Grenzen hebben mij altijd gefascineerd. Als hoofd Studium Generale aan de Jan van Eyck Academie, Maastricht, wijdde ik in 1990 er een symposium aan. Architecten, filosofen en kunstenaars als Dan Graham en Daniel Libeskind spraken over grenzen in geopolitieke zin, over kunstwerken op de grens van ordening en overmaat, over grenzen tussen mensen. Later verschoof mijn aandacht naar waar de samenleving de lijn trekt tussen wat we als normaal beschouwen en wat afwijkt. De lezingen van Michel Foucault (1975): “Society must be defended and Abnormal” vormen voor mij nog altijd een ijkpunt. Vervang het woordje ‘and’ door ‘from’ en het wordt echt interessant.

Grenzen zijn veelal door mensen getrokken lijnen, of het nu grenzen zijn tussen binnen en buiten, tussen landen of territoria, of tussen wat is toegestaan en wat niet. Zij bieden houvast, zo is ons geleerd. Maar wat als zij niet beschermen, maar verdelen? Of allebei tegelijkertijd doen? Grenzen impliceren altijd macht en uitsluiting. Instituties, regels, religie, taal, technologie. Zelfs wetenschap trekt grenzen: ze bepalen wie er baat bij heeft en wie niet. Momenteel staan grenzen stevig in de belangstelling. Zij worden opgelegd, overschreden, versterkt of tenietgedaan. Denk aan de kruipende grenzen van Rusland richting Oekraïne, de Israëlische bezetting van Gaza, of de verwoestende conflicten om grondstoffen in Soedan.

Muziek door muren en prikkeldraaf

Een muzikaal project dat mij, en iedereen die ermee in aanraking kwam, diep raakte was de pop-up opera ‘Op de daken van Nicosia’ uit 2005 van Merlijn Twaalfhoven. In dit verbindende werk legt Twaalfhoven de pijnlijke realiteit bloot van de grenzen die machtige systemen opleggen aan mensen. Tal van Cyprioten werkten mee aan deze opera.

Families en vrienden die gescheiden werden door een om politieke redenen getrokken arbitraire grens, hervonden hun dierbaren, hun geliefden. De deelnemende musici speelden vanaf daken, balkons, in de straten. Kinderen, zangers, dansers maakten deel uit van dit grensoverschrijdende concert. Een uur lang klonk muziek aan beide zijden van de bufferzone die Turkse en Griekse Cyprioten van elkaar scheidt. Dankzij de muziek kwamen zij, door de muren en het prikkeldraad heen, weer even bij elkaar.

Een nihilistischer wordende meme cultuur

Met de opkomst van het internet spelen de laatste decennia nieuwe, onzichtbare grenzen een steeds grotere rol in ons leven. Tribale grenzen, uitvergroot door ongrijpbare algoritmes, die mensen uit elkaar drijven en elk aspect van ons bestaan politiseren. Voor het festival Deal With it /The Cake is A Lie (IMPAKT, 2024), nodigden we kunstenaar Joshua Citarella uit, maker van het werk e-ideologies (2020-2025) en tevens auteur van het boek Politigram and the Post-Left (2021).

Citarella is gefascineerd door de memes op instagram en TikTok, waar hij de symbolen van ideologische splinterclubs onderzoekt: van eco-extremisme tot anarcho-primitivisme. Deze online alsmaar nihilistischer wordende meme cultuur, waar algoritmes leden belonen voor het delen van complotverhalen en extreem gedrag, neemt gevaarlijke vormen aan. Alle nuance en menselijkheid gaan verloren doordat we de emoties achter de feiten — en daaruit voortkomende grenzen — niet langer herkennen. Steeds vaker zijn grenzen tussen de online en fysieke wereld zodanig poreus dat een op identiteiten herkenning gerichte stammenstrijd ons dagelijkse leven doordringt. Van boerenprotesten tegen stikstofplannen tot woedende burgers bij azc’s die asielzoekers zelfs openlijk de gaskamer toewensen. Of neem de toenemende vrouwenhaat.

Wat begon als online steungroep rond influencer en misogynist Andrew Tate, is nu uitgegroeid tot een ware subcultuur. Cecile Simmons beschrijft in Ctrl Hate Delete (2025) hoe de toxische manosfeer van onvrijwillig celibataire mannen, die vrouwen daarvan de schuld geven, zo snel kon ontstaan. Slim gebruik van social media en hate-driven algoritmen brachten de ideologie van het mannelijk suprematisme in no time van niche naar mainstream. De impact strekt zich uit van aanvallen op de reproductieve rechten van vrouwen tot femicide; van de Netflix-serie Adolescence (2025) tot aan Wij eisen de Nacht op als aanklacht tegen verkrachtingsmoorden van onschuldige vrouwen in Amsterdam.

Gezonde grenzen

Gelukkig stellen mensen ook gezonde grenzen. Neem de wereldwijde Rode Lijndemonstraties— ook in Nederland— tegen de volkerenmoord in de Gazastrook, de Westoever en Oost-Jeruzalem. De recent door Trump afgedwongen vrede is op zijn best een langdurig staakt-het-vuren. Van een erkenning van de Palestijnse staat is geen sprake. De Israëlische bezetting blijft van kracht. Ook in de toekomst zal menselijk verzet tegen kunstmatig opgedrongen grenzen van machthebbers en systemen niet uitblijven. Of het nu gaat om de collectieve wederopbouw van verwoeste steden in de Oekraïne, de strijd van de Venezolaanse Nobelprijs-voor-de-Vrede winnares María Corina Machado tegen het regime-Maduro, of de gemeenschapskeukens in Soedan. Ze tonen aan dat van bovenaf verordonneerde grenzen niet altijd gezond zijn. Zulke grenzen dienen te vaak de belangen van slechts enkelen en belemmeren samenwerkingen tussen collectieven om zich in te zetten voor grotere, en belangrijkere zaken als het herstel van de ecosystemen wereldwijd.

Rode draad in mijn tentoonstellingen en boeken is het aan de kaak stellen van hetgeweld van systemen. Niet enkel het louter fysieke geweld, van knokpartijen op straat tot grondoorlogen. Maar juist ook de toenemende macht van tech-platforms die ons in een keurslijf dwingen. Zelfs de jongste generaties verzetten zich tegen de identitaire politiek die door AI wordt genormaliseerd. Dit onzichtbare geweld gaat gepaard met het opleggen, overschrijden en genadeloos handhaven van grenzen. Hacking Habitat (2016) was een tentoonstelling in de voormalige gevangenis Utrecht die een lijn trok van het beroemde ‘panopticum’ van Jeremy Bentham naar onze hedendaagse variant, de smartphone. Mijn essay ‘Society must behacked’ in het bijgaande boek illustreert hoe de toenemende verstrengeling van digitale systemen gewelddadig is en in de fysieke wereld een spoor aan vernielingen achterlaat. Leek dat toen nog abstract, inmiddels is de samenwerking van monopoliseren de tech-bedrijven met overheden en inlichtingendiensten een feit. Reizigers met politieke overtuigingen worden bij aankomst in de VS gedwongen om hun telefoon te openen.

Op 15 november opende mijn nieuwe tentoonstelling in IMPAKT, Utrecht: I AM NOT AN ORACLE. Ook dit project toont het impliciete geweld van grenzen stellende systemen. De bezoekers worden uitgenodigd om aan de hand van acht kunstinstallaties de ordeningsprincipes die onze perceptie bepalen, diepgaand te onderzoeken. Acht grote systemen, ofwel hyperobjecten, worden getest: identiteit, biologie, economie, kolonialisme, klimaat, technologie, religie en politiek. Doel is om het publiek (met name jonge mensen) in een spelvorm te laten ervaren dat de wereld nooit is zoals deze wordt gepresenteerd. De bril waardoor we de ‘realiteit’ waarnemen wordt begrensd door de aannames en constructies die we haar opleggen. Met grote gevolgen voor mens, dier, milieu. Het wordt tijd onze grenzen te heroverwegen, te slechten, en nieuwe te durven stellen, indien nodig.

Deze opinie van Ine Gevers is afkomstig uit Loving Geopolitics Magazine, nummer 8, winter 2025/2026. Dit is een volledig digitaal tijdschrift dat door enthousiaste schrijvers wordt gemaakt en twee keer per jaar verschijnt. Mensen kunnen zich gratis abonneren op Loving Geopolitics Magazine.

1735295143873

Ine Gevers

Ine Gevers is activist, schrijver, tentoonstellingmaker en oprichtend directeur van Stichting Niet Normaal, www.nietnormaal.nl. In al haar …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.