Dronkers is docent en onderzoeker zorgethiek aan de Universiteit voor Humanistiek en werkte eerder bij vredesorganisatie PAX als Programmaleider Israël en Palestina. Hij werd opgeleid als theoloog en heeft ook een aantal jaar in Utrecht als predikant gewerkt.

Waarom ben je dit boek over Oost-Jeruzalem gaan schrijven?

“Sinds 7 oktober 2023 is in Nederland de betrokkenheid bij Palestina en Israël groter dan ooit. Als het tijdens colleges over de terreuraanval van Hamas of over het genocidale geweld van Israël gaat, merk ik hoe groot de spanningen zijn. De meeste studenten zijn diep begaan met het lot van Palestijnen, maar sommigen vinden de situatie tegelijkertijd erg complex, en sommige Joodse studenten vertellen me dat ze zich onveilig voelen. Voor mij als docent is het soms zoeken hoe alle stemmen en emoties een plek te geven, zonder te eindigen met de verzuchting ‘het is ingewikkeld’. Met mijn boek ‘De stille strijd om Jeruzalem’ wilde ik iets doen wat me tijdens de colleges niet altijd lukt: laten zien dat je volgens mij de meerstemmigheid van de situatie kunt erkennen, zonder de strijd voor gerechtigheid of je solidariteit op te geven.

Steeds meer mensen twijfelen aan de effectiviteit van mensenrechtenverdragen, maar het Internationaal Gerechtshof heeft in de afgelopen jaren veel richtinggevende uitspraken gedaan, bijvoorbeeld dat de Israëlische bezetting van de Westoever inclusief Oost-Jeruzalem illegaal is en dat er zo snel mogelijk een einde aan moet komen. Dit soort heldere oordelen zijn wat mij betreft belangrijke bakens voor wie over de toekomst van Israël en Palestina nadenkt.”

Waarom focus je in je boek op Jeruzalem? Staat de situatie in de Oude Stad min of meer voor de situatie in heel Palestina?

“Aan de hand van verschillende wijken in Jeruzalem vertel ik een breder verhaal over Israël en Palestina. De ruïnes van het dorp Lifta in West-Jeruzalem zijn het stille bewijs van de verdrijving van de Palestijnse bewoners tijdens de oorlog van 1948. In Nachlaot, een andere wijk in West-Jeruzalem, werd een Israëlische galerie een paar jaar geleden uit haar pand gezet, toen ze een podium bood aan anti-bezettingsactivisten. Onder de recente Israëlische regeringen vervagen democratische spelregels steeds sneller.

PIETER DRONKERS Abdallah Elayan – kopie
Pieter Dronkers Beeld door: Abdallah Elayan

In Oost-Jeruzalem beschrijf ik wijken als Sheikh Jarrah en Silwan waar Palestijnen uit hun huis worden gezet en waar hun geschiedenis langzaam wordt uitgewist. Ik ga in Oost-Jeruzalem ook langs in het Shu‘fat Refugee Camp waar Palestijnen aan hun lot worden overgelaten en buitenlandse hulpverlening verboden is. Daardoor gaat alle energie in overleven zitten en is er nauwelijks nog energie en ruimte voor politieke actie.

De rode draad is dat al deze wijken te maken hebben met fragmentatie: gemeenschappen, families, vrienden worden van elkaar gescheiden door muren, bureaucratie en verschil in juridische status: van formeel Israëlisch staatsburgerschap tot zo goed als rechteloos in bezet gebied. Israëlische autoriteiten voeren een politiek van verdeel-en-heers die vóór hen ook al door de Britse machthebbers werd gehanteerd.”

Voordat je voor PAX werkte, was je van 2012 tot 2014 dialoogcoördinator bij Nes Ammim in Noord-Israël; kun je daar kort wat over vertellen? Waarom is Nes Ammim ook vandaag belangrijk?

“Noord-Israël is een gemengde provincie. Er wonen ongeveer evenveel Joden als Palestijnen met een Israëlisch paspoort. Zowel juridisch als praktisch worden Palestijnen door de Israëlische autoriteiten achtergesteld, maar tegelijkertijd zijn er Palestijnse en Joodse inwoners die het onderlinge contact tussen medeburgers in stand willen houden. ‘Uiteindelijk zullen we hier toch op de een of andere manieren samen moeten leven en als wij zwijgen, dan hoor je alleen nog de extreme stemmen’ zei een Palestijnse vriendin uit mijn Nes Ammim-tijd mij onlangs nog. Zo zijn er plannen om in Nes Ammim onderdak te bieden aan een tweetalige, Hebreeuws/Arabische school.

Tegelijkertijd is het goed om te beseffen dat Noord-Israël zo gemengd is omdat veel Palestijnen in 1948 weggevlucht zijn en tot op de dag van vandaag van Israël niet mogen terugkeren, alhoewel ze dat recht volgens de Verenigde Naties wel hebben. Het steunen van het onderlinge contact en solidariteit is volgens mij cruciaal, maar het is belangrijk om daarbij de geschiedenis en het verschil in machtsverhoudingen op tafel te houden.

Bovendien, dialoog is zeker niet de zaligmakende oplossing en in sommige vormen misschien zelfs onethisch. Ik kan me goed voorstellen dat op de Westoever Palestijnen weigeren om met hun bezetter om tafel te gaan. Zij waarschuwen voor ‘normalisatie’: net doen alsof iedereen om tafel er even vrijwillig en met evenveel recht van spreken zit. Zij zeggen: eerst een einde aan de bezetting, daarna kunnen met elkaar in gesprek.”

Je nieuwe boek gaat over de militaire bezetting door Israël. Het lijkt erop dat je meer “aan de andere kant van de muur” terecht bent gekomen? Klopt dat? Heeft dit jouw perspectief ook veranderd?

“In mijn boek concentreer ik mij op het in 1967 door Israël bezette oostelijke deel van Jeruzalem, waar ook de Oude Stad bij hoort. Israël heeft dit deel van de stad geannexeerd, maar de Palestijnse inwoners kregen niet de Israëlische nationaliteit. Dit maakt de situatie van Palestijnen met een zogenaamd Jeruzalem-ID nog kwetsbaarder dan die van Palestijnen met een Israëlisch paspoort. Tegelijkertijd hebben ze wel een Israëlische werkvergunning en kunnen ze aanspraak maken op een Israëlische zorgverzekering. Dat is dan weer iets wat Palestijnen op Westoever missen. In verschillende gebieden hebben Palestijnen verschillende posities en belangen. Mensen maken soms pragmatische politieke keuzes die samenhangen met de situatie waarin ze zich bevinden. Veel Palestijnen verzetten zich tegen normalisatie, maar tegelijkertijd zijn er ook de leden van de Parents Circle, die allemaal een familielid zijn kwijtgeraakt in het voortdurende geweld. Zij willen samen rouwen om hun verlies en zich vanuit daar hard maken voor een andere politiek. Ik geloof niet dat het aan mij als buitenstaander is om te bepalen wat de moreel en politiek juiste strategie is.

In Nes Ammim ondersteunden we alleen dialoogorganisaties die binnen Israël actief zijn. Toen reizen tussen de Westoever en Noord-Israël makkelijker was kwamen er wel Palestijnse groepen van de Westoever in Nes Ammim, maar die kwamen niet voor dialoog. Zij waren in het dorp om even te ontsnappen aan de druk van de bezetting, om soms voor het eerst de zee te zien, of om met Palestijnen met een Israëlisch paspoort in gesprek te gaan.”

Je verzet je tegen silencing, het tot zwijgen brengen van kritische stemmen, het uitwissen van een nationale identiteit en het verdrijven van een gemeenschap. Waarom? 

“In actie komen tegen onrecht is niet vanzelfsprekend. Er zijn allerlei redenen om stil te blijven: je stem verheffen is ongemakkelijk omdat je zelf twijfelt over de onderbouwing van je standpunt of omdat je bang bent anderen voor het hoofd te stoten of zelfs tegen intimidatie aan te lopen. In mijn boek wil ik laten zien dat veel van deze ongemakkelijkheden geen persoonlijk falen zijn, maar het gevolg van een politieke strategie die het lastig maakt om je uit te spreken. Soms bestaat silencing uit duidelijk zichtbare intimidatie door de politie tijdens demonstraties, soms is het veel subtieler zoals dat specifieke visies online en in de media steeds weer verdacht gemaakt worden.

Voor Palestijnen is silencing aan de orde van de dag, en dat geldt in afgeleide zin ook voor Joods-Israëlische activisten die hen steunen. De ruimte voor kritiek op de Israëlische bezetting en het genocidale optreden in de Gazastrook wordt via wetgeving en vervolging steeds kleiner gemaakt. In mijn boek gebruik ik de term silencing ook nog breder: uiteindelijk worden niet alleen critici individueel tot zwijgen gebracht, Palestijnen worden ook als collectief vervolgd en langzaam uit de stad verdreven.

In een tijd van autoritaire politiek heb ik van Palestijnse activisten en hun Joods-Israëlische bondgenoten geleerd hoe belangrijk het is om je stem te verheffen, ook al zal niet iedereen dat op dezelfde manier doen.”

Is de kwestie Israël-Palestina in essentie een religieus conflict of gaat het om wat anders? Is religie deel van het probleem, of juist een deel van de oplossing? 

“Palestijnen hebben steeds meer moeite met de term ‘conflict’; alsof er twee gelijkwaardige landen met elkaar in oorlog zijn. In hun ogen gaat het om vestigingskolonialisme: langzaam maar zeker worden zij van hun land verdreven. In 1948 raakten veel Palestijnen hun grond kwijt en mochten er nooit meer naar terugkeren. Hetzelfde proces herhaalt zich nu op de Westoever en in de Gazastrook. Over de precieze historische ontwikkelingen valt het nodige te zeggen, maar uiteindelijk werd Israël in 1948 door de internationale gemeenschap als land erkend, maar het door de Verenigde Naties tegelijkertijd beloofde Palestina is er nooit gekomen. Toegang tot en bezit van land vormen in mijn ogen de kern. Religie speelt daarbij zeker een rol: bijvoorbeeld om de claim op land met Bijbelteksten te onderbouwen of de ander te dehumaniseren, maar geloof inspireert mensen ook tot geweldloosheid, dialoog en solidariteit. Religie is dus zowel deel van het probleem, als deel van de oplossing. Israël-Palestina voorstellen als een religieus conflict gaat niet alleen voorbij aan de onderliggende strijd, maar jaagt ook de verdeeldheid tussen verschillende godsdiensten aan.”

Ik hoor sommige christenen waarschuwen voor ‘vervangingstheologie’; de gedachte dat Christenen de plek van Joden hebben ingenomen als volk van God. Nes Ammim verzette zich tegen dat idee en respecteert juist dat Joden en Christenen ieder hun eigen weg gaan. Na de Tweede Wereldoorlog wilden (Europese) Christenen leren van het Jodendom als ‘oudere broer’. Is dat vandaag ook van belang? En hoe kun je vandaag kijken naar begrippen als ‘volk van God’ en ‘uitverkoren zijn’?

“Binnen alle religieuze tradities zijn er wel ideeën te vinden over wie er wel en niet bij hoort. Het zit toch ook wel een beetje in de menselijke aard ingebakken om in groepen te denken en, in alle eerlijkheid, ook ik verlang ergens deel van te zijn. De vraag is vooral: welke morele en politieke consequenties trek je uit je eigen overtuigingen over wie erbij hoort. Ik hoop dat mensen ‘de ander’ buiten de eigen groep vooral vanuit naastenliefde en compassie tegemoet zullen treden. Respect voor mensenrechten sluit daar naadloos bij aan.

538×840

Ik kan alleen maar voor de christelijke traditie spreken; met een lange en verwoestende geschiedenis van theologisch antisemitisme, geloof ik dat christenen de blijvende opdracht hebben om hun eigen traditie en taal te blijven onderzoeken op iedere vorm van vervangingsdenken. Het beeld van de oudere broer of zus is een van de manieren om voorbij het idee te komen dat de kerk de synagoge heeft vervangen.”

Wat zijn volgens jou de voorwaarden voor een toekomst van gerechtigheid en vrede in Israël-Palestina? 

“Het zou in ieder geval helpen als Europese overheden hun verantwoordelijkheid nemen en Israël veel meer onder druk zetten. De bezetting van de Westoever moet stoppen, net als het genocidale geweld in de Gazastrook. Uiteraard geldt hetzelfde ook voor de terreur van Hamas en Hezbollah, en ook is het meer dan tijd voor democratische hervormingen van de Palestijnse Autoriteit. Externe druk is niet het hele antwoord, maar voorlopig kunnen de Israëlische autoriteiten zonder veel consequenties hun gang gaan. Daarnaast denk ik dat het belangrijk is om solidair te zijn met de Palestijnen die in Israël en Palestina opkomen voor hun rechten en de Joodse-Israëli’s die hen daarbij steunen. Het is belangrijk om in Nederland steeds weer de stilte te doorbreken en aandacht te blijven vragen voor het lot van de Palestijnen.

Tegelijkertijd moeten we in Nederland zelf uit de polarisatiekramp zien te komen. De situatie in Israël en Palestina raakt veel mensen om heel verschillende redenen heel diep en het lijkt mij heilzaam om die zorgen te bespreken en serieus te nemen, zonder dat dat betekent dat je het eens hoeft te zijn met iemands politieke standpunt. Ik ben de eerste om toe te geven dat dit idealistisch klinkt, maar hier een conflict importeren helpt niemand verder.”

Wat wil je de lezers van je boek vooral meegeven?

“Blijf de stilte doorbreken, blijf overheden ter verantwoording roepen en blijf in gesprek.”

De stille strijd om Jeruzalem verschijnt op 18 september. Op 6 oktober is er een boekpresentatie in Amsterdam om 20.00 uur in SPUI25. Zie: De stille strijd om Jeruzalem – SPUI25.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Theo Brand

Eindredacteur

Theo Brand is journalist en politicoloog en werkt bij Nieuw Wij als eindredacteur. Religie, levensbeschouwing en politiek zijn …
Profiel-pagina
Al één reactie — praat mee.