Het is deze maand vijf jaar geleden dat een militaire coup een eind maakte aan de democratie in Myanmar. Dat gebeurde na een periode van voorzichtige democratisering, vanaf 2011, en eerlijke parlementaire verkiezingen in 2015 en 2020. In feite herhaalde zich de geschiedenis. Steeds als democratie in Myanmar vorm begon te krijgen, grepen militairen in. Dat gold voor zowel het leiderschap als de staatsvorm.

Aung San Suu Kyi, de leider van de grootste politieke partij werd keer op keer gearresteerd, verbannen, opgesloten, ook nu en nog steeds, hermetisch afgesloten van de buitenwereld. Het parlement werd ontbonden, het parlementaire verleden vernietigd, heel letterlijk, afgelopen week werd het archief in het openbaar verbrand. Intussen is er een nieuwe door de militairen gecontroleerde volksvertegenwoordiging aangesteld, terwijl het land in oorlog is.

Want het verleden is niet afgesloten. Myanmar leeft met de langstlopende conflicten in de wereld. Sinds de onafhankelijkheid in 1948 wordt gestreden om een evenredige verdeling van de macht, waarbij idealiter de verschillende etnische en religieuze minderheden erkend zouden worden en in federaal verband hun aandeel zouden krijgen. Maar de macht werd militair gecentraliseerd en minderheden gemarginaliseerd. In alle grensregio’s van het land werd daarop de tegenbeweging georganiseerd en ontstonden volksmilities. De burgeroorlog die volgde werd vooral een opstand tegen het centraal gezag van het leger. Gedurende al die jaren zijn honderdduizenden burgers gevlucht, in het oosten van het land naar Thailand, in het westen naar Bangladesh.

Vanaf de coup van februari 2021 bombardeert het leger dorpen, burgerdoelen tot en met ziekenhuizen en kerkgebouwen. Opnieuw ontstonden vluchtelingenkampen, nu ook in eigen land. Al die jaren van conflict hebben ertoe geleid dat meerdere generaties Myanmarezen zijn opgegroeid in het buitenland, als vluchteling in Bangladesh en Thailand en van daaruit op plekken overal ter wereld. Zo ook in Nederland, dat rond de eeuwwisseling vluchtelingen uitnodigde en ontving uit met name Karen State, de deelstaat waarin de Karen-minderheidsgroep de meerderheid van de bevolking vormt.

Toen ik in Hongkong aan het Luthers Theologisch Seminarie doceerde, had ik veel studenten uit Myanmar en heb ik het land meerdere keren kunnen bezoeken. Terug in Nederland leerde ik de christelijke Karen-gemeenschap van Tiel en omgeving kennen. Eens per maand is er een viering waarin in de eigen taal wordt gezongen en gebeden, de Bijbel gelezen en uitgelegd, informatie en lief en leed gedeeld. Een gemeenschap van christenmigranten die nu een generatie in Nederland woont en werkt. Een gemeenschap die op afstand moet meemaken hoe familie en vrienden ver weg gedwongen zijn te leven met het brute geweld van een militaire dictatuur.

Gelukkig kan via de digitale weg contact worden onderhouden met de mensen daar, en is er af en toe ook opbeurend nieuws. Op de theologische school van de baptistenkerk van de Karen-minderheid in Yangon, de grootste van Myanmar, werd, juist uit zorg voor alle schade die het bewind toebrengt aan mens en natuur, het Creation Research Center opgericht. Er is een bibliotheek opgebouwd met relevante literatuur, er wordt aandacht gevraagd voor de ernstige milieuproblemen, er zijn interreligieuze dialogen gehouden en recent studeerden de eerste studenten af met een master in ecotheologie. Een teken van hoop in een land, in een wereld, waarin mensen zuchten onder machthebbers die denken dat zij kunnen beschikken over land en mensen.

Tjeerd-de-Boer

Tjeerd de Boer

Dr. Tjeerd de Boer is zendingspredikant van de Protestantse Kerk in Nederland. Hij doceerde als medewerker van Kerk in Actie in Chili, …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.