Het idee van The Hague Peace Projects is ontstaan in de lange gesprekken die mensenrechtenactivisten voerden over het massale geweld in grote delen van de wereld. In 2012 was Balçik ook bij enkele van die ‘huiskamergesprekken’ aanwezig. Jakob de Jonge, de directeur van HPP verzet zich op positieve wijze tegen het alledaagse cynisme als het gaat over conflicten en vrede. Dat vond Balçik, historicus en inmiddels projectcoördinator bij HPP, bijzonder en hoopgevend. Terwijl de halve wereld naar de haaien gaat, werd ergens in Den Haag nagedacht over wereldvrede en dialoog.

TED-talk van Jakob de Jonge Bron: www.youtube.com

Wat kun je vertellen over de mensen achter de organisatie?

Tayfun Balçik: “De mensen zijn zeer betrokken. Een ‘endangered specie’ zou ik ze noemen in een land als Nederland. Er is een open en internationale blik. Het buitenland wordt niet als gevaar gezien. ‘Buitenlanders’ ook niet. Bovendien lijdt HPP niet aan institutionele witheid, een kenmerk van vele ngo’s met allemaal witte experts in huis. En dit betekent niet alleen dat de organisatie wordt bevolkt door mensen die hun roots hebben in conflictgebieden (Syrie, Turkije, Bangladesh, Grote Meren Gebied, Sudan), maar ook dat we onszelf in ons denken niet laten leiden door dominante ideeën over objectiviteit. Heel concreet: mensen van niet-witte kleur worden niet automatisch gezien als subjectief. Met andere woorden, in de gesprekken die we onderling voeren hangt de zwaard van witheid niet constant boven ons hoofd. De oplossing moet uit de mensen zelf komen.”

Vanwaar jouw persoonlijke interesse voor de conflicten tussen mensen?

“Als je als Turk in Nederland wordt geboren in een Turks-nationalistisch milieu, dan bevind je jezelf weliswaar niet in een fysieke wereld van conflict, maar zeker wel eentje die geestelijk aanwezig is. Als Turk zou je dan omringd worden door allerlei vijandgroepen: Koerden, Armeniërs, Grieken, Alevieten, ongelovigen, islamitische fundamentalisten, enzovoorts enzovoorts. Het is een gedachtegang die vele Turken gevangen houdt. In de praktijk zijn onze zogenaamde vijanden vaak hele aardige mensen. Dat wil overigens niet zeggen dat er geen wantrouwen, onzekerheid en angst bestaat tussen groepen. Maar vanaf 2013, toen ik begon te schrijven voor Frontaal Naakt, en in het bijzonder vanaf de zomer van 2015, toen het vredesproces tussen Turkije en de PKK mislukte en de oorlog weer uitbrak, kwam ik openlijk in verzet tegen opgelegde vijandschappen, van welke kant die dan ook kwam. Ik ging in gesprek met mijn zogenaamde vijanden.”

Ik zie dat jullie dialooggroepen organiseren, maar ook het activisme niet schuwen.

“Ja, we zijn begonnen met ‘Tijd om te praten, Turken en Koerden in dialoog’, en die dialoog heeft ons leven en denken enorm verrijkt. Ik ben er trots op dat we bij elkaar zijn gebleven en nu de dialoog verbreden met andere onderwerpen, zoals moslimdiversiteit en witheid. Overigens bestaat dialoog bij ons niet alleen maar uit lieve gesprekken, waar we handjes vasthouden en glimlachjes uitdelen naar de buitenwereld. Nee, we zijn een platform voor mensen die er verschillende ideeën op kunnen nahouden.”

Kun je een voorbeeld geven?

“Ik kan me een uitgelopen dialoogsessie in de winter van 2015 herinneren, waarin we onderweg naar het station fel bleven door discussiëren over de PKK, Syrië, Assad, Barzani en Erdogan. We komen uit verschillende contexten en iedereen heeft zijn eigen bronnen. Er zijn belangrijke meningsverschillen over grote onderwerpen, zoals de situatie in Syrië. Dan wordt het af en toe emotioneel. Maar het belangrijke is, wat je na zo’n heftige dag doet, ga je terug naar je puristische comfortzone of ga je reflecteren? Tot nu toe zijn we blijven reflecteren.

Wat ga je na een heftige dag debatteren doen? Ga je terug naar je puristische comfortzone of ga je reflecteren?

“Wat betreft activisme. We hebben twee keer in groepsverband gedemonstreerd. Tijdens de ‘muslimban’ van Trump en onlangs bij het ‘vijfde colonne’ debat van Leefbaar Rotterdam met onder andere Ebru Umar, Joost Eerdmans en Wierd Duk. Kijk, dialoog en discussie is goed, maar soms moet je ook een grens trekken. En dat doe ik wanneer ik als Turk of moslim, alleen maar omdat ik een Turk of moslim ben, onderwerp van een nare discussie wordt. Dit is in Nederland helaas genormaliseerd. Maar een verder materialiseren van islamofobe en racistische ideeën, middels een inreisverbod en een debat over ‘vijfde colonne’, nee, ik laat me niet meer als terrorist, landverrader of vijand wegzetten. Wij zijn geen probleem. Mensen die van ons terroristen maken, zij zijn het probleem.”

Wanneer is het tijd om te praten en wanneer is het tijd voor de activistische houding?

“Je praat wanneer het doel iets constructiefs is. Maar je gaat geen dialoog voeren over je eigen ondergang. Dan heb je al verloren. Tegen racistische ideeën kan je je mijns inziens alleen maar verzetten. Dat hebben we toen in Rotterdam ook gedaan. Op vreedzame manier hielden we bordjes met teksten als Wij zijn allemaal Marokkanen of Wat nou integratie?!’ We zijn hier geboren vast. En dat al leidde tot paniekgedrag bij Eerdmans, Duk en Umar. De eerste wist geen definitie van ‘vijfde colonne’ te geven, Duk tweette een leugen de wereld in en Umar ging tekeer als een treitervlogger en noemde ons ‘mensjes’. Mensen zonder inhoud zijn het. Ze teren op de islamofobe angstindustrie.”

Sommige thema’s liggen erg gevoelig, zoals het wantrouwen tussen Koerden en Turken. Wat maakt dat HPP wel een dialoog op gang weet te krijgen waar anderen struikelen?

“Ik denk dat dat heeft te maken met het feit dat wat wij een multiculturele grassroots organisatie zijn. Diversiteit in de werkgroep en in opvattingen is het uitgangspunt. We organiseren ons niet op etnische of sektarische basis. Je hebt in Nederland 14 ‘Turkse’ organisaties. Die zijn net zo gesegregeerd als de stad Amsterdam. Natuurlijk hebben mensen de vrijheid om zich te verenigen zoals ze willen. In een steeds wit-nationalistischer wordend Nederland zou ik aan die vrijheid niet willen tornen. Maar in de praktijk komt een gesprek tussen al die verschillende ‘Turkse’ groepen, die vanuit hun eigen comfortzone opereren, alleen tot stand als de Nederlandse overheid dat van hun verlangt. Plichtmatig dus. Voor mij is het onderlinge gesprek ook belangrijk, want de pijn ligt vooral daar. Dat los je niet op met handjes schudden wanneer de witte man dat vraagt.”

THPP
Beeld door: The Hague Peace Projects

Ik hoor mensen vaak zeggen dat alles begint met kennis. Wie kennis heeft over een misstand, zoals de Armeense genocide, zal anders praten over mensen. Klopt dat? Maar hoe ga je om met mensen die die kennis niet hebben of niet willen hebben?

“Dat is zeer zeker waar. Ik heb veel óver Koerden en Armeniërs gelezen tijdens mijn studie en daarna. Maar in mijn eigen omgeving kwam ik ze zelden tegen. Dat vind ik nog steeds een gemis. Turken, Koerden, Alevieten praten nog te vaak over hun onderlinge problemen in gesegregeerde toestand, dus zonder werkelijk face to face mét elkaar hierover te praten. En wanneer je dat wel begint te doen dan zal je merken dat de kennis die je van boeken en kranten hebt beperkt is. Alleen door met de mensen zelf te praten, kan je essentialistisch denken voorkomen. En dat is dus het probleem van die mensen die de kennis niét willen hebben. Zij zijn, zoals Peter Breedveld zo mooi zei: ‘verknocht aan hun racisme’. Dé Koerd, Armeen of Aleviet en ja ook dé Turk wordt gezien als probleemgroep.

“Hoe ga je hiermee om? We moeten in Nederland erkennen dat dit geen individueel probleem is, of iets on-Nederlands is. Nee, deze mensen wonen al meer dan 50 jaar hier. Het is een collectief probleem. De oplossing moet dan ook in collectieve zin georganiseerd worden via bewustwordingsbijeenkomsten. In het onderwijs moeten ‘Turkse zaken’ in het curriculum in al haar veelzijdigheid worden opgenomen. In een vrij en gelijk land, hebben Koerdische, Turkse en Armeense kinderen (die allemaal ook Nederlandse kinderen zijn) het democratische recht om juist geïnformeerd te worden over zaken die in de eerste plaats hun aangaan.

Tayfun Balcik2
Historicus Tayfun Balçik

Heeft het journaille daarin een taak? Jij houdt bijvoorbeeld heel nauwgezet bij hoe media berichten over bevolkingsgroepen en conflicten. Samenvattend: het is te eenzijdig. Waar ligt dat aan?

“Media hebben zeer zeker een taak. Als Nederlandse kranten pretenderen Nederlandse kranten te zijn, dan is de witheid op de redacties onhoudbaar. Afgezien van hier en daar columnist zijn de redacties helemaal wit. Ik vind het ook opvallend dat er alleen Turken verschijnen als Erdogan weer eens wat heeft uitgevreten. Dan is de houding van witte media: ‘Snel, zoek een Turk met een mening.’ Dit getuigt van een koloniale houding op minderheden. Ze mogen alleen praten wanneer de witte man dat wenst. En als je dan Erdogan hebt veroordeeld, mag je weer oprotten naar je Vogelaarwijk. Dit is problematisch. ”

Jij lijkt me niet het type mens dat lang stil gaat zitten. Welke plannen kunnen we van jou en van HPP verwachten?

“We hebben onlangs Döne Fil te gast gehad bij onze maandelijkse werkgroep. Zij sprak over de LHBT ervaringen binnen moslimgemeenschappen. Dat is erg interessant. Het is terug te kijken op onze Facebook pagina. En volgende maand zijn we van 4 tot 9 juli weer in Caux, Zwitserland, tijdens de jaarlijkse vredesconferentie. Mensen uit Rotterdam met roots in Turkije die mee willen kunnen zich melden bij info@thehaguepeace.org Er zijn nog enkele plekken beschikbaar.”

Volg The Hague Peace Projects via hun website of via Facebook.

Enis-DNW (2)

Enis Odaci

Eindredacteur van Nieuw Wij

Enis Odaci is voorzitter van Stichting Humanislam, een denktank voor islamitisch humanisme dat hij mede naar aanleiding van het …
Profiel-pagina
Al 4 reacties — praat mee.