Ideologisch gedreven geschiedschrijvers, vaak met een beperkte affiniteit met geschiedwetenschappelijke methoden, hebben daar geen boodschap aan. Het gaat hen om de grote boodschap, die van hun ideologische grote gelijk. Nederlandse geschiedschrijvers uit de protestants-christelijke traditie als Guillaume Groen van Prinsterer, Henk Algra en Pieter Jongeling bijvoorbeeld geloofden dat God een bijzondere band met het Nederlandse volk had, via het huis van Oranje. In de zeventiende eeuw ging het nog goed met Nederland en hadden we koloniën in de Oost, omdat het Nederlandse volk naar God luisterde. Daarna ging het echter bergafwaarts met ons land vanwege de verderfelijke liberale ideeën van de Verlichting, waardoor mensen gingen twijfelen aan de goddelijke waarheden uit de Bijbel en aan het Oranjehuis. Daarom konden de Fransen Nederland in 1795 bezetten en verloren we de Kaapkolonie en Zuid-Afrika aan Engeland.

Geschiedschrijver Chris Kaspar de Ploeg gruwt ongetwijfeld, net als ik, van deze geschiedschrijving die draait om God, Nederland en Oranje. Maar zijn eigen geschiedschrijving is net zo ideologisch. Ik schreef een kritische recensie van zijn boek De Grote Koloniale Oorlog deel 1, dat een alternatief verhaal biedt over de Tweede Oorlog.  De Ploeg reageerde op dit stuk met een kritische repliek, waarin hij beweerde dat hij heus geen pro-Sovjetboek had geschreven. Maar deel 2 van zijn trilogie, waarin de Koude Oorlog centraal staat, is geen verbetering. Het is een politiek pamflet waarin selectief wordt geshopt in de geschiedenis ter wille van zijn grote ideologische gelijk.

De ideologische stelling van De Ploeg is dat liberalen – en eigenlijk ook christendemocraten en zelfs sociaaldemocraten – niet wezenlijk verschillen van fascisten. Liberalen – en ook de revisionistische sociaaldemocraten – zouden namelijk net als fascisten door en door koloniaal denken en daarom aan de verkeerde kant van de geschiedenis staan. Hun motieven zijn daarbij per definitie verdacht. Ook de parlementaire liberale democratie verschijnt in dit schema als fundamenteel tekortschietend. Het communistische ideaal daarentegen is goed en zuiver.

De grote koloniale oorlog boekcover

Maar hoe interpreteert De Ploeg dat de Grote Zuiveringen door Stalin, de Killing Fields in Cambodja, de Culturele Revolutie door Mao of de inval van de Sovjet-Unie in Afghanistan? Dat moet je zien als een reactie op de westerse anticommunistische agressie of was eigenlijk door het verderfelijke kapitalistische Westen veroorzaakt. Feiten worden – meestal – niet ontkend, maar wel telkens zo verdraaid dat De Ploeg zijn grote ideologische gelijk weer krijgt. Dat maakt het betoog uiteindelijk nogal vermoeiend.

Maar is kolonialisme niet heel slecht en is het niet goed dat De Ploeg hier de zere vinger op legt, aandacht vraagt voor Indonesië, de Algerijnse Onafhankelijkheidsoorlog, Vietnam, Chili en Palestina? Voert hij niet de goede strijd en is kritiek op hem niet goedkoop intellectueel gezeur van een laffe, liberale leunstoelhistoricus die vasthoudt aan de status quo?

Nee, want je moet de goede zaak – in dit geval de strijd voor vrijheid van niet-westerse landen – wel verdedigen met goede argumenten. Dat doe je niet als je de Holodomor ontkent (dat deed De Ploeg in deel 1 van zijn trilogie), de Cambodjaanse Genocide bagatelliseert en in de schoenen van het Westen probeert te schuiven, de bloedige Sovjetinvasie van Afghanistan goedpraat, de wrede onderdrukking van Oost-Europa door de Sovjet-Unie in de jaren 1945-1989 nauwelijks benoemt, de Nederlandse solidariteit van Nederlanders met Hongarije framet als ‘witte suprematie’, een anticommunistisch relletje in Nederland als een ‘pogrom’ typeert, enzovoort enzovoort.

En door die slechte argumenten, dit marxistisch-leninistische dogmatisme, die communistische orthodoxie, raken de terechte punten die De Ploeg wel noemt helemaal ondergesneeuwd. Want ja, er waren banden tussen de zionisten en de nazi’s. Israël was dikke maatjes met het Zuid-Afrikaanse apartheidsbewind. De CIA speelde dikwijls een dubieuze rol bij coups en steunde foute regimes.

De Ploeg grossiert in voetnoten, maar die maken het boeken niet wetenschappelijker. Een boek over de Koude Oorlog moet ook verwijzen naar de belangrijkste historische literatuur hierover, maar dat gebeurt niet. Over de Communistische Partij Nederland schreven Ger Verrips en Rob Hartmans allebei een boek, maar naar beide standaardwerken wordt geen enkele referentie gemaakt door De Ploeg terwijl hij toch uitgebreid over de CPN schrijft. Zouden de conclusies van deze historici misschien haaks staan op De Ploegs eigen ideeën? Of weet hij gewoon niet of deze boeken zijn geschreven? Wat sowieso niet helpt is dat een literatuurlijst en een index ontbreken in De Ploegs boek, wat zijn betoog sowieso niet bepaald transparant maakt.

Helemaal aan het begin van zijn boek voert De Ploeg een wolk van getuigen op die zijn boek natuurlijk fantastisch vinden, waaronder schrijfster Anja Meulenbelt en de marxistische socioloog Willem Schinkel. Er zit maar één historicus tussen. Zijn er andere historici benaderd voor een positieve recensie, die ze weigerden te geven? Of wilde De Ploeg zijn geschiedenisboek liever niet voorleggen aan de echte deskundigen, omdat hij wist dat ze het zouden afbranden?

In 2023 verscheen de pro-koloniale bundel Het pijnlijke afscheid van de Indische archipel, waarin niet-historicus Bauke Geersing met grote woorden de bestaande historiografie over de oorlog van 1945-1949 bekritiseerde. Geersing hekelde de gevestigde historici en hun zogenaamde ‘weg-met-ons-mentaliteit’. Maar geen enkele gevestigde historicus – alleen de inmiddels omstreden geworden slavernijhistoricus Piet Emmer – waren op zijn boekpresentatie aanwezig. Ze waren niet uitgenodigd of hadden de uitnodiging afgeslagen, omdat Geersing niet uit was op waarheidsvinding en hij eerder de beruchte kapitein Raymond Westerling verheerlijkte en zijn bloedbaden op Zuid-Sulawesi goedpraatte. De parallellen zijn pijnlijk duidelijk: ook hier geen waarheidsvinding, maar morele zelfbevestiging.

Moeten we moraal maar helemaal uit de geschiedenis laten en streven naar absolute onpartijdigheid? Nee. In tegenstelling tot wiskunde bevindt de geschiedschrijving zich niet op een eilandje, maar staat deze menswetenschap midden in de maatschappij. Moraal doet ertoe, al helemaal omdat we er als mensen veel over reflecteren. En soms moet je partij kiezen, ondanks alle nuances die je daarbij kunt maken. Maar het is een slechte zaak als een bepaalde moraal of ideologie het verhaal gaat domineren. Het doel van geschiedenis is in de eerste plaats waarheidsvinding en het vergroten van onze kennis van het verleden. Ideologische geschiedschrijving staat dit in de weg. Wie De Ploegs boek leest leert uiteindelijk minder over de Koude Oorlog en de dekolonisatieoorlogen dan over de ideologische behoeften van de auteur.

De grote koloniale oorlog, deel 2. Chris Kaspar de Ploeg. Starfisch Books, 2026. ISBN 978 94 92 734 358, 452 pagina’s. €29,50.

Lees ook

pexels-cottonbro-10678362

De koloniale hoeders van de macht

'De Grote Koloniale Oorlog' legt een spiegel voor aan de heersende klasse, de liberalen

Ewout Klei

Ewout Klei

Historicus, journalist en schrijver

Ewout Klei is historicus, journalist en schrijver. Zijn expertises zijn Nederlandse politiek, geschiedenis in de breedste zin van het woord …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.