Sinds 7 oktober 2023 beleeft Gaza de bloedigste periode en de strengste blokkade in de geschiedenis. Nu de oorlog bijna twee jaar duurt, beperkt de tragedie zich niet langer tot explosies en puin, maar zijn hongersnood, ontheemding en het verlies van basisbehoeften voor de gehele bevolking realiteit geworden. In dit artikel brengen we getuigenissen van binnenuit en van Palestijnen die Gaza hebben verlaten maar hun ziel er achterlieten.

Khamis Risha: ‘Binnen enkele dagen stopte het leven zoals we dat kenden’

Khamis Risha (52) is een Palestijnse vader van zeven kinderen, waarvan vier met hem in de wijk Al-Zaytoun wonen, in het oosten van Gaza-stad. Zijn vrouw en drie van zijn andere kinderen zijn voor het uitbreken van deze oorlog naar Roemenië gevlucht en wonen nu in Boekarest.

“Ik ben kleermaker. Voor de oorlog leidden we een eenvoudig leven. Ondanks de moeilijkheden was het leven gevuld met hoop. We werkten hard, droomden en zorgden voor ons dagelijks brood, hetzij via UNRWA, hetzij via onze eigen inspanningen. We waren moe, ja, maar we leefden niet zoals nu te midden van vernietiging en bloed. Mijn kinderen gingen naar school en ik kon hen te eten geven en in hun andere behoeften voorzien.

We waren geen onderdeel van wat er gebeurde op 7 oktober 2023. Alles ging heel snel. We waren niet voorbereid, niet mentaal, noch materieel. Wij zijn een volk dat van het leven houdt, we willen niemand doden, ongeacht iemands religie of nationaliteit. We verwerpen moord en vernietiging en geloven in vreedzaam samenleven.

Binnen enkele dagen stopte het leven zoals we dat kenden. Elektriciteit, water, internet, wegen, alles verdween. Sindsdien zijn we voortdurend op de vlucht, op zoek naar een veilige plek of iets om onze honger te stillen. In deze oorlog is ons niets gespaard gebleven. Beschietingen treffen huizen, straten, moskeeën en ziekenhuizen. Onze huizen storten in, we blijven ons verplaatsen. En elke keer dat we vertrekken, laten we een deel van onze herinneringen achter.
De zwaarste momenten zijn die waarop we zonder voedsel zitten, zonder drinkbaar water, zonder een plek om onze kinderen te beschermen. Dan begint het gebrul van vliegtuigen… hun geluid vlak vóór de explosie is angstaanjagender dan de explosie zelf. Na de explosie liggen de lichamen verspreid. We beleven een moment vol dood, angst, verbijstering. We breken, maar er is altijd iemand onder ons die ons weer wat hoop geeft. ‘We hebben het overleefd; kom, laten we de gewonden verzorgen, de doden begraven en de families troosten.

Eén moment kan en zal ik nooit vergeten. Ik lag met mijn kinderen in de tent te slapen. Een explosie vlakbij wekte ons. De kinderen schreeuwden en huilden. Het meest aangrijpend was de vraag van mijn jongste dochter: ‘Papa, blijven we leven? We zijn bang.’ Ik stond machteloos, ik kon niets bieden.
Geen dak boven ons hoofd, geen remedie tegen de honger, niet eens een woord als troost. Er zijn hele dagen zonder eten. We kookten water met takken om onze magen te misleiden. Eén keer kregen we meel uitgedeeld dat eigenlijk voor dieren was bestemd. We bakten het en aten het op. Mijn kinderen kregen hevige buikpijn, maar het was beter dan niks.

De hoeveelheid water die we vinden of krijgen is zó klein. En het is of zout, of vervuild. We drinken het omdat het de enige optie is. Soms gebruiken we hetzelfde water om af te wassen, kleren te wassen en het toilet schoon te maken. Hygiëne is een dagelijkse strijd geworden. Elke avond probeer ik sterk te zijn voor mijn kinderen. Ze vragen me: ‘Wanneer gaan we terug naar ons huis? Gaan we terug naar ons leven?’ Ik heb geen antwoord. Ik ontwijk de vraag met een verhaal, een lach, een omhelzing die mijn bezorgdheid verbergt.

Ik verloor mijn beste vriend tijdens een bombardement. Hij was vlak bij me. Plotseling spatte zijn lichaam uit elkaar… de helft verdween, de andere helft bloedde. Ik schreeuwde niet, ik huilde niet. Ik was verbijsterd. Soms komen er goederen binnen, maar die zijn onbruikbaar. Ingeblikt voedsel over de datum, bedorven meel. Bovendien kan het je je leven kosten om eraan te komen. We zagen mensen sterven terwijl ze erop wachtten. We proberen stand te houden. We delen wat we hebben en helpen elkaar als iemand valt. Soms zegt een van mijn kinderen: ‘Papa, God is met ons.’ Die woorden houden mij overeind. Alles waar we om vragen is een waardig leven. Waarin we als mensen behandeld worden. We willen onze kinderen in vrede opvoeden, zonder angst.”

Ashraf Shukri: ‘Mijn kinderen vragen niet meer naar feestdagen, of om te kunnen spelen, ze vragen om eten’

Ashraf Shukri Abu Qaleeq (27) is een Palestijn uit Gaza die in de bouw werkte. Hij is onlangs na een vlucht van drie jaar in Nederland gearriveerd en hoopt zich te kunnen herenigen met zijn familie, die in Gaza vastzit vanwege de blokkade.

“Voor de oorlog was Gaza als één open gevangenis. Maar ik wist eruit te ontsnappen. Ik vluchtte en kwam via Turkije en Griekenland in Nederland terecht. In Turkije nam ik allerlei zwaar werk aan. Ik stuurde regelmatig geld naar mijn familie. In Griekenland was het leven moeilijker, maar ik ging door.
Ik zei tegen mezelf: nog zes maanden en we zijn weer samen. Alles wat ik wilde was schoon water, brood, een veilig onderkomen voor mijn kinderen. Maar toen brak de oorlog uit, op 7 oktober 2023. Ik zat in Griekenland en mijn familie was daar, in Gaza.

Ons huis lag aan de grensstrook. In de eerste dagen van de oorlog veranderde onze wijk in een militair gebied. Alles werd vernietigd en mijn familie werd gedwongen zich naar kampen te verplaatsen. Zo gaat het nu al bijna twee jaar. Elke dag sterft er weer iemand. Mijn vrouw zegt dat onze kinderen beginnen te dromen van rijst. De honger grijpt iedereen aan.

Ik hoor aan hun stemmen dat ze zijn veranderd. Hun gezichten zijn bleek, hun lichamen zwak. Ze vragen niet meer naar feestdagen, of om te kunnen spelen, ze vragen om eten, om in leven te blijven. Ze hebben niets. Geen onderdak, geen schoon water, geen eten. Toen mijn vader een beroerte kreeg konden we hem niet laten behandelen omdat er geen apparatuur meer is, geen medicijnen, geen brandstof. Soms gaan er tien dagen voorbij zonder contact. Geen elektriciteit, geen telefoon, geen internet. Ze hebben al maanden geen vlees of kip gegeten. Het is een wonder dat ze in leven blijven. Mijn zoon zei: ‘Ik leef vandaag, maar ik kan morgen dood zijn.’ Ik wist niet wat ik daarop zeggen moest.

Ik kom misschien normaal over, zoals ik nu met jou praat. Maar vanbinnen leef ik in angst. Elke keer dat ik de aantallen slachtoffers hoor, raak ik in paniek en bel ik mijn familie. Mijn hart en ziel zijn in Gaza, bij hen. Ik heb vaak het gevoel dat onze stem niet gehoord wordt. Al die rapporten veranderen niets. We voelen ons niet meer dan nummers.

In Nederland word ik goed behandeld, maar ik heb pas rust als ik mijn familie hier om me heen heb. Elke ochtend zeg ik tegen mezelf: de gezinshereniging komt dichterbij. Ik had gehoord dat Nederland een land van rechtvaardigheid en waardigheid is. Nu ik hier ben, houd ik vast aan die hoop, aan het begin van een nieuw leven met mijn gezin. Help me mijn familie te redden. Mijn enige droom is mijn kinderen te omarmen en met hen in vrede en waardigheid te leven.”

Mensenrechtenexpert Issam Younis: ‘Uithongeren van Gaza is beleid, geen ongeluk’

Issam Younis, geboren en getogen in Gaza, is Palestijns mensenrechtenactivist en directeur van het Al Mezan Center for Human Rights in Gaza, dat mensenrechten schendingen opspoort, documenteert en publiceert. Hij reist de wereld over om aandacht te vragen voor wat in Gaza gebeurt.

Vanuit Egypte vertelt hij via de telefoon: “Honger is niet alleen het gevolg van oorlog, het is bewuste politiek: het sluiten van grensovergangen, het vernietigen van infrastructuur, mensen laten jagen op een stukje brood of een druppel water. Wanneer een moeder haar kinderen voedt met meel dat niet geschikt is voor mensen, is dat een misdaad, niet slechts een tragedie. Het is een oorlogsmisdaad en een misdaad tegen de menselijkheid.

Zwijgen is niet langer onschuldig. De Europese Unie, inclusief Nederland, is niet neutraal. Ze zijn medeverantwoordelijk want hebben de Geneefse Conventies voor Mensenrechten ondertekend. Maar vanwege hun sterke partnerschap met Israël doen ze niks. We hebben meer nodig dan solidariteit. We hebben een politieke houding nodig die de inzet van Europa herdefinieert. Er is eindelijk een verschuiving gaande. Sommige stemmen in het Nederlandse parlement beginnen te vragen om een herziening van de relaties met Israël, vooral gezien de bevelen van het Internationaal Strafhof. Het is ook niet ingewikkeld of onmogelijk wat we vragen. Wat wij Palestijnen willen is simpel: waardigheid, vrede, onderwijs, schoon water en veiligheid.”

Dit interview verscheen eerder bij RFG MediaRFG Media is een organisatie met en voor gevluchte journalisten. RFG staat dan ook voor ReFuGee en heeft een dubbele missie. De eerste is gevluchte journalisten te helpen een plek te veroveren op de Nederlandse arbeidsmarkt. De tweede is de stem van gevluchte journalisten vaker en duidelijker laten klinken.

Zayd Saba

schrijver en journalist

Zayd Saba is een Jemenitische schrijver en journalist. Hij studeerde Politieke wetenschappen aan de Sana’a Universiteit en nam deel aan …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.