De druk die moslims ervaren om constant afstand te moeten nemen van terrorisme is uitputtend. Net als het feit dat sinds 9/11 jonge moslims opgroeien met negatieve beeldvorming in de media over ‘hun’ geloof. Het genuanceerde geluid is voor media en tv niet interessant. Panellid Halil Ibrahim Karaaslan, docent maatschappijleer, benadrukte dat er een taak ligt voor volwassenen binnen de moslimgemeenschap om deze jongeren aan de hand te nemen en te helpen met de vraag hoe zij zich kunnen profileren binnen de samenleving. Deze taak maakte deze avond van zo’n enorm belang. Dr. Margreet van Es, onderzoekster aan de universiteit van Utrecht, benadrukte in haar opening dat de discussie niet zou hoeven gaan over de term islamofobie, en of deze terecht was, want daar draaide deze avond niet om. Zij wilde pijnpunten boven tafel krijgen en deze bespreekbaar buiten, maar ook binnen de islamitische gemeenschap.

Islamofobie komt voor in verschillende verschijningsvormen – waarvan angst er een is, discriminatie, bijvoorbeeld op de arbeids-of huizenmarkt, maar ook haatretoriek en in de ergste gevallen in de vorm van geweld tegen moslims. Ibtissam Abaaziz van Stichting Meld Islamofobie hield een bevlogen speech over haar werk en het belang van het vertellen van de verhalen: als moslims zich uitspreken geeft dat data en kan het probleem in kaart gebracht worden. Islamofobie is daarnaast absoluut niet slechts een probleem voor de moslimgemeenschap, maar een groot maatschappelijk probleem.

Nawal-Mustafa
Nawal Mustafa als moderator. Beeld door: Tayfun Balçik

Een van de vragen die centraal stond tijdens de paneldiscussie was welke rol diversiteit onder moslims zelf een rol speelt bij het verzet tegen islamofobie. Fatma Bulaz zei stellig dat zij was gekomen om namens zichzelf te spreken, als individu, en dat ze dus niet sprak voor ‘de moslim’. Het is niet mogelijk om een hele groep te vertegenwoordigen, omdat een identiteit altijd meerdere lagen kent. Dit wordt intersectionaliteit genoemd, en houdt dus in dat een identiteit bestaat uit bijvoorbeeld je geslacht, je afkomst, je geloofsgemeenschap, maar ook bijvoorbeeld je plek in het gezin, je burgerlijke staat, je beroep, leeftijd of politieke voorkeur. Wanneer we dit beseffen kunnen we ook begrijpen hoe we naar ‘de ander’ kijken.

Bijvoorbeeld: hoe ga je om met crematie na overlijden? Moslims duiden dat alleen in de islamitische context. “Dat is toch verboden in de Islam?”. Maar misschien nog wel pijnlijker: op het moment dat moslims de vragen willen verbreden blijkt dat mensen niet echt bereid zijn te luisteren.

Maar diversiteit in de moslimgemeenschap is ook: de verhouding tussen soennieten en sjiieten. Fatma Bulaz, zelf sjiitische moslim, voelde zich vaak als kind ‘de ander’. Hokjesdenken is dan ook niet alleen het product van de Nederlandse samenleving, maar ook onderdeel van de islamitische samenleving, en misschien wel onderdeel van de mens.

Nawal Mustafa was deze avond de moderator en de organisatie had zich geen betere kunnen wensen. De opgetogenheid en souplesse waarmee zij het gesprek leidde, waar nodig inbrak in de discussie en de panelleden scherp aan de tand voelde was bevorderend voor het verloop van de avond. Zij schuwde niet haar eigen identiteit in de discussie te laten doorklinken. Zij maakt in een bepaalde discussie duidelijk dat seksisme zowel buiten als binnen de moslimgemeenschap als probleem wordt ervaren.

Halil Karaaslan werd door haar in dat kader ‘even voor het blok’ gezet: hoe zet hij zich, als man in de moslimgemeenschap, in om man-vrouw verhoudingen naar een gelijkwaardig niveau te trekken. Ze wilde concrete oplossingen en acties horen – want wat blijft het nog vaak bij theorie! Dit zorgde voor een stevig meningsverschil. Karaaslan vond dit namelijk een ‘dooddoener’, omdat we niet van iedereen kunnen vragen om zo actief met (al die verschillende, nodige) veranderingen bezig te zijn. Wat hem betreft is de ‘en-en’ aanpak de beste.

Ibtissam-Baaziz
Ibtissam Abaaziz Beeld door: Tayfun Balçik

Ook het thema racisme werd uitvoerig besproken en leverde verschillende inzichten op. De een ondervindt dit aan den lijve en aan de andere kant sprak iemand uit het publiek uit dat hij het ‘nooit zo bewust ervaren had’. Daarmee komen we weer uit op het feit dat pijnpunten, binnen en buiten gemeenschappen, vaak niet direct zichtbaar zijn. Sommige groepen moslims moeten namelijk nog steeds ‘bewijzen’ dat ze ook moslim zijn, zoals sjiieten en Afrikaans-Nederlandse moslims.

Volgens Fatma Bulaz is er een groot media probleem – bij het televisieprogramma De Nieuwe Maan ziet zij bijvoorbeeld voornamelijk Marokkaanse moslims aanschuiven. Maame Hammond, Ghanees-Nederlandse: “Het doet ongelofelijk veel pijn dat de Afrikaanse moslim als anders wordt gezien”.

Het gesprek over intern seksisme en racisme zorgde ervoor dat het thema islamofobie in de Nederlandse samenleving niet goed uit de verf kwam. Voor de pauze vroeg ik me af of de opzet van de avond geslaagd was, omdat het gesprek vrij snel op het ‘zijspoor’ van erkenning van problemen binnen de moslimgemeenschappen zelf kwam en ook bleef.

Maar ik besef dat de diverse emoties en de blinde vlekken van deelnemers en publiek aantonen dat het bevechten van islamofobie parallel verloopt aan een gevecht voor volwaardige erkenning binnen de bredere islamitische samenleving. Dat ‘de’ moslim niet bestaat werd mij vanavond wederom duidelijk.

In de pauze sprak ik Arjen Buitelaar, historicus en religiewetenschapper. Hij bood een interessante invalshoek: “Daar waar islamofobie in de Nederlandse samenleving vaak gaat over wit privilege, bestaat er binnen de moslimgemeenschap ook een ‘soenni-privilege’ waarbij de lichtere, Arabische, Marokkaanse (en soms Turkse), man zich veel minder zorgen hoeft te maken over zijn positie als moslim binnen de moslimgemeenschappen. Vrouwen, gekleurde moslims, queer moslims, moslims behorende tot kleinere denominaties, hebben die positie niet. Het enige dat ik in dit soort gesprekken mis is de toevoeging van sociaaleconomische lagen aan intersectionaliteit. Ik denk dat we moeten voorkomen dat dit soort gesprekken een elitair gebeuren wordt.”

Al met al een geslaagde discussieavond.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Juliejet Bakker

Adviseur

Juliejet Bakker (1994) studeerde religiewetenschappen in Leiden en studeert nu Building Interreligious Relations aan de VU. Momenteel is …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.