Volgens alle betrokkenen met wie ik in de Schilderswijk sprak, ging het om een bewuste provocatie door mensen van buiten de wijk rond de wedstrijden van Marokko tijdens het wereldkampioenschap voetbal. Onvoldoende broncontrole en kritiekloos overschrijven leidden er vervolgens toe dat Marokkaanse Nederlanders als groep met de leuzen in verband werden gebracht. Zo verspreidde zich in Nederland, Israël en via internationale sociale media het beeld van een ernstige antisemitische uitbarsting. Deze reconstructie laat zien hoe dat kon gebeuren en doet voorstellen om collectieve journalistieke ontsporingen, waarbij media elkaar al dan niet bewust kritiekloos volgen, zoveel mogelijk te voorkomen.
Op 8 juli overlegde de politie met wijkorganisaties bij Stichting Believe Together over eerdere voetbalongeregeldheden in de Schilderswijk en de rol van mensen van buiten de wijk. Het mocht helaas niet baten. Een dag later, na de wedstrijd Frankrijk–Marokko, braken opnieuw ongeregeldheden uit. Op 10 juli verschenen alarmerende berichten, onder meer op de Joodse nieuwssite Jonet.
Marokkaanse jongeren zouden onder meer “Hamas, Hamas, Joden aan het gas” hebben geroepen. De melding bereikte ook Israëlische media, die er – anders dan in Nederland – prominent aandacht aan besteedden. De Israëlische staats-tv zond een clip uit waarop “Alle Joden zijn homo’s” hoorbaar is, maar stelde dat ook de gaskamerkreet was geroepen. YNET, Israëls grootste online nieuwsplatform, gaf eveneens prominent aandacht aan de gaskamerkreet. De Israëlische historicus dr. Ofer Nur, die onderzoek doet naar de invloed van sociale media op het Israëlisch-Palestijnse conflict, reageerde op dezelfde dag geschokt: “So soccer fans shout in Holland ‘Jews to the gas chambers’?”
Het bericht van Jonet leidde ook tot bezorgdheid binnen de Joodse gemeenschap. Onze Anna Lindh Foundation-adviseur Hanneke Gelderblom werd hierover gebeld door rabbijn Asjer Waterman en belde vervolgens mij. Die bezorgde reactie is volkomen begrijpelijk. De kreet “Joden aan het gas” roept rechtstreeks de gaskamers van de Holocaust in herinnering en behoort tot de ernstigste antisemitische taal die denkbaar is.
De in Enschede wonende Marokkaans-Nederlandse imam en kunstenaar Salima Essakkati, oprichter van de Joods-Islamitische Vriendengroep, verzet zich tegen de negatieve beeldvorming van Marokkaanse Nederlanders. Zij wijst op de eeuwenoude Joodse gemeenschap in Marokko en op de tienduizenden Israëli’s die sinds de normalisering van de betrekkingen in 2020 jaarlijks Marokko bezoeken.
Sinds 2024 is de kritiek op het Israëlische beleid zowel in Marokko als onder veel Marokkaanse Nederlanders sterk toegenomen. De gebeurtenissen rond de wedstrijd Ajax–Maccabi Tel Aviv in november 2024, gevolgd door een fel politiek en maatschappelijk debat, hebben de onderlinge verhoudingen verder onder druk gezet. Ook verschillende politici en opiniemakers droegen daaraan bij door de gebeurtenissen nadrukkelijk te verbinden met bredere negatieve uitspraken over Marokkaanse Nederlanders en de islam.
Negatieve beeldvorming ontstaat doordat feiten of beelden selectief worden uitgelicht en vervolgens breed worden verspreid. Dat proces wordt ook politiek benut, waardoor bevolkingsgroepen tegenover elkaar kunnen komen te staan. “Die beeldvorming kan lang blijven hangen, vooral bij de groepen die daarvan het slachtoffer zijn,” zegt de Joodse oud-senator Hanneke Gelderblom, “waardoor de bereidheid tot dialoog afneemt. Juist daarom is onderzoek naar de herkomst en juistheid van berichten nodig om opzettelijk foutieve beeldvorming te ontkrachten.”
Waar is de bron?
Jonet verwees naar meldingen van freelancejournalist Marc Wurfbain, die op 9 juli om 22.43 uur op X schreef dat op de Vaillantlaan zowel “Alle Joden zijn homo’s” als “Hamas, Hamas, Joden aan het gas” werd gescandeerd. Op de video die hij daarbij plaatste is de eerste leus duidelijk hoorbaar, de tweede niet. Opvallend is bovendien dat andere journalisten die die avond ter plaatse waren, de Holocaustkreet niet vermelden en dat meerdere bewoners haar ontkennen. Het lukte niet Marc Wurfbain voor commentaar te bereiken. Volgens journalist Owen O’Brien, die die avond eveneens ter plaatse was, is Wurfbains filmpje meer dan een miljoen keer bekeken. O’Brien gaat niet in op mijn vraag of hij de spreekkoren wel of niet heeft gehoord. NRC en NOS waren eveneens aanwezig, maar berichtten niet over deze Holocaustkreet.
(toevoeging redactie NieuwWij: mede dankzij de auteur van dit stuk, heeft Jonet het bericht later gecorrigeerd; zowel kop als inhoud zijn veranderd omdat de feiten anders bleken te liggen).
Het ANP had die nacht een verslaggever en fotograaf ter plaatse. In een bericht van 02.05 uur noemt het persbureau “Alle Joden zijn homo’s”; de Holocaustkreet ontbreekt. Om 09.11 uur verspreidde het uitgesproken conservatief-nationalistische internationale socialmedia-account Visegrád24 dezelfde video en presenteerde daarbij als feit dat ook “Hamas, Hamas, Jews to the gas” was geroepen. Om 09.34 uur verscheen die kreet voor het eerst ook in een nieuw ANP-bericht. “Het ligt voor de hand dat een verslaggever zo’n ernstige kreet, als hij die zelf hoort, direct zou vermelden.” Juist daarom is het opmerkelijk dat zij in het bericht van 02.05 uur ontbreekt en pas later wordt toegevoegd.
Juist het ANP draagt hierin een bijzondere verantwoordelijkheid. Kranten die niet zelf ter plaatse kunnen zijn, moeten op een persbureau kunnen blindvaren. Daarom vroeg ik het ANP naar de bron van deze toevoeging. De betreffende verslaggever is met een lange vakantie, maar het ANP liet weten dat waarnemingen zonder nadere bronvermelding afkomstig zijn van de eigen verslaggever ter plaatse. Het is wenselijk dit na diens terugkeer alsnog met de verslaggever te verifiëren.
Opmerkelijk blijft dat de Holocaustkreet op de beschikbare video’s niet hoorbaar is. Wel hoorbaar is “Alle Joden zijn homo’s”. Ook The Times of Israel bekeek de beelden en kon “Hamas, Hamas, Joden aan het gas” daarop niet verifiëren.
Daarna ging het snel. Nederlandse, Israëlische en andere buitenlandse media namen de melding over. Sommige koppen presenteerden de kreet zonder voorbehoud als vaststaand feit.
Omdat ik geen beeld- of geluidsopnamen kon vinden waarop de gaskamerkreet hoorbaar is, bezocht ik de locaties die op de beelden te zien zijn en sprak ik in cafés en winkels met bewoners en ondernemers, vooral van Marokkaanse en Turkse afkomst.
Hun frustratie was groot. In Nederland geboren en opgegroeide bewoners vertelden dat zij veel last hebben van mensen die uit andere delen van Den Haag en zelfs van buiten de stad naar de Schilderswijk komen rond voetbalwedstrijden. Sommigen verschijnen zelfs met gezichtsbedekking om herrie te schoppen. Zij ergeren zich er bovendien aan dat zij na incidenten telkens als “Marokkaan” of “Turk” worden aangeduid in plaats van als Nederlander. Wangedrag van individuen wordt volgens hen al snel het gedrag van “de Marokkanen” en vervolgens ook nog met de islam verbonden.
De Joodse Schilderswijkbewoner Itai Cohn was na de wedstrijd aanwezig op de locatie aan de Vaillantlaan waarnaar de berichtgeving verwijst. Hij heeft de gaskamerkreet niet gehoord.
Historische context
“Hamas, Hamas, Joden aan het gas” is geen door Marokkaanse jongeren bedachte leus. Zij is sinds 2004 gedocumenteerd in het Nederlandse voetbal en werd gehoord bij supporters van ADO Den Haag, Feyenoord, Vitesse en PSV, vaak rond wedstrijden tegen Ajax. Dat hangt samen met het feit dat Ajax-supporters de bijnaam “Joden” als geuzennaam zijn gaan gebruiken.
Dat maakt de leus geen millimeter minder antisemitisch. Het betekent wel dat een bestaand Nederlands hooliganfenomeen niet zonder nadere onderbouwing als specifiek Marokkaans verschijnsel mag worden gepresenteerd.
Wat betekent “Alle Joden zijn homo’s”?
Volgens Salima Essakkati moet ook deze leus worden begrepen tegen de achtergrond van de voetbalcultuur, waarin supporters elkaar met provocerende spreekkoren beledigen. Zij wijst erop dat ook leuzen als “Alle Duitsers zijn homo’s” voorkomen. De leus “Alle Joden zijn homo’s” is in die context eveneens vooral tegen Ajax-supporters gericht.
Meerdere bewoners van middelbare leeftijd in de Schilderswijk vertelden mij dat met “Joden” in deze specifieke straatkreet de politie wordt bedoeld. Hoewel de afgelopen jaren veel is geïnvesteerd in de relatie tussen politie en jongeren, zijn de verhoudingen met een deel van de Marokkaanse jongeren in de wijk niet zonder spanningen. Massale politiepresentie tijdens demonstraties en ervaringen met onheus politieoptreden roepen reacties op. Dat kan verklaren waarom juist deze leus wordt gebruikt.
Maar ook als die verklaring klopt, verdwijnt het probleem niet. Waarom wordt “Jood” gebruikt als scheldwoord voor iemand aan wie je een hekel hebt? En waarom wordt “homo” als belediging gebruikt?
Iedere vorm van onverdraagzaamheid moet worden bestreden. Juist het onderwijs en jongerenwerkers die het vertrouwen van Marokkaans-Nederlandse jongeren hebben, kunnen daarin een belangrijke rol spelen. Zij kunnen jongeren laten nadenken over wat hun woorden bij anderen oproepen. Een jongen kan bedoelen dat hij boos is op de politie; een Joodse Hagenaar die “Alle Joden zijn homo’s” hoort, hoort iets heel anders.
Ook als de politie wordt bedoeld, kunnen zulke woorden de eigen gemeenschap beschadigen. Een filmpje van enkele schreeuwende jongeren kan binnen enkele uren internationaal veranderen in een verhaal over “de Marokkanen” of zelfs over antisemitisme onder Nederlandse moslims.
Van beeldvorming naar dialoog
Hier wordt een mechanisme zichtbaar dat polarisatie kan versterken. Na ongeregeldheden waarbij tientallen mensen worden aangehouden, meldt één persoon op X een ernstige leus die anderen niet onafhankelijk kunnen verifiëren. Sociale media verspreiden de melding en combineren die met beelden waarop niet alle gemelde woorden hoorbaar zijn. Andere media nemen de berichtgeving over. Onderweg dreigen onzekerheden, bronvermeldingen en context verloren te gaan, terwijl generalisaties zich verder verspreiden.
Bewoners herkennen zich niet in het ontstane beeld waardoor hun wantrouwen tegenover media, politie en andere betrokken partijen groeit. Daardoor kunnen ook terechte waarschuwingen voor antisemitisme gemakkelijker als stemmingmakerij worden afgedaan. Zo kan iedere stap de volgende versterken.
Dat hoeft niet zo te blijven. In gesprekken in de Schilderswijk stelde ik bewoners voor met een rabbijn in gesprek te gaan. Dat voorstel stuitte op geen enkel bezwaar. Juist door persoonlijke contacten tussen lokale sleutelfiguren, kunnen opruiende boodschappen op sociale media sneller worden herkend, besproken en waar nodig in de kiem worden gesmoord.
Bewoners mogen terecht protesteren tegen generalisaties. Onderwijskrachten en jongerenwerkers kunnen jongeren laten zien hoe schadelijk hun woorden zijn, niet alleen voor anderen maar ook voor hun eigen gemeenschap.
Media moeten bij ernstige beschuldigingen zo dicht mogelijk bij hun primaire bronnen blijven en duidelijk onderscheid maken tussen eigen waarnemingen, beeldmateriaal en informatie van derden. Het lijkt ons wenselijk dat in Nederland een onafhankelijke organisatie wordt opgericht die systematisch toetst of media de journalistieke gedragscode naleven, in plaats van uitsluitend te vertrouwen op klachten van direct betrokkenen.
De politie meldde 29 aanhoudingen, maar doet geen mededelingen over de samenstelling van deze groep. Omdat in de berichtgeving al snel over “Marokkaanse jongeren” werd gesproken, is meer openheid wenselijk om ongefundeerde generalisaties en geruchten tegen te gaan.
Believe Together stelt fanzones voor, zodat bezoekersstromen beter kunnen worden georganiseerd en ordeverstoorders van buiten de wijk beter kunnen worden geweerd. Er zijn mogelijkheden om dit soort polarisatie tegen te gaan. Dat begint met zorgvuldig vastgestelde feiten, het vermijden van generalisaties en de bereidheid elkaar daarop aan te spreken.

Mij verbaast het helemaal niets. In dit conflict is, zo schijnt, dat alles uit de kast gehaald mag worden om de ander aan te vallen en het eigen gedrag, goed te praten, te verdoezelen. Het is duidelijk aantoonbaar dat politieke leiders of niet bij machte zijn, of ronduit te beroerd om naar een rechtvaardige vrede te streven voor alle betrokkenen. Integendeel wie de grootste en de dikste heeft moet en zal overwinnen. De religieuze leiders van jodendom, christendom en islam zijn met echte belangrijke dingen bezig, dus dat deze gezamenlijk in actie komen tegen antisemitisme, christenvervolging en moslimhaat kan niemand verbazen. Laat staan dat zij gezamenlijk met een vredesvoorstel komen in het belang voor alle betrokkenen. O, sorry, wat dom van mij, deze bovenste beste brave lieden doen natuurlijk niet aan politiek. Zij bidden en bidden dat hun vredesdoel bereikt mag worden, wat niets te maken heeft met een rechtvaardige vrede voor alle betrokkenen.