“Een boete aan jezelf uitkeren, tussen vestzak en broekzak, daar heeft de gedupeerde gemeenschap weinig aan,” stelt MPO-woordvoerder Joram van Klaveren.

In de brief stelt MPO voor om de middelen te gebruiken voor de aanpak van institutionele moslimdiscriminatie via de NCDR (Nationaal Coördinator Discriminatie en Racisme), co-creatie tussen overheid, welzijns- en zelforganisaties van moslims, veiligheid van moskeeën en moslims – in het bijzonder moslima’s – en een monitor voor de proactieve bescherming van grondrechten van moslims. Volgens MPO is herstel van het geschade vertrouwen alleen mogelijk door concrete investeringen in rechtsbescherming en gelijkwaardigheid.

Vorig weekend nam het moslimbelangenplatform kennis van het nieuwe coalitieakkoord van D66, VVD en CDA getiteld ‘Aan de slag’. Het akkoord bevat volgens MPO zowel positieve aanknopingspunten, “open” passages maar ook een reeks zorgelijke voorstellen die fundamentele vragen oproepen over rechtsstatelijkheid, gelijkwaardigheid en godsdienstvrijheid.

Positief noemt MPO het wettelijk verankeren van de rol van de Nationaal Coördinator Discriminatie en Racisme en de Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding, evenals het aanpakken van etnisch profileren. “Dit biedt een belangrijke kapstok om structurele misstanden, waaronder moslimdiscriminatie, effectief te agenderen en aan te pakken.”

Moslimdiscriminatie

MPO vindt het een groot gemis dat islamofobie, moslimhaat of moslimdiscriminatie niet expliciet worden genoemd in het akkoord, zoals homohaat en antisemitisme wel specifiek worden genoemd. “Dat is onbegrijpelijk in een tijd waarin moslims structureel te maken hebben met uitsluiting en vijandigheid. Ook van overheidswege. Denk onder meer aan de spionage in moskeeën, de zogeheten bankenkwestie en burgers die onterecht op terreurlijsten staan.”

Zorgelijk noemt MPO een reeks voorstellen die volgens de organisatie vaag geformuleerd zijn en ruimte laten voor willekeur. Het gaat onder meer om passages over ‘kernwaarden van de democratische rechtsstaat’, het herzien van de wet op nieuwe scholen, het verplicht ‘omarmen’ van bepaalde waarden en een ‘strenge aanpak’ van wie die waarden zou ‘verstieren’. “De democratische rechtsstaat betekent juist dat er ruimte is voor afwijkende, ook religieuze en/of behoudende opvattingen.”

Daarnaast maakt MPO zich grote zorgen over plannen rond buitenlandse inmenging, toezicht op religieuze instellingen, het tegengaan van buitenlandse financiering – waarbij expliciet moskeeën worden genoemd – en het opstellen van (nationale) zwarte lijsten voor imams. “De niet gedefinieerde begrippen en eenzijdige focus op moslims en islamitische instellingen lijkt een zorgelijke voortzetting van beleid van met name het vorige kabinet. Politieke organisaties en andere levensbeschouwelijke stromingen lijken anders te worden behandeld.

MPO vraagt zich af hoe dit doorwerkt in bijvoorbeeld de uitbreiding van discriminatierechercheurs. “Dit kan bijdragen aan de bescherming tegen discriminatie, ook van moslims, maar omdat expliciete aandacht hiervoor ontbreekt, roept de selectieve kijk in het coalitieakkoord ook vragen op: “Worden straks – gezien de ontwikkelingen van de afgelopen periode – de politieke meningsuitingen, zoals pro-Palestijnse standpunten, of religieus-conservatieve opvattingen sneller als discriminatie bestempeld? Ook de inzet op interreligieuze dialoog is op zich een waardevolle, maar dat dit gekoppeld wordt aan ‘integratie’ in plaats van ‘samenleven’ roept vragen op over de kijk van deze coalitie ten aanzien van de islamitische gemeenschap.”

Nikabverbod

Ten slotte noemt MPO het voortzetten en actiever handhaven van het verbod op gezichtsbedekkende kleding disproportioneel. “Uit de evaluatie van mei 2024 blijkt immers dat de wet nauwelijks effect heeft gehad, maar wel heeft geleid tot meer onveiligheid voor moslima’s in het algemeen en in het bijzonder vrouwen die een niqaab dragen.”

Logo_Personen

Redactie Nieuw Wij

Heeft u ook een nieuwstip? Of wilt u zelf publiceren? Laat het ons weten via de contactpagina.
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.