Afgelopen zomer bezochten mijn vrouw en ik opnieuw vrienden in Belfast, de stad waar wij elkaar ontmoetten toen we er als vrijwilligers in het jeugdwerk actief waren tijdens de burgeroorlog. Bij het afscheid drukte onze vriendin Janice, een onvermoeibare buurtopbouwwerker, ons een boekje in handen: A Brighter Side of the Troubles. Het bundelt korte verhalen over liefde en mededogen die mensen tóch wisten te ervaren in de donkerste dagen van het Noord-Ierse conflict. Het zijn verhalen die laten zien hoe je mens kunt blijven in oorlogstijd – en hoe hoop soms niet ijdel blijkt. Terwijl ik las, dacht ik aan Israël en Palestina, een andere plek waar ik voetstappen heb liggen. Hoe zou de ‘brighter side’ daar eruitzien? Welke verhalen zullen mensen dáár over vijftig jaar vertellen?
De documentaire House of Hope van Marjolein Busstra vertelt zo’n verhaal al in het heden. In het hart van de Westelijke Jordaanoever staat een antroposofische school, geleid door het Palestijnse onderwijzersechtpaar Manar en Milad. Busstra volgt hun leven drie jaar lang, eerder nog vóór 7 oktober 2023. Wat ontstaat is een intiem en benauwend portret van een gezin en een school die proberen een oase van rust te blijven, terwijl de bezetting van het Israëlische leger hun wereld steeds verder dichtdrukt.
Eén scène trof mij bijzonder. Op het bureau van Milad ligt een document getiteld Non-violent communication. Even later horen we twee jongetjes tijdens de tekenles een dialoog voeren die zo uit het Belfast van de jaren zeventig en tachtig had kunnen komen: ‘Als iemand mij pest, pak ik een mes en steek ik hem in zijn hoofd.’ – ‘Dan stop ik je in de gevangenis.’ – ‘Ik trek je ingewanden eruit.’ – ‘Dan sla ik je blind.’
De dreigende woorden buitelen over elkaar heen, totdat Manar achter hen verschijnt, hen zacht over hun bol aait en zegt: “Hier willen we lief zijn voor elkaar, oké?”
Dat contrast – geweld buiten, zachtheid binnen – loopt door de hele film. Manar en Milad houden vast aan hun pedagogische idealen, ook als de wanhoop hen zichtbaar aangrijpt. Zomer, herfst, winter en lente richten ze de seizoentafel in; naast nationalistische Palestijnse liederen klinkt de blokfluit. De kinderen leggen hun hand op het hart en zweren een geweldloos en vredelievend persoon te zullen zijn. Zoals het tekenpapier op de vrije school geen scherpe hoeken kent, zo probeert deze school de hardheid van het dagelijks leven te verzachten.
De beklemming van de bezetting voel je juist omdat de film nooit uitzoomt. De camera blijft in de school, de woonkamer, of in een auto met beslagen ramen die zich een weg zoekt langs legerblokkades. Buiten zien we slechts via een telefoonscherm of een kier in het gordijn. Als hun zoon naar buiten gaat, nemen Manar en Milad afscheid alsof het misschien de laatste keer is – en die angst is niet irreëel.
House of Hope laat zien dat mensen in oorlogsgebieden meer zijn dan de fragmenten van geweld die het nieuws eindeloos herhaalt. De film biedt een zeldzaam menselijk perspectief op een gebied dat doorgaans door politieke en militaire lens wordt weergegeven. Het is een verhaal over vasthoudendheid, idealen en liefde, midden in wanhoop.
House of Hope (Nederland, 2025) – Regie: Marjolein Busstra – 91 min. De film ging 14 november in première op IDFA, draait vanaf 11 december in de Nederlandse bioscopen en wordt later uitgezonden door Omroep Zwart.
