Voor ons was vanaf het begin al duidelijk dat onze plek niet in Nederland was en na vele omzwervingen via België, England en Ierland kwamen we in 2006 voor de eerste keer in Zweden. Dit was het land waar we wilden wonen, dit was thuiskomen. Na een zoektocht door Zweden vonden we in 2010 onze plek hier in Bohuslän. Deze streek heeft alles waar we naar op zoek waren, rust, ruimte, mogelijkheid en de natuur is overweldigend. Hier voel ik mij tot op de dag van vandaag thuis.

Het was onze droom om eigen grond en bos te hebben en het doel is om met en uit deze grond ook een living te maken. Ons perceel bestaat uit 20 hectare grasland en 70 hectare bos. Met name het bos is een deel van onze inkomsten maar ook een spaarpot. Daarnaast zijn we ook bezig met hout verzagen en houtverduurzamingsmiddelen die we ook verkopen in onder andere Nederland. Het bos is privébezit en wij bepalen dan ook hoe wij hiermee omgaan. Onze insteek is om het bos zoveel mogelijk intact te houden, dit betekent niet dat we er niets aan doen, integendeel. We dunnen uit, oogsten pluksgewijs en planten daar waar dat nodig is. We proberen het ecosysteem intact te houden en te anticiperen op de klimaatverandering die helaas duidelijk merkbaar is. Dit doen we onder meer door de diversiteit in het bos te vergroten. Zo hebben we bijvoorbeeld lariks aangeplant, dit is een pioniersboom die minder gevoelig is voor grannbarkborre (kevers) die de sparren aantasten. Daarnaast doen wij ook geen kaalkap meer.

20250808_144759

Onze buren, die ook bos hebben gaan hier anders mee om. De prijzen van hout zijn op dit moment goed en dat is voor veel boseigenaren een reden om kaalkap te doen. De gevolgen zijn enorm; de grond wordt geteisterd door veel wind en veel zon, erosie, nieuwe planten slaan moeilijk aan. Gras is eigenlijk het enige dat groeit. Het leefgebied van flora en fauna wordt hierdoor ook enorm verstoord. Ons doel is om een balans te vinden tussen het genereren van inkomen en het behouden van het ecosysteem.

Allemansrecht

Niet elke Zweed heeft bos, maar dat betekent niet dat je er dan niet van kunt genieten. In Zweden geldt het allemansrecht, dat wil zeggen dat iedereen het recht heeft om in het bos paddestoelen en bessen te plukken en dat men vrij is om door een bos te lopen of te kamperen (dit moet je wel aan de eigenaar vragen overigens). Op zich is dit een hele mooie gedachte, al is de interpretatie hiervan niet altijd even reëel. Wij vinden het prima als andere mensen ook uit ons bos oogsten, maar wel graag voor eigen gebruik.

Wij wonen in een klein ruraal dorp met al zijn dynamiek. Veel mensen die hier wonen zijn familie van elkaar. Ze hebben een diepe verbinding met de streek en blijven na hun opleiding hangen of komen terug. Ze trouwen of gaan relaties aan in een straal van zo’n dertig kilometer. Dit is overigens niet zo’n groot verschil met het platteland in Nederland, weet ik uit ervaring.

Wat ik wel lastig vind is om echt vriendschappen op te bouwen. Contacten genoeg en sommige gaan ook wel wat dieper, maar veel Zweden zijn erg op zichzelf en vriendschappen hier zijn vaak ook al van jongs af aan. Voor onze kinderen is dit denk ik wel anders, die zijn hier opgegroeid.

Naast het werk dat ik hier thuis doe werk ik ook regelmatig in de kinderopvang met kinderen van 1 tot en met 5 jaar. Dit is voor mij ook een manier om te aarden. Hier bedoel ik mee dat ik door mijn werk meer in de gemeenschap sta en dat kinderen op deze leeftijd je regelmatig met beide voeten op de aarde zetten.

1000025959

Ik red mij overigens prima in het Zweeds, maar de kinderen vragen mij soms heel direct: Eva, waarom praat jij zo raar? Conclusie, ik ben een beetje anders, maar dat is oké. In de kinderopvang zie ik wel iets terug van het leven met de aarde: we zijn met de kinderen heel veel buiten. Voor elke weertype hebben we kleding klaar liggen. En weet je, niets is leuker dan in plassen rollen, hout een waterverfbeurt te geven en wat dacht je van een buitendouche onder een lekkende dakgoot!

Werken in het bos geeft mij ook energie, het is mooi als je de machines waar je mee bezig bent uitzet en je letterlijk de stilte hoort. Dan kun je genieten van de natuur om je heen. In het bos kom ik tot mijzelf en als ik gestrest ben, zorgt een wandeling ervoor dat ik alles weer een beetje in perspectief zie.

Als ik terugkijk op de laatste vijftien jaar moet ik concluderen dat ik dichter bij mezelf ben gekomen. Ik sta dichter bij de natuur en beleef die ook intens. Na een lange, donkere winter kan ik helemaal blij worden van de eerste krokus die door de sneeuw piept. Seizoenen zijn intenser en zo beleef ik het ook. Mij is altijd bijgebleven dat ik in december een keer in het vliegtuig zat naast een Zweedse man die verzuchtte: Nog drie weken… En ik vroeg: … en dan? Dan wordt het weer licht, zei hij. Ik moet zeggen dat ik hier in de donkere dagen vaak aan terugdenk.

Eva Hovingh (53) studeerde Facility Management in Deventer. Haar man Erik Visser studeerde Internationale Landbouw in Deventer. Hun kinderen zijn inmiddels 18 en 16 jaar oud. Dit artikel is afkomstig uit AdRem, tijdschrift van de Remonstranten.

20250808_144759 – kopie

Eva Hovingh

Eva Hovingh (1972) studeerde Facility Management in Deventer.
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.