De inleiding van het boek is geschreven door Alain Verheij. “Het is belangrijk dat je als kerkvergroener Gods heilige rust in het oog houdt als oorsprong, doel en zin van de schepping waarvan wij deel uitmaken,” zo schrijft hij. “Voor je het weet wordt verduurzaming namelijk een van de vele karweitjes die we moeten oplossen. Een item op een to-dolijst. Voor je het weet doen we het uit een drammerig rechtvaardigheidsgevoel waaruit de liefde voor God, mens, schepping langzaam maar zeker is weggesijpeld. Dan ga je met je groene idealen ‘mensen inzetten als pionnetjes voor jouw plan’, zoals Lydia van Maurik waarschuwt in hoofdstuk 5.”

En Verheij vervolgt: “Net zo goed moeten we onthouden dat het nog altijd Gods schepping is. Zeker, we moeten terugkeren van de goddeloze wijze waarop we als mensheid zijn omgesprongen met de natuur. Terecht spreekt Marjolein Tiemens over een ecologische bekering. Maar de zin ‘Keer terug naar Mij, dan zal Ik naar jullie terugkeren’ (Zach. 1:3) is niet alleen een oproep maar ook een belofte. Dit vertrouwen moet overheersen in al ons spreken over de klimaatcrisis. Onverschilligheid is een zonde, moedeloosheid en groene maakbaarheidsillusies ook.”

En er is Verheij wat aan gelegen dat kerkvergroeners de moed niet opgeven. Hij schrijft: “Festina lente, zei een beroemde spreuk in de tijd van Jezus: haast je langzaam. Houd dat in het oog terwijl je dit boek leest. Er moet ontzettend veel gebeuren – en dit kan alleen gebeuren zolang je weet dat de rust je basis en je bestemming is als schepsel van God.”

Drukwerk

En in haar bijdrage schrijft Carla Dik-Faber: “Scheppingszorg is een Bijbelse opdracht. We zijn geroepen om recht te doen aan al het leven op aarde. Dat betekent dat de hele schepping kan zijn zoals God het bedoeld heeft. Je vindt deze woorden terug bij de profeet Micha over wat een goed leven is (Micha 6:8). ‘Recht doen’, slechts twee woorden. Het lijkt zo eenvoudig en toch schieten we daarin maar al te vaak tekort. Onze manier van leven – en dat geldt ook voor mijn leven – is lang niet altijd een getuigenis van Gods liefde voor de wereld.”

“Waar dat toe leidt, zie je vrijwel dagelijks in het nieuws,” zo vervolgt Dik-Faber. “Klimaatverandering brengt niet alleen ecosystemen in de war. Het raakt vooral onze broeders en zusters in het mondiale Zuiden (landen waar een groot deel van de bevolking onder de armoedegrens leeft), terwijl zij niet of nauwelijks hebben bijgedragen aan de oorzaken daarvan en ook niet de middelen hebben om zich ertegen te beschermen. We nemen meer grondstoffen dan de aarde kan voortbrengen. Productieprocessen zorgen voor milieuvervuiling en verlies van soortenrijkdom. Voor onze consumptiemaatschappij werken mensen elders op de wereld in erbarmelijke omstandigheden. Pijnlijk allemaal. Het is iets waar je je verdrietig en machteloos over kunt voelen.”

Het is goed om te bedenken dat je niet alle problemen kunt oplossen, stelt Dik-Faber. “Ook niet samen met je kerk. Of met alle kerken samen. Maar je kunt wel kleine stapjes zetten, doen wat op je pad komt. ‘De kleine goedheid’ is een begrip van de Frans-Joodse filosoof Levinas. De stappen die je zet hoeven niet groots of meeslepend te zijn. Juist in het kleine kun je van betekenis zijn, voor de ander en voor de aarde. Afval prikken in de wijk, tegels wippen in de kerktuin, een maaltijd voor de buurt organiseren.”

Het Handboek Kerkvergroeners (Buijten & Schipperheijn, 2025) kost € 19,95 en kan hier worden besteld.

Lees ook

Foto Carla Dik-Faber def2 – kopie

Carla Dik-Faber: “Ik mis soms de profetische stem van de kerk”

Projectleider GroeneKerken werkt samen met anderen aan haar groene missie

Logo_Personen

Redactie Nieuw Wij

Heeft u ook een nieuwstip? Of wilt u zelf publiceren? Laat het ons weten via de contactpagina.
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.