Wat is volgens jou de definitie van ‘een moslim zijn’?

Arnold Yasin Mol: “In de islamitische theologie wordt dit ten eerste bepaald door de verbale verklaring van de Shahada, de getuigenis van de aanvaarding van het monotheïsme en Mohammed’s profeetschap. Iedereen die dit getuigt, of is opgevoed door ouders die dit getuigen, wordt technisch gezien als een moslim beschouwd. Sommige mensen, in zowel verleden als het heden, hebben een dusdanig afwijkende interpretatie van de getuigenis, dat zij vanuit een soennitische theologisch standpunt buiten de islam vallen. Maar de meerderheid van de soennitische, sjiitische en ibadhi leerscholen en sekten worden beschouwd als moslim.

Hoewel deze scholen op verschillende thema’s andere scholen als ‘verkeerd’ of ‘misleid’ kunnen beschouwen, of als ‘niet rechtmatig geleid (oftewel ‘ketters’)’, verwerpen zij hun status als moslims niet. Dit intra-pluralisme, die in de klassieke islam aanvaard is, wordt vandaag door veel moslims grotendeels verkeerd begrepen, maar gelukkig zijn er ook projecten als de Amman Message.

Naast de kwestie van label en identiteit, bestaat er natuurlijk in elke school een ideaal concept van hoe een moslim moet geloven en handelen. Over het algemeen vat ik de definitie van een moslim samen zoals het staat vermeld in de Koran, vers 3:18 [1], dat het monotheïsme verbindt met ethisch activisme. Een getuigenis afleggen over Gods eenheid heeft ethische gevolgen, men is verplicht om op te komen ​​voor rechtvaardigheid en goedheid, want dit zijn alle eigenschappen van God zelf.”

Wat onderwijst de islam over mensenrechten, of wat niet?

“De klassieke islam maakte een onderscheid tussen overtuigingen, rituelen en maatschappelijke handelingen, die onder de rechten van God vielen (huquq Allah) of onder mensenrechten (huquq al-nass / Adamiyya). Als moslims proberen we de rechten van God te vervullen (geloof en rituelen en het algemene welzijn) en van de mens (persoonlijke mensenrechten), omdat de Koran volgens de klassieke theologie werd geopenbaard om het welzijn (maslaha) van de mensheid na te streven.

Een getuigenis afleggen over Gods eenheid heeft ethische gevolgen, men is verplicht om op te komen ​​voor rechtvaardigheid en goedheid.

Omdat God onafhankelijk is van Zijn rechten heeft Hij onze overtuigingen of rituelen niet nodig. Het betekent dat de vervulling van Zijn rechten een privézaak is tussen een persoon en God, tussen de Schepper en Zijn dienaar. Maar omdat mensen wel rechten nodig hebben om te kunnen bestaan, zegt de 12e eeuwse theoloog Al-Razi, dat deze altijd voorrang hebben in relatie tot God’s rechten.

Deze concepten van huquq waren al in de 8e eeuw gevormd, eeuwen voordat het Europees denken een eigen rechtsbegrip ontwikkelde. Deze huquq werden beschouwd als universeel, ongeacht iemands geloof, leeftijd of geestelijke staat, en stonden in de klassieke islam centraal in de ontwikkeling van wetgeving, ethiek, maar ook de theologie.

De vraag waarom God polytheïsme en ketterij op aarde toelaat werd toen uitgelegd met behulp van Zijn radicaal monotheïsme. God heeft voor Zichzelf geen schepping nodig om te kunnen bestaan, dus wat de schepping ook gelooft zal Hem niet ten goede komen. Het vervullen van Gods rechten, in relatie tot het geloof en het ritueel, is dus een kwestie van rationeel begrip en liefde voor God. Het niet volledig vervullen van Gods rechten staat Hij toe vanwege Zijn barmhartigheid en genade voor, en onafhankelijkheid van, de schepping. [2]

Mensen daarentegen ervaren de noodzaak dat hun rechten moeten worden beschermd om volledig te kunnen bestaan. Daarom is de belangrijkste functie van elke maatschappij om deze rechten te beschermen en te ontwikkelen. In de klassieke islam ontstond een lange lijst van mensenrechten, die allemaal om drie fundamentele rechten draaiden:
1- het recht van onschendbaarheid (haqq al-ismah), wat betekent dat elk leven heilig is,
2- het recht van vrijheid (haqq al-hurriyya), wat betekent het recht om geen slaaf te zijn,
3- het recht van eigendom (haqq al-malakiyya).

Dus de islam erkent het concept van mensenrechten en de absolute centrale en randvoorwaardelijke positie van mensenrechten in zowel de politieke als de religieuze sfeer.”

Koran-pagina’s
“De Koran is geopenbaard om het welzijn van mensen te verbeteren” – Arnold Yasin Mol Beeld door: Pixabay

Bepaalde islamitische predikers stellen dat de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens bijvoorbeeld een ‘ongelovig’ en ‘niet-islamitisch’ document is. Wat is jouw mening over dergelijke uitspraken?

“Moderne mensenrechtenverklaringen zijn het gevolg van eeuwen van wereldwijde theologische en filosofische denken, ze zijn niet alleen een westerse project. De UVRM van 1948 werd opgericht door een internationaal team van theologen, filosofen en juristen. Eerder, pre-WOII, werden internationale verdragen ondertekend door de Ottomaanse kalief, en hedendaagse post-WOII-verdragen zijn ontwikkeld en getekend door bijna alle moslimlanden. De taal van deze verdragen is gebaseerd op westerse juridische terminologie en structuur, maar hun inhoud is voornamelijk universeel en ontwikkeld door internationale raden.

Om deze verdragen simpelweg als niet-islamitisch of als seculiere producten te zien is onjuist. Ook het idee dat moderne mensenrechten in strijd zijn met de ‘sharia’ is fout, omdat wat sharia is bepaald wordt door de wetenschap van fiqh, de islamitische jurisprudentie. En fiqh was historisch altijd in ontwikkeling, en heeft altijd het welzijn en de rechten van de mens als centrale zorg gekend.

Het probleem met de discussies over islam en mensenrechten is vooral dat mensenrechten als een vreemd concept beschouwd worden, en de islam als vast en niet-dynamisch. De kolonisatie van de moslimwereld in de 19e eeuw, en de ontwikkeling van deze kolonies in natiestaten heeft, naast een wantrouwen jegens westerse narratieven (betreffende politiek en recht), een breuk met het humanisme van de klassieke islam veroorzaakt. Tevens is het 19e en 20e-eeuws westers oriëntalisme, waarbij de islam werd beschouwd als minderwaardig en barbaars, geëvolueerd in een islamofobie waarbij moderne mensenrechten worden gebruikt om de islam en islamitische samenlevingen te bekritiseren. Al deze historische trajecten hebben de discussie over de islam en mensenrechten vervormd.

De klassieke islam heeft vanaf het begin zijn eigen mensenrechtendiscussie opgebouwd en gebruikt, gelijktijdig als criterium en als doel in de fiqh. Dus wat sharia is werd altijd gerelateerd aan de bescherming van mensenrechten. Interpretaties die menselijke schade veroorzaken (mafsada) en die het menselijk welzijn deden ontsporen (maslaha) werden niet als echt islamitisch beschouwd.”

Het menselijke welzijn is de reden waarom de Koran geopenbaard werd. Dit centrale concept moet terugkeren als hoofdthema in het islamitisch denken.

De sharia is niet simpelweg ‘wat een bepaalde tekst zegt’, maar heeft een hiërarchische structuur waarbij de handhaving van de mensenrechten gezien werd als onderdeel van de hoogste doelstellingen van de sharia zelf. Alle andere interpretaties zijn onderworpen aan deze hogere doelstellingen om zo de samenhang te waarborgen. Het interpreteren van de sharia met betrekking tot mensenrechten is wat de klassieke islam altijd heeft gedaan.

Deze rechten waren gebaseerd op de Koran en de sunnah (voorbeeld van Profeet Mohammed, vzmh [3]), maar werden ook gezien als universeel, zowel in reikwijdte als acceptatie onder andere godsdiensten en culturen. Moderne mensenrechten zijn een internationaal project, zij zijn een gevolg van de menselijke rede (aql) en de menselijke natuur (fitra), die menselijk welzijn nastreven, en daarom zijn het legitieme criteria voor het interpreteren van de sharia.” [4]

Vind je dat ouders, moskeeën en gemeenschappen zich meer moeten bezighouden met mensenrechtenkwesties en vooral hun kinderen moeten aanmoedigen om mensenrechten vanuit een pluralistisch perspectief te verdedigen. Ben je het daarmee eens? Denk je dat de moslimjeugd meer engagement moet hebben met mensenrechten, voorbij het politieke debat, of is dit een eenvoudige generalisering?

“Ja, mensenrechten waren, en zijn, de belangrijkste focus van de sharia. Het menselijke welzijn is de reden waarom de Koran geopenbaard werd. Dit centrale concept moet terugkeren als hoofdthema in het islamitisch denken. Hoe deze rechten worden gedefinieerd en geconstrueerd is een internationaal en doorlopend project. En het is voor moslims van vitaal belang dat zij als moslims deel uitmaken van dit project, en niet simpel alleen als vertegenwoordigers van landen met een bevolking die in meerderheid moslim is. Moslims zijn tegenwoordig belangrijke minderheden in verschillende westerse landen, en de centralisering van mensenrechten in hun identiteit als burgers en als moslims is van vitaal belang voor hun emancipatie als minderheden, dat wil zeggen het bestrijden van discriminatie en islamofobie. En als vertegenwoordigers van de islam kunnen ze dan de islamitische missie realiseren, namelijk het streven naar verbetering van het menselijk welzijn.”

Hoe kunnen jonge moslims meer leren en zich meer inzetten voor het verdedigen van mensenrechten?

“De geschiedenis van het mensenrechtendiscours in de klassieke islam (de huquq) moet toegankelijker worden door middel van publicaties, de terugkeer in de algemene discussie onder moslims (zoals tijdens vrijdagmiddagpreken, lezingen, etc.) en hoe moderne mensenrechten verdragen de afgelopen eeuwen tot stand zijn gekomen. Op deze manier kunnen ze de gelijkenissen zien, en ook zien ze dan hoe beiden een logische uitbreiding van de ander vormen.

Islamitische theologie was een theologie van rationeel ethisch monotheïsme, het was een humanistische theologie, maar vandaag de dag is dit humanisme verloren gegaan. Het moet worden herontdekt door een studie naar klassieke islamitische bronnen en een heroverweging van hoe deze klassieke humanistische mentaliteit de islam van vandaag zou kunnen herdefiniëren.”

Bron: Voice of Salam.

Het interview is afgenomen door Elizabeth Arif-Fear.
Vertaling en redactie: Enis Odaci.

Voetnoten:

[1] Koran 3:18 – “God getuigt  dat er geen god is behalve Hij en zo getuigen ook de engelen en de mensen die inzicht hebben. Hij handhaaft het recht.” Vertaling: Eduard Verhoef.

[2] Zie een eerdere publicatie over dit thema door Arnold Yasin Mol.

[3] De afkorting ‘vzmh’ staat voor: vrede zij met hem.

[4] Iets wat ook is gezegd door een grote conferentie van moslimgeleerden in de Marrakesh Verklaring (2016).

Arnold Yasin Mol

Arnold Yasin Mol

Theoloog

Arnold Yasin Mol studeert islamstudies en religiewetenschappen (Leiden universiteit) en richt zich op theologisch-antropologische …
Profiel-pagina
Enis-DNW (2)

Enis Odaci

Eindredacteur van Nieuw Wij

Enis Odaci is voorzitter van Stichting Humanislam, een denktank voor islamitisch humanisme dat hij mede naar aanleiding van het …
Profiel-pagina
Al 3 reacties — praat mee.