in de journalistiek, zij werd ook vaak als ‘moeilijk’ en ‘vervelend’ weggezet. Dat is precies wat Talitha Muusse in het Media Inside-interview beschrijft. Voor mij is het ook enorm herkenbaar. Wat ik er zo venijnig aan vind, is dat veel mannelijke journalisten in positieve zin kritisch en scherp worden genoemd. Maar wij worden al snel als moeilijk en vervelend ervaren.

One’sy: Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat daar misschien iets van misogynie in meespeelt. Het is niet toevallig dat je drie voorbeelden benoemt – jezelf incluis – en dat het allemaal vrouwen zijn. Ook dat verbaast me niets.

Zoë: Dat wordt nog eens extra duidelijk, want er ontstond ook een relletje rondom de heer Jort Kelder, een andere presentator van dit programma (Op1). Eén van zijn redacteuren van een ander programma had een aantal jaren geleden campagnefilmpjes gemaakt voor een politieke partij, niet toevallig het Forum voor Democratie. Jort Kelder financierde deze opdracht, naar eigen zeggen om zijn redacteur te steunen in zijn opleiding. En het is ook bekend dat hij een innige vriendschap heeft met onze demissionair minister-president. En wie zit daar nog steeds vrolijk Op1 te presenteren? Jort Kelder. Er zijn natuurlijk ook op dit moment meerdere presentatoren die opiniemakende figuren zijn, waaronder Charles Groenhuijsen, Tijs van den Brink. Hun kritisch geluid wordt echter als kritisch gezien en niet als problematisch.

One’sy: Zij zijn natuurlijk al langer actief in het journalistieke veld. Talitha was een nieuwe naam en moest nog naambekendheid opbouwen. Maar naast het feit dat ze kritisch en activistisch was, is ze een goede journalist, maar ze had nog veel meer te bewijzen dan de andere presentatoren. Een Charles Groenhuijsen of een Tijs van den Brink zijn dinosaurussen, iedereen herkent hen als gevestigde journalisten of ze nu ‘goed’ zijn of niet. Talitha werd volgens mij al vanaf het begin in vraag gesteld.

Zoë: Dat is wel een goed punt. Dit maakt het wel moeilijk om nieuwe talentvolle journalisten ervaring te laten opdoen maar ook om een nieuwe vorm van journalistiek te bedrijven. Dat hele idee van ‘neutraal zijn’ als journalist – wat al die andere journalisten ook niet zijn – dat slaat natuurlijk nergens op. Daarom vind ik iemand als Talitha Muussee veel eerlijker. Daar heb ik meer vertrouwen in omdat het duidelijk is vanuit welke hoek ze komt. Hiermee torpedeer je volledig deze eerlijke journalistiek. Wie heeft nu nog zin om dit soort onderwerpen op te pakken? Dat wordt steeds ingewikkelder.

One’sy: Ik niet. Als je dit hoort als jonge journalist zijnde, dan weet ik niet of je nog kritisch durft te zijn, wetende wat de mogelijke gevolgen kunnen zijn.

Zoë: Tot zover de Talitha Muusse-gate als illustratie van hoe het vaak achter de schermen gaat in talkshowland. Waaraan heb jij je dit jaar écht geërgerd?

One’sy: We hebben natuurlijk een sportzomer achter de rug met de Olympische spelen waar behoorlijk wat gaande was. Laten we beginnen met het verhaal van ‘de Snollebollekes’. Sifan Hassan wint een hele hoop medailles voor Nederland en dan krijgt zij de vraag van een verslaggever of zij de Snollebollekes kent.

Zoë: Ja, want toen Sifan over de finish liep, werd er blijkbaar een nummer van de Snollebollekes gedraaid. De verslaggever wou een ‘leuke’ originele vraag stellen en dus vroeg hij aan Sifan of zij de Snollebollekes kent. Even voor de zekerheid, ik denk toch dat er mensen zijn die zich afvragen wat er dan zo fout is aan deze vraag; het is toch ‘grappig’?

One’sy: Deze vraag zal niet aan iedereen gesteld worden. Ik weet dat de journalist in kwestie heeft gezegd dat hij die vraag ook aan Dafne Schippers zou hebben gesteld. Maar vaak moeten mensen die niet wit of niet in Nederland geboren zijn – zoals in het geval van Sifan Hassan – bewijzen dat ze wel “échte” Nederlanders zijn. Je moet laten zien dat je correct Nederlands spreekt, dit is in haar geval wel zo, met een accent. Je moet bewijzen dat je de Nederlandse cultuur, wat dat ook inhoudt, niet alleen kent maar ook geweldig vindt. Dat doe je blijkbaar door de Snollebollekes te kennen. Journalisten die dit soort vragen stellen, kunnen dan wel iedere keer benadrukken dat ze deze vraag ook aan een Dafne Schippers zouden stellen maar bij Dafne Schippers zou deze vraag niet dezelfde lading hebben. En zouden zij die vraag écht aan Dafne Schippers stellen? Ik betwijfel het. Journalisten moeten begrijpen dat zij niet de enigen zijn die deze vraag stellen aan Sifan. Zij moet continu bewijzen dat ze Nederlander is. Dafne hoeft dat nooit te bewijzen en krijgt niet steeds met dit soort vragen te maken.

Zoë: Het wordt vaak ook wel extra benadrukt bij mensen met een vluchtverleden zoals Sifan Hassan. Er wordt een soort dankbaarheid en extra kennis verwacht. Onlangs was ik op een bijeenkomst waar iedereen iets over zijn/haar/hun culturele achtergrond mocht vertellen. Ik was eigenlijk de enige met niet-Nederlandse roots. Het gaat vaak om het feit dat deze vraag altijd aan bepaalde mensen wordt gesteld. Ik krijg die ‘afkomstvragen’ natuurlijk altijd. Het is niet per se dat ik er niets over wil vertellen maar het is wel vermoeiend. Het is fijn als dit soort vragen aan iedereen worden gesteld, ook aan individuen waarbij je dat ‘normaal gezien’ niet zou verwachten, de zgn. inheemse Nederlanders. Dat maakt dan ook het verschil in de vraagstelling.

One’sy: Ik denk dat we gewoon een speciale categorie in het leven moeten roepen voor het AD concern want in De Gelderlander, onderdeel van het AD, verscheen een briefwisseling tussen twee journalisten waarin het ‘brabbeltaaltje’ van Sifan ter sprake kwam. (Zoë zucht) De kop bij dat artikel op de website van De Gelderlander sloeg alles. Deze luidt als volgt: ‘Na anderhalf uur wachten eindelijk antwoord van Hassan’. En nu komt het deel dat ik eigenlijk niet wil uitspreken maar ik doe het toch even: ‘Nu pijn niet meer, geen excoes bla bla‘. Dat was de kop. Ik weet niet eens waarom ik nog zou moeten uitleggen waarom deze titel uiterst ongepast is. Het ergste aan dit incident is dat iemand deze kop heeft bedacht. De journalisten hebben het over een ‘brabbeltaaltje’ en verder heeft een eindredacteur of vormgever deze kop goedgekeurd voor publicatie.

Zoë: Ik zit hier met mijn hoofd de schudden van verontwaardiging. Het is écht te erg. Dat er in heel dat proces niemand heeft ingegrepen, is onbegrijpelijk.

One’sy: Ze hebben het ondertussen aangepast. But we’ve still got the screenshot! Dezelfde journalist die de Snollebollekes-uitspraak verdedigd had, kon geen verantwoording geven voor de term ‘brabbeltaaltje’. Je moet daar verder op ingaan als redactie en niet alleen de kop even aanpassen. Allereerst moet je je excuseren tegenover Sifan Hassan want zij wint al die medailles voor jouw land, voor ons land. Ten tweede, het is gewoonweg niet netjes. Je verstaat Sifan perfect, begrijpt wat ze bedoelt dus wat maakt het uit dat ze niet in volzinnen spreekt.

Zoë: Het is echt een zeer denigrerende manier om over iemand te schrijven. Het is vreselijk dat dit uiteindelijk in een krant eindigt.

One’sy: Ik wil ook nog even een negatieve shoutout doen naar het NRC want ook zij schreven een artikel over Sifan Hassan met de zin ‘Een cynicus zou het een brabbeltaaltje kunnen noemen’. De term ‘brabbeltaaltje’ verscheen dus in meerdere Nederlandse media. Daarnaast had NRC het over de dreadlocks van Sifan Hassan, letterlijk: ‘De dreadlocks van Sifan Hassan swingden mee…’ (Bron: https://www.nrc.nl/nieuws/2021/06/06/de-instant-poezie-van-sifan-a4046292). Daar vind ik, als zwarte vrouw, wat van.

Overigens een positieve shoutout naar Sifan. Zij had twists in haar haar gedaan voor de wedstrijd. Toen ze op het podium verscheen om de medaille in ontvangst te nemen, had ze een twistout, een mooie afro. Zij had dus haar haar geprept om later die afro te kunnen hebben en dat vond ik té gek. Dat is even een sidenote die mensen met black hair wellicht zullen begrijpen. Om terug te komen op die ongepaste zin van het NRC; het zijn geen dreadlocks, het zijn twists. (zucht) Hier hebben we het ook over gehad in onze aflevering met Janice Deul waarin we mode- en lifestylemissers bespraken. Dit verhaal is dus weer een voorbeeld van slordig taalgebruik.

Zoë: Er wordt ook in bepaalde audiovisuele programma’s muziek gebruikt om mensen te exotiseren. Het kan soms een mooie bijdrage zijn wanneer iemands afkomst ergens een rol in speelt maar er is een soort van hyperfocus ontstaan.

One’sy: Als Sifan ‘gewone’ krullen had gehad, dan hadden ze waarschijnlijk ‘dansen mee’ in plaats van ‘swingen’ gebruikt. Swingen is dan nét weer die stereotypes van zwarte mensen benadrukken.

Zoë: Ik begrijp dat mensen literair willen overkomen en verhalen aantrekkelijk willen overbrengen maar het schiet door in stereotypen en het uitlichten van bepaalde eigenschappen in plaats van te focussen op de sportprestaties. In De Groene Amsterdammer staat een goed stuk van Naïm Derbali. Hierin beschrijft hij hoe er over zwarte en biculturele voetballers wordt geschreven in vergelijking met witte voetballers. Zo krijg je zogenaamde illustratieve bijzinnen en bijvoeglijke naamwoorden zoals ‘de sterke’.

One’sy: Bij zwarte spelers is het vaak een fysieke beschrijving terwijl het bij witte spelers gaat om hun talent en intelligentie. Dat artikel gaan we in de show notes plaatsen.

Zoë: Je had nog een mediamisser rond de Olympische Spelen, toch? Het was echt prijsschieten wat betreft Bonte Was Podcast en de Olympische Spelen.

One’sy: Een verslaggever van de NOS moest in quarantaine op zijn hotelkamer in Tokio en maakte Instagram Stories. Deze stories gingen in eerste instantie over het – naar zijn smaak – vieze eten; waar ook de sporters over klaagden. Er werd blijkbaar enkel rijst geserveerd. Heel gek, rijst in een Aziatisch land (sarcastisch), daar heb je niet elke dag aardappelen op het menu, nee. De verslaggever maakte een story waarin hij een live ondertiteling deed bij een Japanse sportploeg. De journalist besloot te ‘chingchongen’, dat wil zeggen ‘fonetisch’ een Aziatische taal nadoen. Iemand vond dit niet kunnen, heeft deze story gefilmd en op Twitter gegooid. Zijn reactie daarop was: “Ik probeerde gewoon na te bootsen hoe het Japanse commentaar in mijn oren klonk, net zoals sommige mensen Nederlanders nadoen. Ik maakte niemand belachelijk.” Die journalist heeft dus niet door dat het nadoen van andere talen problematisch is en dat er veel meer achter dat na-apen zit.

Zoë: Het is bijna het reverse racism argument. Dat vinden mensen altijd heel moeilijk. De machtsverhoudingen in de wereld liggen helaas nog steeds scheef, waarop Noordwest-Europa, de VS en Canada een behoorlijke stempel drukken. Deze verhoudingen zijn historisch zo gegroeid. Het westen heeft een zekere dominantie gehad op wereldniveau en wist – weet nog steeds – deze machtsverhoudingen te beïnvloeden waardoor het toch écht anders is als een Japanner een Nederlander nadoet dan omgekeerd. Wat niet wil zeggen dat Japanners nu heel de tijd Nederlanders moeten gaan nadoen, maar door deze machtsverhoudingen trap je omlaag bij wijze van spreken.

One’sy: Het feit dat hij deze machtsverhoudingen niet ziet, is natuurlijk wat er bijna altijd gebeurt. Het is vergelijkbaar met iemand een ‘compliment’ geven zoals ‘wat spreek je goed Nederlands’, en niet doorhebben dat dit helemaal geen compliment is. Je zet mensen hiermee meteen weg als ‘de ander’ en misschien zelfs wel als ‘minder’. Hier heb ik mij enorm aan gestoord. De story is natuurlijk verwijderd en zijn Instagram-account ging op privé. De NOS heeft er niets van gezegd. Dat is wel jammer…

Zoë: Het is niet echt feest in sportredactieland. Ik wil niet alle sportredacties over een kam scheren. Maar ik geef ook nog een voorbeeld van de VRT (Vlaamse Radio- en Televisieomroep). Een Belgische verslaggever deed een Facebook-livestream over het feest en de terugkeer van alle Belgische successen na afloop van de Olympische Spelen. Op een gegeven moment ging het over het Belgisch vrouwen basketbalteam waarbij de verslaggever, die dacht dat de livestream was afgelopen terwijl dit niet het geval was, seksistische en LHBTQIA+-fobe uitspraken deed over enkele teamleden. Hij gebruikte termen als ‘menneke’ of ‘er zit maar één hetero bij’ of ‘the mountain’ en nog meer vreselijke uitspraken. Deze verslaggever is geschorst en dat is een goed signaal van de VRT. Het blijft wel problematisch dat er over vrouwelijke sporters veel sneller denigrerend wordt gesproken. Dit soort negatieve opmerkingen worden sowieso minder serieus genomen. Er is ook veel minder aandacht voor de sportprestaties van vrouwen. Er wordt veel meer aandacht geschonken aan hoe ze eruit zien en er worden vaak opmerkingen over het al dan niet queer-zijn bijgehaald. Dit is een issue in de hele sportverslaggeverij. Ik heb daar toen ook over gepost maar hoop ook dat een mediabedrijf als de VRT aangeeft wat er verder gebeurt op die redacties. Er moeten reparaties plaatsvinden. Deze incidenten moeten op zo’n sportredactie besproken worden. Zij moeten zich de vraag stellen: wat voor grappen maken we eigenlijk over de mensen waar wij verslag over uitbrengen?

One’sy: Deze verslaggever voelde zich ook veilig genoeg in die omgeving om zulke uitspraken te maken. Eigenlijk moet heel die redactie aan zelfreflectie doen.

Zoë: Ik heb het zelf ook meegemaakt op een sportredactie waar ik een gesprek lanceerde over meer inclusief verslaggeven. Het ging over de cultuur en hoe je met elkaar omgaat. Grappen maken is een belangrijk onderdeel van de werksfeer en het is vaak aftasten wat al dan niet door de beugel kan. Toen ik opperde dat je als sportredactie eens zou moeten nadenken over het bewust of onbewust maken van seksistische grappen, zag je het ongemakkelijke geschuif al toenemen, namelijk de alombekende ‘je mag ook niks meer zeggen’- gedachte. Het is als werkgever jouw plicht om te zorgen voor een discriminatievrije werkomgeving. De regels die in het publieke debat passen, zoals vrije meningsuiting, zijn op een andere manier van toepassing op de werkvloer. Je kan je ook afvragen in hoeverre je wil discrimineren in de publieke sfeer, maar het mag bij wet gewoonweg niet op de werkvloer. Daar moet je paal en perk aan stellen. Bij dit soort berichtgeving vraag ik mij af wat er verder gebeurt binnen een bedrijf als de VRT of NOS. We horen er helemaal niets meer over.

Ik wilde er trouwens nog een misser ingooien. Een voorbeeldje van iets dat ook wel vaker gebeurt en wat ik heel heftig vind. Je had deze zomer de vreselijke realiteit in Afghanistan waar de Taliban weer aan het roer is. Veel mensen probeerden daar dan ook weg te komen, ook velen die voor Westerse landen in dienst zijn geweest en daar natuurlijk extra gevaar lopen. Er verscheen op de voorpagina van De Volkskrant een beeld van Afghanen in een vliegtuig die dicht op elkaar staan. Daar staat dan een kop boven: ‘De vluchtelingenstroom mag Europa dit keer niet bereiken’. Door zo’n beeld te plaatsen bij een kop met een politiek verhaal misbruik je de vreselijke realiteit van mensen in misschien wel het meest verschrikkelijke moment van hun leven. De Volkskrant heeft dan ook een geschiedenis van ongepaste koppen met foto’s. Maar hoe heeft dit toch kunnen gebeuren?

One’sy: Ik hoor eigenlijk alweer twee thema-uitzendingen die we kunnen maken, een over sportjournalistiek en een ander over de manier waarop er over vluchtelingen wordt gesproken (in de media). Daar kunnen we nog dieper in duiken.

Zoë: Daar ben ik het helemaal mee eens. Dus, lieve luisteraar, in een nieuw seizoen kunnen jullie alvast deze onderwerpen verwachten.

One’sy: Ik wil even stilstaan bij Prinsjesdag en nogmaals een incident met het AD. Wie werkt daar eigenlijk? Doen ze het erom? Sylvana Simons had dus een hoofddoek omgebonden ter gelegenheid van hoedjesdag en het onderschrift bij een AD-artikel was: ‘Sylvana Simons eert haar Antilliaanse roots’. Allereerst wil ik benadrukken dat de Antillen niet meer bestaan. De voormalig Nederlandse Antillen waren een kolonie van Nederland maar dit is verleden tijd. Ten tweede, Sylvana’s roots liggen in Suriname. (lacht)

Zoë: Ik ga er ook nog eentje toevoegen en daarna heb ik ook best wel wat positieve shoutouts. WOMEN Inc. had een goede post op Instagram gezet over een lead in NRC. Het artikel ging over het feit dat zwangere vrouwen veel stress ervaren met als leadtekst: ‘Een drukke en een torenhoge ambitie levert zwangere vrouwen stress op. Kinderarts Jaddoe ziet in zijn ziekenhuis overijverige vrouwen die problemen krijgen tijdens hun zwangerschap en ook jonge ambitieuze vaders die worstelen met tijdgebrek.’ Deze post ging bij WOMEN Inc. viraal en ik heb het ook gedeeld op mijn LinkedIn waar het veel traffic kreeg. Dit is een uitstekend voorbeeld van hoe er vooroordelen en stereotypering in bijvoeglijke naamwoorden zitten. Onder de post van WOMEN Inc. ben ik op een gegeven moment gestopt met alle comments te lezen. Op LinkedIn zie je dan weer een ander type mens reageren. Er waren veel mensen die dat op dezelfde manier aanvoelden, maar er waren er ook die vonden dat het te ver ging en uitspraken deden zoals ‘je moet niet op elke slak zout leggen’. Maar op elke ongelijkwaardige slak moet er juist wel zout gestrooid worden!

Dit laat zien hoe wij nog steeds denken over werkende zwangere vrouwen in tegenstelling tot hun partners; het wordt op een totaal andere manier verwoord. Ik trek de lijn even door naar een ander stuk van NRC dat in september verscheen met als kop: Fulltime werken en parttime moederen. Waarom doen zo weinig vrouwen dat? Hier zit weer een soort waardeoordeel in. Het was verder een goed stuk naar aanleiding van een promotieonderzoek van wetenschapster-psycholoog Lianne Aarntzen over hoe het schuldgevoel bij werkende moeders vaak immens is. Ik heb het zelf vaak meegemaakt, ook vanuit mijn directe omgeving. Uitspraken zoals kinderen zijn liever bij de moeder, wat werk jij toch veel en zo gaat het maar door. Het zit in kleine subtiele dingen zoals ook de kinderopvang of school die altijd eerst de moeder belt of kinderoppassen die toch liever contact hebben met de moeder.

Er zijn voor het onderzoek interessante vrouwen geïnterviewd die fulltime werkten maar dan komt de vraag: welke bronnen gebruik je als medium om hierop te reageren? Met alle respect voor allerlei type coaches maar de gekozen bron was een loopbaancoach voor vrouwen die advies geeft in de zin van: vrouwen begrijpen de masculiene spelregels niet en moeten op hun eigen manier dat mannelijke spel meespelen. Ja, daar krijg ik nou zo’n lange, masculiene baard van.

One’sy: Dat moeten we helemaal niet. Laat de mannen misschien de feminiene regels eens wat beter begrijpen. Als deze al bestaan. Dat zijn tenslotte eigenschappen die we als maatschappij aan mannen en vrouwen hebben toegeschreven.

Zoë: Dat hele onderscheid masculien-feminien vind ik ook alweer complex. Zo’n loopbaancoach heeft best wel een centrale, bepalende rol in zo’n artikel. Het is zo vermoeiend om te zien hoe mensen toch weer in die vastgelegde frames denken. Het is tijd om hiermee op te houden want 2022 klopt op de deur. Can we move on, please?

One’sy: Waarvan akte. (lacht) Ik heb nog wel een voorbeeld van een podcast die ik heel tof vond om te luisteren. Maar er is wel iets waar ik me aan heb geërgerd. Ik geef hierbij de credits aan onze vriendin Vinny Tailor die me hierover tipte. Het betreft de podcast van de EO Who’s your daddy? over een 3FM DJ die onderzoekt waarom de band met zijn vader zo slecht is. Dat is een mooi maar ook schokkend verhaal; het is ook zeer goed gebracht. Ik zeg er even bij dat Joram, de 3FM DJ, een witte jongen is. Als je dan naar de website van de EO gaat en zoekt op Who’s your daddy? podcast, dan zie je daar een foto van een zwarte jongen bijstaan. Ik begrijp überhaupt niet waarom er geen foto van de podcastmaker werd gekozen. De introtekst luidt als volgt: Who’s your daddy? Welke invloed heeft een afwezige vader op jouw leven? EO-presentator Joram Kaat hoopt hier antwoord op te krijgen tijdens zijn zoektocht. Op het plaatje achter deze tekst zie je een zwarte jongen met een koptelefoon op die wat moeilijk kijkt. Dit is gewoon met opzet gedaan.

Zoë: Een redactie zou moeten weten dat dit een frame is waar vaak wordt ingetrapt. Het is ook zo raar om een andere afbeelding te gebruiken omdat je er gewoon een foto van die presentator bij kan zetten. Heel vreemd!

One’sy: Omdat we anders heel lang in mineurs blijven, kunnen we best even naar wat opstekers gaan.

Zoë: Ik vond de column van Seada Nourhussen, hoofdredacteur van OneWorld, heel fijn. De kop luidde: ‘Laat mij een middelmatige migrant zijn’. Dat is natuurlijk ook haar Twitternaam, nl. @MediocreMigrant. Het stuk is een uiteenzetting van hoe we in Nederland toch ook weer altijd van mensen verwachten, die ‘niet-oorspronkelijke’ Nederlanders zijn, dat ze op hun beste gedrag zijn. Mensen worden pas als échte Nederlanders gezien indien ze succesvol zijn. Als je kritiek levert, dan ben je niet dankbaar genoeg. We moeten echt afrekenen met dit gedachtegoed. Het gaat steeds over geaccepteerd worden door Nederland. Waarom moeten ‘niet-oorspronkelijke’ Nederlanders altijd maar uitblinken voordat ze als Nederlander gezien worden?

One’sy: Laten we dit artikel ook in de show notes plaatsen.

Zoë: Had jij ook nog opstekers?

One’sy: Ik heb het helaas niet meer kunnen terugvinden omdat het via een Instagram story was geplaatst. Maar ik doe graag een shoutout naar Natasja Gibbs, presentator van De Nieuws BV op Radio 1. Zij postte een story waarin iemand tegen haar zei dat er veel items in haar programma verschijnen over de eilanden sinds zij presentator is. Haar reactie: “Dat klopt!” En dat was haar antwoord. Heerlijke clapback van Natasja Gibbs. “Het betreft toch Nederland. Dus wat is je punt?” Dat geeft meteen weer aan dat mensen onderwerpen die iets verder van hun leefwereld staan minder dulden. Maar juist omdat ze niets over deze thema’s te zien of te horen krijgen, staat het verder van ze af.

Ik wil ook nog even wijzen op de nieuwsbrief van Sanne Breimer, een journaliste en een oud-collega van mij, die zich heel erg bezighoudt met inclusieve journalistiek. Zij wil vooral witte journalisten laten reflecteren op zichzelf en racisme ontmantelen binnen de media. Zij deelt kritische posts op haar social mediakanalen en stuurt ook een wekelijkse nieuwsbrief uit, Inclusive Journalism. We kunnen in de show notes misschien een registratielink plaatsen naar haar nieuwsbrief. Sanne had laatst bijvoorbeeld een interessante post geplaatst over parachute journalism, nl. journalisten die worden ingevlogen in een land terwijl ze eigenlijk niets weten over de situatie; zij verblijven er een paar dagen en gaan dan weer weg. Wanneer dit type journalisten de berichtgeving doet, dan kan je er bijna zeker van zijn dat je niet het volledige verhaal hoort. Sanne haalt aan dat er genoeg journalisten ter plekke zijn met kennis van de lokale situatie. Waarom moet er weer iemand uit het westen komen voor een vijfdaagse reportage? Hetzelfde geldt voor de verslaggeving over bv. Afghanistan.

Zoë: We hebben dit volgens mij in de podcast met Roozbeh Kaboly besproken. Toen ging het over dat ‘Nederlandse sausje’ dat erover heen moet waardoor er dan toch weer een Nederlandse verslaggever heen-en-weer wordt gevolgen. Heel zonde.

Ik had trouwens nog twee opstekers. Eentje was een goed stuk in De Groene Amsterdammer van Mira Feticu, De vin van de haai, over arbeidsmigranten in Den Haag.

Veel arbeidsmigranten zijn van Bulgaarse, Roemeense, Poolse en ook Zuid-Europese, bijvoorbeeld Griekse, afkomst. Mira probeert die wereld een beetje in beeld te brengen. Deze wereld sneeuwt in gesprekken over racisme en xenofobie vaak onder omdat het deels nieuwe groepen migranten zijn. Ik hoop dat de journalistiek hier meer aandacht voor gaat hebben want de arbeids- en leefomstandigheden van deze mensen zijn betreurenswaardig. Het is ook een onzichtbare wereld door onder andere het EU-beleid. Deze mensen zijn EU-leden en hoeven zich dusdanig niet te registeren waardoor er ook weinig cijfers te vinden zijn. Dat zijn situaties die heel erg makkelijk aan ons voorbijtrekken. Zij heeft echt een poging gedaan om hier iets van een inkijk te geven in hoe mensen werken en leven.

En, we hebben het nog niet gehad over het toeslagenschandaal en alle mediaberichtgeving daarrond maar het lijkt mij goed om daar ook nog een aparte aflevering over te maken in een nieuw seizoen. Het is natuurlijk sowieso een van de meest vreselijke gebeurtenissen in de recente geschiedenis. Het heeft menslevens verwoest. Er is recent een sterke documentaire over gemaakt door 2Doc, Alleen tegen de staat. Ik noem het een waargebeurde thriller maar het geeft ook een duidelijk zicht op het schandaal. Vijf moeders worden geïnterviewd en vertellen vanaf het moment dat het hele proces begint, nl. hoe hun leven was voor het toeslagenschandaal en erna. Ik zeg ook bewust toeslagenschandaal; het is geen affaire, het is een schandaal. Nogmaals wil ik het belang van taalgebruik benadrukken. Wanneer je affaire gebruikt dan klinkt het veel te zacht voor wat het is. We kunnen hier misschien nog een aflevering aan wijden want daar is veel omheen gebeurd, ook in de verslaggeving.

One’sy: Wat me opvalt dat veel genegeerd wordt, is de bekende olifant in de kamer: de afkomst van de slachtoffers! Zoals je kan horen hebben we genoeg ideeën voor het nieuwe seizoen. Wanneer dat er precies van gaat komen, dat zal zijn als de kleine dame op mijn schoot iets zelfstandiger is denk ik, maar het is niet zo dat we nu weer een jaar ertussenuit gaan.

Zoë: Er komt dit jaar zeker nog een eindejaarsaflevering. We houden jullie natuurlijk ook op de hoogte van het nieuwe seizoen. Bonte Was is back! No worries. Mediamissers en -opstekers kunnen ook naar ons getweet of gemaild worden. Vind ons op de socials. One’sy zit vooral op Instagram, ik vooral op LinkedIn. Laat het ons weten wanneer je iets ziet voorbijkomen, we nemen het graag mee.

Deze tekstbewerking is tot stand gekomen met behulp van Elodie Kona.