Bekende kunstenaars van Joodse afkomst zijn bijvoorbeeld Marc Chagall (1887–1985), Mark Rothko (1903–1970), Amedeo Modigliani (1884–1920), Camille Pissarro (1830–1903), Max Liebermann (1847–1935), László Moholy-Nagy (1895–1946), El Lissitzky (1890–1941), en hier in Nederland, Samuel Jessurun de Mesquita (1868–1944), Jozef Israëls (1824–1911), Isaac Israels (1865–1934) en Suzanne Perlman (1922–2020).
Het Stedelijk Museum, dat op 13 september 1895 in Amsterdam de deuren opende, had zijn ontstaan te danken aan het legaat van de weduwe Sophia Adriana Lopez Suasso-de Bruijn (1816–1890). Het hoofdgebouw van het museum heette in de eerste jaren zelfs het ‘Suasso Museum’, naar de stichtster uit de rijke Portugees-Joodse familie (bron).
De Tweede Wereldoorlog liet diepe sporen achter. De meesten verzamelaars werden gedwongen hun kunst onder de waarde te verkopen, of hun collecties werden simpelweg in beslag genomen door Nazi-Duitsland, zoals die van Jacques Goudstikker, van wie veel werken terechtkwamen bij Hermann Göring. Door bureaucratie en ontbrekende documenten was na de oorlog restitutie heel ingewikkeld en langdurig, maar veel werken hebben gelukkig een rechtvaardige teruggave gekregen. Zelfs de erven van Jacques Goudstikker, nadat eerder deze maand een schilderij van Toon Kelder werd ontdekt bij een van de grootste Nederlandse collaborateurs (bron).
Een ander voorbeeld is een schilderij van Amedeo Modigliani uit 1918 die begin april is teruggegeven aan Philippe Maestracci, een tachtigjarige boer uit de Dordogne in Frankrijk, nadat het door de nazi’s was gestolen van zijn grootvader, de Brits-Joodse kunsthandelaar Oscar Stettiner (1878–1948). Het werk is via een Nederlandse kunsthandelaar uiteindelijk terechtgekomen in 1996 bij de Libanese miljardair David Nahmad in Monaco, die niets wist van de herkomst en het schilderij na een lange juridische strijd heeft gerestitueerd. De Modigliani wordt geschat op meer dan 20 miljoen euro en zal hoogstwaarschijnlijk, zoals meestal gebeurt in dit soort gevallen, binnenkort op een veiling terechtkomen.
Na de verschrikkingen van de oorlog zijn gelukkig nieuwe Joodse verzamelaars en mecenas opgestaan die veel voor de kunstwereld betekenen, zoals de verschillende Joodse schenkers van het Stedelijk Museum waaronder de families Wertheim, Polak, Sanders en Ekart.
De groene lijn als kunstenaarsgrens
Tijdens mijn laatste bezoek in 2020 aan Israël werd ik samen met andere kunstliefhebbers ontvangen in Tel Aviv door de Nederlandse ambassadeur. De ambassadeur vertelde ons dat Israël geen lange kunstgeschiedenis heeft. Israël kent geen Rembrandt, Vermeer, Van Gogh, Mondriaan of Appel. Het is een jonge staat waar veel kunstenaars over de identiteit van Israël schilderen. Waar staat Israël voor? Welke kleuren, composities, lijnen, gevoelens en emoties passen het best bij Israël? Maar ook: wat zijn de landsgrenzen van Israël?
Kunstenaars zijn door de eeuwen heen altijd wereldburgers geweest die ieder mens als gelijkwaardig zien, en dat is ook zo in Israël. In het conservatieve Jeruzalem kunnen kunstenaars die achter Palestina staan niet werken, maar in Tel Aviv, waar ik een aantal van hen heb ontmoet, krijgen zij alle vrijheid. David Reeb (bron) bijvoorbeeld is een van de kunstenaars die zich sterk verzet tegen het geweld van premier Netanyahu en vaak de groene lijn in zijn schilderijen gebruikt om te laten zien dat Palestijnen recht hebben op een eigen staat. Miki Kratsman en Shabtai Pinchevsky (bron) hebben met hun drones een serie gemaakt van Palestijnse dorpen die tijdens de Nakba in 1948 zijn verwoest. Het beeld dat in dit artikel bovenaan (als dragend beeld) wordt getoond, laat het dorp al-Jammama zien in de Negevwoestijn, waar de ruïnes in het groene gebied nog steeds zichtbaar zijn.
Steun voor de onrechtvaardige status quo
In tegenstelling tot veel kunstmakers, staan veel kunstkopers, naar mijn indruk, aan de kant van de onrechtvaardige status quo. De Amerikaanse Joodse miljardair Thomas Kaplan wiens collectie van Hollandse meesters uit de zeventiende eeuw tentoongesteld is geweest in het H’ART museum (bron), steunt premier Netanyahu onvoorwaardelijk en heeft Amsterdam een antisemitische stad genoemd na de Maccabi rellen van 7 november 2024. Om dezelfde reden heeft Bill Ackman begin 2025 besloten om zijn investeringsbedrijf Pershing Square Holdings terug te trekken van de Amsterdamse beurs (bron).
Met het optreden van de omstreden IDF-voorzanger Shai Abramson tijdens het Chanoeka-concert in het Concertgebouw van 14 december 2025 ontstond het beeld dat een deel van de Nederlandse Joodse gemeenschap geen moeite heeft met IDF’s oorlogsmisdaden (bron). Tegelijk is de diversiteit groot. Ik heb het genoegen gehad om een bijeenkomst bij te wonen van Joden Zeggen Nee in de Uilenburgersynagoge (bron), een beweging van mensen die heel kritisch staan tegenover wat Israël doet. Als kunstliefhebber, verzamelaar, schrijver, donateur en spreker ben ik zelf gecanceld als kunstgids door een Amsterdamse kunstinstelling omdat mijn anti-Netanyahu-uitspraken antisemitisch werden gevonden (bron). Hetzelfde overkwam mij later als ambassadeur van een andere kunstinstelling. Veel Joodse kunstmakers protesteren tegen het Israëlische geweld, terwijl veel Joodse kunstkopers dergelijke protesten als antisemitisch wegzetten, zo is mijn indruk.
Kunstboycot Israël
Dat de westerse kunstwereld voor mensenrechten staat, blijkt uit de Culturele Boycot Israël (bron) die in Nederland en België door meer dan 750 kunstorganisaties en 2.280 kunstwerkers is ondertekend, waaronder het Centraal Museum Utrecht, Museum Arnhem, Stedelijk Museum Schiedam en het Bonnefantenmuseum Maastricht. Dat het Stedelijk Museum Amsterdam niet achter de boycot staat, is spijtig maar te verklaren. Een soortgelijke boycot vindt ook plaats in Venetië voor de Kunstbiënnale 2026, waar de Art Not Genocide Alliance (bron) samen met meer dan tweehonderd deelnemers ‘La Biennale di Venezia’ heeft gevraagd om Israël uit te sluiten van deelname. Ook heeft recent de voltallige jury van de kunstprijs van de Biënnale zich teruggetrokken omdat zij niet kunnen accepteren dat Israël en ook Rusland dit jaar deelnemen aan de strijd om de prestigieuze Gouden Leeuw (bron).
Israël dat sinds zijn ontstaan in 1948 ongestraft Palestijnen discrimineert, verjaagt en vermoordt, en oorlog voert met buurlanden, verdient mijns inziens een boycot, zeker in de kunstwereld. Kunst is altijd bedoeld geweest om te verbinden en niet om te verdelen. Bij schending van mensenrechten wordt zij steevast ingezet als vorm van protest, ook door Joodse kunstenaars in Israël zelf.
