Nati geeft lessen over het jodendom binnen zijn gemeenschap en werkt voor het prijswinnende project ‘Leer je buren kennen’ van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam. Hij is geboren in Israël in een orthodox-joods gezin, maar opgegroeid in Nederland. Israël, en in het bijzonder Jeruzalem, spelen een grote rol in zijn leven.
Hoe beschrijf je wat Jeruzalem voor jou betekent in drie woorden?
“Ik denk dan meteen aan herinnering, verbondenheid, en verlangen. En daarmee aan verleden, heden en toekomst. Voor mij is Jeruzalem iets wat eeuwig aanwezig is.”
Welke rol heeft de stad Jeruzalem in jouw religie?
“Het heeft een enorme rol in mijn religie. Het begint al bij Akedat Jitschak, het verhaal waarin Abraham op last van God, als test, zijn zoon Izaäk zou offeren. Dit gebeurde op de berg die later de Tempelberg is geworden. Hier hebben later zowel de Eerste als de Tweede Tempel gestaan, die een essentiële rol in het jodendom spelen. De Tempel was de plek waar de Sjechina, God, het meest aanwezig is. De plek van de offerdienst, waarbinnen de Hogepriester een centrale rol vervulde. Toen beide Tempels vernietigd werden (de Eerste door de Babyloniërs in 586 voor het begin van de jaartelling en de Tweede door de Romeinen in het jaar 70) is het Joodse volk grotendeels in de diaspora over de wereld verspreid, maar Jeruzalem is altijd een centrale plek blijven innemen.
Een van de belangrijkste vastendagen in het jodendom is dan ook Tisja be-Av (de negende van de maand Av), waarop zowel de vernietiging van de Eerste als de Tweede Tempel wordt herdacht. Het is een van de langste vastendagen: we eten en drinken zo’n 24 uur niets, en rouwen we om de vernietiging van de Tempel. Drie van de zes vastendagen hebben te maken met Jeruzalem. Zo staat Asara Betevet in het teken van het begin van de belegering (matsor) van de stad, en 17 Tammoez van de doorbraak van de stadsmuur. Veel van onze gebeden gaan over terugkeer naar Jeruzalem en het herbouwen van de Tempel, al is dat pas wanneer wij er als volk spiritueel klaar voor zijn.”
Hoe komt Jeruzalem terug in de rituelen en gebeden?
“Er zijn talloze voorbeelden hiervan. Zo bidden wij drie keer per dag de Amida, waarin we vragen om terug te keren naar Jeruzalem. Daarnaast wordt er in de Tenach, voor christenen het Oude Testament, in de Psalmen constant gerefereerd aan de stad van koning David. Een mooi voorbeeld is Psalm 147, van oorsprong toegeschreven aan koning David, zo’n 3000 jaar geleden, waarin letterlijk staat: ‘De Heer bouwt Jeruzalem weer op, de verdrevenen uit Israël, het Joodse volk, brengt Hij samen. (…) Roem de Heer, Jeruzalem, loof je God, o Zion!’
Een ander voorbeeld is de Pesachmaaltijd, waarbij aan het einde wordt gezongen: ‘Volgend jaar in Jeruzalem’. Jeruzalem speelt echt een centrale rol in de meeste van onze religieuze teksten.”
Welke rol speelt Jeruzalem in jouw eigen leven?
“Dat wisselt per periode, maar het speelt wel vaak een grote rol. Er is vaak een groot verlangen om te gaan. Als je er bent, is het heel speciaal, je voelt de emotie in de stad. Door een oud bouwvoorschrift worden de meeste gebouwen bekleed met Jeruzalemsteen, waardoor er een soort uniformiteit en rust is. Tegelijk is er ook constante chaos en drukte. De stad telt inmiddels ongeveer een miljoen inwoners.
De belangrijkste plek voor mij is de Klaagmuur. Deze steunmuur van het oude Tempelcomplex is voor mij het dichtst dat ik nog kan komen bij de Tempel. Op de Tempelberg zelf kan ik niet komen, deels door de situatie, maar ook omdat wij niet precies weten waar het heiligste deel van de Tempel heeft gestaan en wij nu niet rein genoeg zijn om dat te betreden. Bij de Klaagmuur voel ik mij echt verbonden met God.
Ik moet daar vaak denken aan het stuk uit Jesaja 56:7: Hen zal Ik ook brengen naar Mijn heilige berg, en Ik zal hen verblijden in Mijn huis van gebed. Hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op Mijn altaar, want Mijn huis zal een huis van gebed genoemd worden voor alle volken.
Nu al zie je veel mensen van verschillende geloven samenkomen bij de Klaagmuur: Joden, christenen en moslims. In mijn utopie zou dat nog veel meer mogen gebeuren.
Ik was recent nog in Jeruzalem. Op straat lopen moslims, Joden en christenen door elkaar zonder problemen. Ze werken binnen dezelfde bedrijven, ziekenhuizen, noem maar op. Iedereen is in alle lagen van de maatschappij te zien. Jeruzalem heb ik dus al als een plek van verbinding mogen ervaren. Al is er altijd ruimte voor verbetering.”
Je hebt het over een herbouw van de Tempel, maar er staan op de plek nu twee moskeeën. Moeten die dan vernietigd worden?
“Laat ik heel duidelijk zijn: wij kunnen de Tempel in de huidige situatie niet herbouwen. Aan de ene kant heb je de religieuze argumenten. Zo hebben wij bijvoorbeeld geen Hogepriesters, geen manier om ons ritueel goed te reinigen, en zijn wij er spiritueel nog niet klaar voor. Daarnaast bidden wij niet dat de moskeeën die er nu staan, vernietigd worden. Voor mij is de Tempelberg religieus gezien de plek van onze Tempel. Het voelt alsof ons iets heiligs is afgenomen, en dat draag ik met me mee. Tegelijk besef ik dat deze plek voor moslims al eeuwenlang een eigen betekenis heeft, en dat dat voor hen compleet anders ligt. Hoe dit ooit praktisch zou moeten worden opgelost, weet ik niet maar geweld of vernietiging is nooit het antwoord.”
Je geeft Joodse les aan jongeren. Hoe praat jij daarbij over Jeruzalem?
“Zoals ik al zei, komt Jeruzalem in verschillende elementen terug. Of het nu gaat over Joodse geschiedenis of het voorbereiden van een leerling op zijn Bar Mitswa. Ik probeer steeds het belang van en de liefde voor Jeruzalem over te brengen, en dan specifiek het belang van de Tempel. Veel van de gebeden die ze leren, zijn gemaakt als vervanging voor het werk (Avoda) in de Tempel.”
Het is bijna Vredesweek. Hoewel Jeruzalem letterlijk Stad van de vrede betekent, is het ook een plek van strijd. Hoe kan Jeruzalem volgens jou juist inspireren voor vrede?
“Ik zou toch weer willen verwijzen naar Jesaja 56:7. In de Joodse traditie leeft echt de wens dat Jeruzalem een plek wordt waar alle volkeren kunnen samenkomen en bidden. Dit is natuurlijk ook deels al zo: moslims en christenen komen ook naar de Klaagmuur of de Tempelberg. Ook historisch gezien woonden er altijd al verschillende religieuze groepen in het huidige Jeruzalem.
Natuurlijk is het in de praktijk niet altijd zo makkelijk. Politiek en media zorgen ervoor dat de spanningen hoog oplopen en de verdeeldheid alleen maar groeit. Het hoeft niet zo te zijn!
Leer van de teksten zoals die in Jesaja 2:4 staan en die wij elke sjabbat bidden: Zij zullen hun zwaarden omsmeden tot ploegscharen en hun speren tot snoeimessen. Geen volk zal tegen een ander volk het zwaard opheffen, en zij zullen de oorlog niet meer leren.
Ik vind de uitspraak van de Tora-geleerde Rasji hierover ook inspirerend: hij schrijft dat je zou kunnen zeggen “we hebben eten en drinken, maar als er geen vrede is, is er niets” (אם אין שלום, אין כלום) en dat vrede daarom gelijk staat aan alles. Laten we dat als inspiratie gebruiken.”


Wanneer we zien wat er gebeurt tussen Israel en de volkeren is Jeroesjalajim een stad van wreedheid gepleegd door aanhangers van drie familiegodsdiensten die beweren vrede en liefde in de wereld te brengen. Niets is minder waar. Zolang joden, christenen en moslims weigeren gezamenlijk te bidden voor een wereld waar het goed wonen is voor al wat leeft zal Jeroesjalajim nooit de stad van vrede worden. De religieuze leiders van jodendom, christendom en islam stellen hun eigen waarheid centraal en dat heeft eeuw in, eeuw uit tot vloek geleid tertwijl in Bereesjiet/Genesis alle drie de familiegodsdiensten de opdracht hebben gekregen elkaar tot zegen te zijn. Interreligieus bidden zo schijnt, dat leidt alleen maar tot vloek en ellende. Buiten synagoge, kerk en moskee om zijn wij toch maar begonnen, geinspiteerd door het goede voorbeeld van Berlijn.