Nederland en België lijken onlosmakelijk verbonden met chocolade, maar chocolade ook vaak met ontbossing en uitbuiting. Geschat wordt dat de invoer van de Belgische chocoladesector verband houdt met de jaarlijkse vernietiging van bos met een oppervlakte van een stad als Leuven, zegt het Wereldnatuurfonds (WWF). Voor Nederland geldt iets vergelijkbaars.
Maar er zijn wel grote verschillen tussen de merken, toont de nieuwe rangschikking van negentien bedrijven en merken op basis van criteria als ontbossing, traceerbaarheid, kinder- en dwangarbeid en gebruik van pesticiden.
Alle criteria in acht genomen scoren Tony’s Chocolonely en Ritter Sport het best in de ranking. Hun resultaten tonen aan dat duurzamer werken met cacao ook op grote schaal mogelijk is, zegt het WWF.
Een aantal grote bedrijven koos ervoor om niet deel te nemen aan de beoordeling. Mondelēz International, bijvoorbeeld, het moederbedrijf van Côte d’Or, Milka en Toblerone, wordt de slechtste leerling van de klas genoemd. Daar tegenover staan bedrijven als Nestlé, Mars en Ferrero, die hun beleid en monitoring hebben aangescherpt, mogelijk onder invloed van de nieuwe Europese regelgeving die op komst is (EUDR).
Consument heeft impact
Een degelijk inkomen voor cacaoproducenten blijft een zwak punt in de chocoladesector, zegt het WWF. De meeste grote bedrijven die actief zijn op de Belgische en Nederlandse markt scoren op dit criterium te laag, waardoor ook het risico op kinderarbeid en ontbossing hoger blijft.
“Consumenten kunnen een reële impact uitoefenen op ontbossing, maar dan moeten ze wel toegang hebben tot betrouwbare en begrijpelijke informatie over de chocoladesector”, zegt Hendrik Mersseman van WWF-België. “Met deze chocoladegids brengen we de zichtbare verschillen tussen chocoladebedrijven in kaart en sturen we een duidelijke boodschap: ook in de chocoladesector moeten zaken zoals transparantie en de strijd tegen ontbossing de norm worden.”
