Een jaar geleden zag ik in het tijdschrift De Groene Amsterdammer een foto uit Afghanistan, vergezeld van een lang artikel over de reis van een Afghaanse man van Nederland naar Kabul en Herat. Zijn blik en verhaal waren aangenaam en onderhoudend, alsof het leven daar op een normale manier doorging. Diezelfde dag stuurde ik een berichtje naar een vriendin in de provincie Bamyan, Afghanistan: “Hallo, fijne dag!” Ze antwoordde kort: “Hallo, maar fijne dagen kennen we hier niet.”

Sinds dat bericht durf ik nauwelijks nog te praten met vrienden en kennissen die in Afghanistan wonen. Toch dringt zich elke dag een vraag sterker op: hoe houden vrouwen in Afghanistan het vol? Hoe geven meisjes, te midden van zo veel beperkingen en lijden, in zo’n donkere wereld betekenis aan hun bestaan? Vrouwen in Afghanistan worden geconfronteerd met ernstige beperkingen op het gebied van onderwijs en werk, en veel meisjes worden de toegang tot school ontzegd. De beroepsmogelijkheden voor vrouwen zijn sterk beperkt en hun toegang tot openbare en sociale diensten wordt door vele obstakels bemoeilijkt. Discriminerende wetten en tradities, samen met veiligheidsdreigingen, maken het dagelijks leven van vrouwen complex en gevaarlijk.

Opgesloten

Om dit beter te begrijpen, en te weten hoe een dag uit het leven van een Afghaanse vrouw eruitziet, spreek ik met Arya Balhki. Ik kwam haar tegen op sociale media, waar ze soms haar verhalen deelde. Arya is 24 jaar en woont in het noorden van Afghanistan. Ze schrijft korte verhalen en was laatstejaarsstudente aan de faculteit Rechten en Politieke Wetenschappen toen de Afghaanse regering in augustus 2021 omver werd geworpen door de taliban. Ze vertelt: “Toen het noorden viel, vluchtten we richting Kabul, maar nog voordat we aankwamen, hoorden we dat ook Kabul was gevallen.” Toen haar vriendengroep en familie uiteenvielen en vluchtten, werd ze steeds eenzamer. Het moeilijkst vindt ze het dat ze haar studie niet kon afronden. Vijftien jaar hard werken op school en aan de universiteit waren ineens voor niets geweest.

Arya legt uit dat, nadat de universiteiten na 15 augustus 2021 voor vrouwen sloten, ze naar een schoonheidssalon ging om het kappersvak te leren en zichzelf bezig te houden. Maar na een jaar werd ook dat verboden. Opnieuw zat ze opgesloten tussen vier muren. Na een tijd begon ze te zoeken naar online universiteiten en literaire en culturele verenigingen. Ze ging door met online lessen en schreef over creatieve literatuur.

Naald in plaats van pen

Ze vertelt: “In plaats van met mijn vriendinnen te blijven piekeren over onze toekomst, besloten we in beweging te komen, en te handelen. Elke keer als er één deur werd gesloten, zochten we een andere. Toen de schoonheidssalons dichtgingen, begonnen we te naaien. Het is nogal onwennig om in plaats van een pen ineens een naald in je hand te houden. Maar om te overleven, en om het leven zelfs maar een sprankje betekenis te geven, kan dat ene puntje hoopvol zijn – al is het maar zo klein als het oog van een naald.”

Arya deelt mee dat ze op een dag naar de bank gingen om het loon van haar zus, een lerares, op te halen; ze was zes maanden lang niet uitbetaald. De talibansoldaten dreven de vrouwen uit de hal van het gebouw. Toen ze protesteerden, werden ze geslagen met geweerkolven en zwepen. Een soldaat zei trots: “Over zes maanden zal de wereld ons erkennen en zullen we jullie met de grond gelijkmaken.” Sindsdien beeft haar hart telkens als de erkenning van de taliban in het nieuws ter sprake komt.

Soms wordt Arya wanhopig. “We weten nooit wat ons morgen te wachten staat. Soms werk ik even in het atelier, word ik prikkelbaar en wacht tot iemand iets zegt, zodat ik ruzie kan maken en mijn opgehoopte verdriet kan uiten…” Als ze haar onrust en verdriet met haar moeder wil delen, antwoordt die onverschillig: ‘Wat wil je, meisje? Je eet gratis brood en zit veilig thuis – waar klaag je over?’ Arya knikt dan alleen maar en zegt: ‘Niets.’

Zelf veranderen in taliban

Ze gaat slapen zonder aan morgen te denken, wetend dat het dan niet anders zal zijn dan vandaag. Ze maakt zich veel zorgen. “Wat als we aan de situatie gewend raken, als we langzaam zelf veranderen in taliban?” zegt ze. Die gedachte maakt haar bang. Arya vertelt over jonge meisjes die zelfmoord plegen. Over een zestienjarig meisje in hun buurt dat het twee keer probeerde, en over hun buurmeisje dat zichzelf van het leven beroofde. “Wanneer de meisjes zich te eenzaam en nutteloos voelen, en de angst en onzekerheid te groot worden, kiezen ze óf voor zelfmoord óf voor een huwelijk,” zegt ze.

Zo zag ze veel huwelijken voorbij komen. Meisjes die uit verveling, eenzaamheid en uitzichtloosheid, zelfs op jonge leeftijd trouwen en moeder worden; het is het enige dat ze kunnen doen. Toch, zegt Arya, zijn er ook kleine momenten van vreugde. Zo is ze onderdeel van een groep jonge schrijvers die stiekem een of twee keer per maand samenkomen. Ze praten daarin over creatieve schrijfprocessen, bespreken elkaars verhalen en doen schrijfoefeningen om hun vaardigheden te verbeteren. Zelfs tegen hun familie liegen ze over wat ze eigenlijk doen. Ze zegt dat ze hun zorgen delen, gedichten lezen en verhalen vertellen.

Deze bijeenkomsten, getekend door angst en geheimhouding, zijn de momenten van geluk die hen voortstuwen en beschermen. Tussen hun stille, weemoedige glimlachjes door blijven het leven, de vreugde en de hoop voelbaar aanwezig. Zodat niet alle betekenis in hun leven verloren gaat.

Dit interview verscheen eerder bij RFG Media. RFG Media is een organisatie met en voor gevluchte journalisten. RFG staat dan ook voor ReFuGee en heeft een dubbele missie. De eerste is gevluchte journalisten te helpen een plek te veroveren op de Nederlandse arbeidsmarkt. De tweede is de stem van gevluchte journalisten vaker en duidelijker laten klinken.

Saadat-Mousavi-Foto-Gaid-Abdo–scaled

Saadat Mousavi

Econoom en journalist

Saadat Mousavi is econoom en journalist en schrijft essays en analyses over culturele en sociale kwesties. Met zijn publicaties streeft hij …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.