De excuses zijn gericht aan de ruim 12.500 Molukkers die na de Indonesische onafhankelijkheid naar Nederland kwamen, dit jaar 75 jaar geleden. Velen van hen hadden als militair gediend in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL), dat aan Nederlandse zijde vocht tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949). Ze gingen ervan uit dat zij na de oorlog een eigen staat zouden krijgen, maar die Molukse staat kwam er niet. Na de soevereiniteitsoverdracht kwamen duizenden Molukkers naar Nederland. Hier werden ze vaak ondergebracht in voormalige kampen. Ze verkeerden langdurig in onzekerheid over hun toekomst.
Jetten sprak van een ‘harteloos en eerloos ontslag als militair’, een opvang en huisvesting die tekort schoot en het gevoel door de Nederlandse overheid niet te zijn gezien en erkend. De premier ging in op het verdriet en de pijn die dit volgens hem in veel Molukse gezinnen heeft veroorzaakt.
“Voor het harteloze en eerloze ontslag als militair, voor de gebrekkige opvang en huisvesting, voor niet gezien en in de steek gelaten worden, voor het onvervulde verlangen naar thuis, voor het verdriet en pijn in zoveel Molukse gezinnen, daarvoor bied ik vandaag namens de Nederlandse regering excuses aan.” De aanwezigen reageerden op deze woorden met applaus en gejuich. Jetten sprak ook over hoe verder gevolg moet worden gegeven aan deze spijtbetuiging. “Excuses krijgen pas betekenis door de daden die er op volgen”.
Hoe dat ‘herstel’ eruit moet komen te zien is nog niet concreet. Het zit volgens Jetten allemaal “niet in beton gegoten” en moet in goed overleg gerealiseerd worden. De Molukse gemeenschap in Nederland heeft daar een belangrijke stem in, aldus de premier.
