Het voorjaar in onze tuin is in volle gang: de blaadjes aan de bomen verschijnen, de bessenstruiken die we in de winter plantten lopen prachtig uit, er komt van alles onverwacht uit de grond, de kersenboom staat in volle bloei en ‘s ochtends worden we wakker met geweldige vogelconcerten. Een waar paradijs, waar ik elke dag van geniet en dat me ook stof tot nadenken biedt.

Zorgen over of zorgen voor?

Toen we hier kwamen wonen sprak ik buren met prachtige tuinen – een stuk kleiner dan de onze – die over de tuin spraken als een last en ons meewarig aankeken: ‘ze komen er nog wel achter, zo’n tuin is een flinke klus.’ Ik zal niet ontkennen dat onze tuin veel werk is, en zeker in de fase waarin we nu zitten van het heraanleggen van grote stukken tuin met een tuinier-conditie die daar (nog) niet op is ingesteld. En toch zie ik de tuin niet als last, maar als een stukje ecosysteem waar ik voor mag zorgen, een cadeau waar ik zuinig mee om wil gaan.

Gifvrij

Tot een paar jaar geleden ging ik elk voorjaar naar het dichtstbijzijnde tuincentrum om daar fleurige eenjarige bloemetjes te kopen. Ik was mij van geen kwaad bewust, groen is goed toch? Nu weet ik dat veel planten niet duurzaam worden gekweekt, in verwarmde kassen en met gif.  Blij verrast was ik dus dat Trouw afgelopen maand kopte: ‘Het nieuwe tuinieren van Intratuin is ouderwets tuinieren’ – de grootste tuincentrumketen van Nederland schakelt over op gifvrije planten. Het wordt dus voor meer mensen makkelijker om goede planten te kopen en voor kwekers ook haalbaarder om over te schakelen. Ik juich het toe!

Lopen, vliegen en krioelen

Voor de aanleg van onze tuin heb ik mij verdiept in Permacultuur en probeer dus onze tuin op een manier aan te leggen en te onderhouden die goed is voor de bodem, voor alles wat er groeit en voor de levende wezens die er lopen, vliegen en krioelen. Zo hebben we een vijver, die zorgt voor een grotere biodiversiteit in de tuin en in de zomer voor verkoeling. Ook hergebruik van materialen en organisch materiaal hoort erbij, dus hebben we de vijverbak en de kas tweedehands gekocht, gebruiken we de stenen uit het oude terras voor het afzetten van de moestuinbakken, ligt snoeiafval op een grote takkenril achter in de tuin en verwerken we het groenafval tot compost. En waar ik zelf enorm van geniet: de ‘nieuwe’ planten in onze tuin komen deels van mensen uit de buurt, geruild op de informele lokale plantjesmarkt, waar gifvrije planten (zonder geld) van eigenaar verwisselen.

Het is wat we zijn

Leven mogelijk maken op een manier die we heel lang kunnen volhouden, daar gaat het volgens mij om. En daarbij moet ik vaak denken aan deze uitspraak van Joanna Macy: ‘Actie is geen last die je moet optillen en op je schouders hijsen. Het is wat we zijn. Het werk dat we moeten doen zou je kunnen zien als een manier om tot leven te komen.’

Voor mij is het werken in de tuin en daarmee het vergroenen en verduurzamen van onze leefomgeving dus een manier om tot leven te komen én tot leven te laten komen.

p.s. Als je nu tot hier bent gekomen met lezen en denkt ‘tja, ik ben gewoon geen tuinier, het geeft mij stress, dus ik laat de tegels lekker liggen’, dan wil ik je graag 2 tips geven: 1. Je hoeft niet meteen alle tegels uit je tuin te wippen, je kunt ook beginnen met een klein hoekje en daar een mooie groene (klim)plant inzetten, die weinig onderhoud nodig heeft. 2. Er is altijd wel een buur die tuinieren leuk vindt en je wil helpen; gewoon even vragen!

Doortje profielfoto

Doortje ’t Hart

Doortje ’t Hart (1967) probeert zowel professioneel als privé bij te dragen aan een mooiere wereld. Als zelfstandig ondernemer …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.