Joop R   juni 2015Stel dat er tien religies zijn, dan zijn er met een één-op-één gesprek tussen twee er van al 45 dialogen denkbaar. Sommige daarvan worden regelmatig gevoerd, bijvoorbeeld tussen monotheïstische religies, bij sommige is er sprake van een groot verschil van opvatting (of toch niet zo groot?) als een gesprek tussen een christen en een atheïst. En weer andere komen niet zo veel voor, zoals een gesprek tussen een moslim en een boeddhist. Daartoe een poging van Joop Romeijn, die zichzelf vrijzinnig boeddhist noemt.

Door: Joop Romeijn

In Nederland is het wel of niet voeren van een gesprek van een boeddhist met een moslim in zekere mate een luxe-probleem, zoveel hangt er niet van af. Maar in een behoorlijk aantal Aziatische landen is het van groot belang omdat – in groeiende mate, lijkt het – boeddhistische en islamitische bevolkingsgroepen tegenover elkaar staan. Bijvoorbeeld in Myanmar, in Sri Lanka, Thailand en ook wel in Indonesië.

Het drama van de (pogingen tot) verdrijving van groepen Rohingya-moslims uit Myanmar (Birma) door fanatieke boeddhisten heeft in Nederland wel tot het aanpassen van het beeld geleid dat boeddhisten altijd zulke tolerante en vredelievende mensen zijn. En aanleiding tot een diep gevoel van schaamte bij in ieder geval een deel van de boeddhisten hier. Maar is ook een argument voor de urgentie van zo’n gesprek. Overigens blijkt dat aan zulke conflicten meestal economische, politieke of strategisch-militaire thema’s ten grondslag liggen. Zelden alleen of primair religieuze thema’s.

De relatie moslims-boeddhisten heeft een lange geschiedenis, vanaf de achtste eeuw in India. De veroveringstochten door diverse moslim-generaals vielen in die tijd min of meer samen met de neergang en praktische verdwijning van het boeddhisme uit India; het verband tussen die twee feiten is helemaal niet zo eenduidig.

Boeddhisten en moslims leefden (tot voor kort) niet altijd maar wel vaak in vrede naast elkaar. Deels op basis van een misverstand. Namelijk dat boeddhisten toch eigenlijk ook een (soort) God hadden en dat de Boeddha eigenlijk een (soort) profeet was en dat de Sutra’s eigenlijk een (soort) door God gedicteerde Heilige schrift waren. Hoe boeddhisten echt over dit (in mijn ogen, want sommigen denken tamelijk theïstisch) ‘misverstand’ dachten, weet ik niet: door boeddhisten is – tot nu toe – opvallend weinig over de islam nagedacht en geschreven.

Ik vind die kennis over de geschiedenis in m’n achterhoofd nuttig om – in Nederland, en zonder het wereldleed helemaal op de schouders nemend – nu een boeddhist een gesprek met een moslim te laten voeren. Maar hoe? Ik heb geen zin in romantiek: het (Aziatische) soefisme bijvoorbeeld als mystieke islamitische traditie fascineert me, het (Westerse) ‘Universeel Soefisme’ van Hazrat Inayat Khan niet.

Ik wil ook graag een gesprek dat symmetrisch van aard is. Niet de één vraagt alleen maar en de ander legt alleen maar uit, niet de één verdedigt en de ander beschuldigt; niet de één probeert te overtuigen en de ander probeert af te houden.

Een gesprek niet tussen ‘een vertegenwoordiger van’ de ene met ‘een vertegenwoordiger van’ de andere levensbeschouwing, maar tussen individuen, in de wetenschap dat er grote verschillen zijn tussen verschillende belevingen van islam c.q. boeddhisme. Met compassie als basis maar eigenlijk nog meer: met nieuwsgierigheid.

Geen gesprek dit keer over de problemen die een moslim of moslima in Nederland heeft, het is goed dat die gesprekken ook gevoerd worden, maar dit keer even niet. Ook geen gesprek met het doel het eens te worden, al was het maar over een gemeenschappelijke kern, ook dat streven kan een vooringenomenheid zijn.

Een mogelijke vraag, niet om te provoceren maar vanuit m’n nieuwsgierige grondhouding en behoefte aan een symmetrisch’ gesprek: het is kennelijk denkbaar dat de (historische) Boeddha door moslims als ‘een Profeet’ wordt gezien. Is het dan ook denkbaar dat vanuit boeddhistische optiek bij Mohammed wordt gedacht aan de graad van ‘Verlichting’ die hij heeft bereikt, of hij een Boeddha (dat is een volledig verlichte) was?
Met m’n beschrijving van ‘het misverstand’ hierboven heb ik een ander punt al genoemd.

M’n vraag aan die denkbeeldige moslim: kun je er mee leven dat ik niet geloof in een schepper God of welke naam aan deze theïstische gedachte ook wordt gegeven. En als logische subvraag: kan je er mee leven dat ik niet in hemel en hel geloof, en toch ethisch denk te kunnen leven? Van mijn kant zal ik, en andere boeddhisten die een vergelijkbare interesse hebben, mij opnieuw de Aziatische religieuze wortels van het boeddhisme moeten realiseren; waarbij rituelen niet als onbelangrijk en afschafbaar terzijde moeten worden gelegd.

Een meer uitgebreide versie van dit artikel, met bijlagen, vindt de lezer op mijn website.

Joop Romeijn is vrijzinnig boeddhist.

Nog geen reactie — begin het gesprek.