Toen Daan twee jaar geleden vertrok uit het Noëlhuis, gaf hij ons een inclusieve bijbel cadeau. Een bijbel waar vader ‘Abba’ wordt genoemd, Sarah in één adem wordt genoemd met Abraham en waar de zogenaamde ‘hoer’ van Jericho geen stigma draagt, maar herbergierster is, gastvrouw van genade. Deze bijbel is inmiddels zoveel gelezen dat die bijna uit elkaar begint te vallen.
Sinds Gerard met pensioen is heeft ook hij het tot een missie gemaakt om onze liturgie inclusiever te maken en reist hij allerlei kloosters af in Nederland (en daarbuiten) om inspiratie op te doen. Maar het is complexer en tegelijkertijd ook mooier en diverser dan je in eerste instantie denkt, vooral omdat God complexer en mooier en diverser is/zijn dan we ons kunnen voorstellen.
Het zou zonde zijn om ons beeld van God te beperken tot een paar vertrouwde tonen van dat oneindig kleurrijke spectrum en die eindeloos te herhalen. Want woorden kunnen verstarren, beelden kunnen versteend raken en wat ooit richting gaf kan veranderen in een afgod. En dan heb ik het nog niet eens over de patriarchale, hiërarchische, antropocentrische lagen in zoveel van onze gebeden. Geen enkel beeld van God is volmaakt. We leven bij de gratie van verbeelding. Ecofeministische theologe Sally McFague stimuleert ons om op zoek te gaan naar beelden die relevant zijn voor deze tijd. Dat is geen verraad van de traditie, maar juist loyaliteit aan een levende, dansende God, die spreekt in duizend talen, die zich openbaart in ontelbare contexten en met ons meegaat in verandering.
Tegelijkertijd is het een onderhandeling. Het mooie aan een liturgie is dat we niet op ieder woord hoeven te letten, maar dat we gedragen worden in een traditie. We mogen woorden zeggen die schuren en beelden proeven die nog niet rijpen willen, want juist in dat ongemak gloort het heilige. Daar zit voor mij een spanning. Ik houd van het moment waarop we, wereldwijd, met miljoenen stemmen, onze viering beginnen of eindigen in de naam van de Drie-eenheid, want dat zegt mij dat God gemeenschap is en dat wij, geschapen naar dat beeld, ook geroepen zijn tot gemeenschap. Maar die Drie-eenheid is voor mij niet beperkt tot twee mannen en een (dan wel niet vrouwelijke) vogel, Vader, Zoon en Heilige Geest.
In Guatemala bij de dominicaanse missiezusters leerde ik de Drie-eenheid uit te spreken als God vader/moeder, zoon en heilige geest en dat zeggen we nu ook vaak in onze gemeenschap van het Noëlhuis. Het is geen oplossing, laat dat duidelijk zijn, maar wel een stukje bewustwording waar we niet te veel tekst voor hoeven aan te passen. Moeder is geen vervanging voor Vader, maar is bedoeld om onze percepties te bevragen en onze vooroordelen uit te dagen. Als ik deze woorden gebruik in andere ruimtes, maakt het mensen soms nieuwsgierig en ontstaan er mooie gesprekken over godsbeelden. Weerstand hoort er ook bij. Misschien is het een teken dat een beeld versteend is tot afgod, die God beperkt en kleiner maakt (en tegelijkertijd patriarchale structuren in stand houdt?).
Maar God vader/moeder of moeder in plaats van/of afwisselend met vader is niet de oplossing. Het gaat er niet om dat God een geslachtsverandering ondergaat. Het gaat er volgens mij ook niet om dat God genderloos is. Als God echt zo divers en allesomvattend is, dan heeft God misschien wel honderden genders en doen wij een slechte taak in het zijn van evenbeeld met onze binaire en bovendien hiërarchische categorieën van man en vrouw. Je kan ook zeggen “Ouder”, maar dan nog kun je je afvragen of wij onze relatie met God willen vangen in de traditionele kernfamilie structuur die wij bedacht hebben (en die nog te vaak gebruikt wordt om te overheersen)?
En zelfs als we de kernfamilie structuur even loslaten en spreken van Heerin in plaats van Heer of Koningin van heel de schepping in plaats van Koning blijft het hiërarchisch en antropocentrisch. Minder mannelijk, maar nog net zo patriarchaal. Inclusieve liturgie (en het depatriarchaliseren van God) is meer dan het gebruiken van verschillende voornaamwoorden. Het gaat vooral om de beelden die daarbij horen. Mannelijke godsbeelden zijn vaak transcendent, almachtig, alles overstijgend, oneindig. Het gaat niet alleen om de zin ‘Onze Vader’, maar ook de zin die daarop volgt ‘die in de hemel zijt’, want God is ook (op) aarde.
Als we Ene of Eeuwige zeggen vermijden we misschien een genderconnotatie en zelfs het antropocentrisme, maar blijven we gebruik maken van transcendente beelden. Beelden die niet verkeerd zijn, maar wel beperkt. God is namelijk ook het vele, het tijdelijke, het aardse. Het immanente, het aanraakbare, het kwetsbare, het meer-dan-menselijke. De zogenaamde almacht van God sluit dit alles niet uit, maar onze beelden en praktisering van die almacht doen dat wel.
Ik pleit dus niet voor een vervanging, maar voor een uitbreiding, een verruiming van het heilige vocabulaire. Beelden die genderloos of polygender zijn, meer-dan-menselijk, wederkerig, weefselachtig. Zodat we nieuwe ‘onze vaders’ kunnen weven die resoneren met de veelzijdigheid van onze godservaringen en die relaties creëren en weerspiegelen die Gods ‘kindom’ (alternatief op kingdom met een focus op kinship, verwantschap en verbondenheid in plaats van heerschappij) mogen prefigureren (leven en belichamen wat nog zal komen). In de naam van de Schimmelwever, de Levensadem en de altijd circulerende Dans van eb en vloed. Amen.
Onze Schimmelwever
Onze Schimmelwever, die dwaalt in het diepe,
die grond en gesteente doorvlecht met stille wijsheid,
geheiligd zijn jouw netwerken.
Jouw mycelium kome,
je verwevenheid geschiede,
in wortel en verval, in kiem en overgave.
Geef ons vandaag de gave van ontbinding,
de radicale kunst van loslaten zonder angst,
van voeden wat nog komen mag
met de resten van wat was.
Vergeef ons onze onthechting,
ons vergeten van het web dat verbindt,
zoals ook wij leren vergeven,
de handen die hebben ontworteld en verbrand.
Leid ons niet in uitbuiting en extractivisme,
maar in compostering,
in het heilige werk van terugkeer,
van overgave, van voeding aan wat nog zal zijn.
Want van jou is de werveling van verbinding,
het weefsel van meer-dan-menselijke verwantschap,
de eeuwig circulerende dans,
nu en altijd.
Amen.
(Ecologische versie van het Onze Vader)
