Het was de moed van een Bet van Beeren die in 1927 een café opende voor lesbische vrouwen. De moed van een Benno Premsela die na de oorlog openlijk zei van mannen te houden. De moed van een Willem Arrondeus wiens laatste woorden waren: “Zodat ze weten dat flikkers geen angsthazen zijn”, voordat hij voor een Duits vuurpeloton stierf.
De moed van hen die opkwamen voor homorechten. De oprichters van het COC. De eerste transvrouwen. Transmannen. Een Albert Mol. Een Ellie Lust.
Een Sipke van der Land die samen met een collega het boek schreef “Ook wij zijn homofiel”.
Al die mensen die hun nek durfden uit te steken en durfden te zeggen: hier zijn wij. We gaan niet meer weg.
Zou werkelijk hun strijd worden gesmoord, door een stelletje laffe idioten die over de ruggen van hun levens geld verdienen met het verkondigen van stompzinnige en vijandige praatjes over mannelijkheid / vrouwelijkheid en weet ik niet wat.
Laten we echt de vrijheid om te kunnen zijn wie we zijn afnemen door een stel dwazen die niks presteren, niks weten, niks voor een ander betekenen en alleen maar bekend zijn omdat ze een microfoon voor hun smoel hebben?
Werkelijk?
Willen we terug naar een wereld, waarin machtige en rijke cisgender heteromannen alle andere kleuren van de menselijke familie besmeuren en vertrappen?
Ik brand van woede om zo veel lege stupiditeit.

”Willen we terug naar een wereld, waarin machtige en rijke cisgender heteromannen alle andere kleuren van de menselijke familie besmeuren en vertrappen? Ik brand van woede om zo veel lege stupiditeit.” Hoezo, ik brand van woede om zoveel lege stupiditeit? Je kunt beter woedend zijn dat in de loop der jaren de stupiditeit zoveel aanhangers gekregen heeft, dat heeft een oorzaak, toch? Deze stupiditeit komt toch niet zo maar uit de lucht vallen? Wellicht dat politici, rligieuze leiders, het COC eens kunnen gaan nadenken wat hier aan de hand is en daar een verstandig beleid op ontwikkelen in plaats van te roepen: Ik brand van woede om zoveel lege stupiditeit.