De Raad van Kerken vertegenwoordigt negentien kerkgenootschappen met gezamenlijk vijf miljoen leden. Twee jaar geleden betoogden zevenhonderd predikanten al dat het christendom en extreemrechts niet samengaan. Nu spreken de Rooms-katholieke Kerk (RKK) en de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) zich samen met een aantal kleinere kerkverbanden in heldere taal uit over het gebrek aan respect van radicaal-rechts voor de waardigheid van de mens: ‘Kracht en macht worden verheerlijkt, dienstbaarheid en kwetsbaarheid worden geminacht’.

De kerken moesten juist nu collectief van zich laten horen, stellen ze. Coen Wessel, algemeen secretaris van de Raad van Kerken, noemt het rapport “een goede handreiking om mee aan de slag te gaan. Niet elke afzonderlijke kerk staat achter elke analyse en aanbeveling, maar publicatie van het document werd steeds dringender. De beraadgroep is er een jaar geleden aan begonnen. In dat jaar is het radicaal-rechtse geluid aanzienlijk sterker geworden. Dat gedachtegoed zit in Nederland in veel hoofden en harten.”

“We zien onder christenen verschillende gradaties qua radicaal-rechts denken, maar het gedachtegoed is binnen de kerken zeker aanwezig. Overtuigde hardliners zullen niet makkelijk op andere gedachten te brengen zijn. Daarom richt de beraadgroep zich tot mensen die delen van het radicale gedachtegoed hebben overgenomen omdat ze er gevoelig voor waren of er geen goed weerwoord tegen hadden. Daar zitten mensen bij die boos zijn op de kerk.”

Het rapport is bedoeld ‘als steun aan voorgangers en individuele christenen die aarzelen om zich uit te spreken’. De samenstellers willen ook ‘een bijdrage leveren aan het maatschappelijke debat. Als kerken zich niet uitspreken, dekken ze onrecht toe en misverstaan ze hun roeping. De Europese en met name de Duitse geschiedenis van de twintigste eeuw laten zien dat kerken die te lang zwijgen in politieke crises hun geloofwaardigheid verliezen en mensen buiten en binnen de kerken in de steek laten’.

Foto Coen Wessel Startzondag 2
Coen Wessel

In het beleidsdocument worden bewust geen namen van extreemsrechtse politici of partijen genoemd. ‘Met een duidelijke veroordeling van radicaal-rechtse politici en partijen laat je zien waar je voor staat en waar je niet bij wilt horen. Maar zodra je politici en partijen veroordeelt, wordt het gesprek met aanhangers van radicaal-rechtse politici – en met mensen die niet op hen stemmen maar wel met hen sympathiseren – heel moeilijk. De ander is dan geen gesprekspartner meer en ontmoeting of toenadering worden vrijwel onmogelijk’.

Wessel: “We wilden het niet hebben over een bepaalde politicus of een specifieke partij. Radicaal-rechtse opvattingen zijn niet altijd eenduidig of samenhangend. Het heeft niet zoveel zin om het daarover te hebben. Je krijgt dan ook al gauw reacties als: ‘hij bedoelt het heel anders’ of ‘ik vind het toch wel een sympathieke vrouw’. Het gaat ons niet om de poppetjes maar om de inhoud van het radicale gedachtegoed. We houden het oog op die bal.”

De beraadgroep schrijft: ‘De kerken moeten er aandacht voor hebben dat haar vertegenwoordigers de waarden van het christelijke geloof omarmen en naleven’. Dat betekent niet dat de kerken mensen die ‘verbondenheid voelen met politieke organisaties, die tegenstrijdige waarden of overtuigingen aanhangen, bij voorbaat moeten verbieden om als ambtsdrager in de kerk te functioneren’. Het gedachtegoed van deze personen ’moet wel aanleiding zijn voor het stellen van kritische vragen’.

In het rapport staat dat ‘in individuele gevallen maatregelen gepast kunnen zijn tegen een ambtsdrager, gemeentelid of parochiaan die racistische meningen blijft uitdragen. Deelname aan gewelddadige acties rond de komst van azc’s moet scherp worden veroordeeld. Kerken moeten een veilige plek zijn voor iedereen. Kerkgangers mogen erop vertrouwen dat zij niet met het racisme van medegelovigen geconfronteerd worden’.

Wessel: “De kerken beslissen zelf over tuchtmaatregelen. Met iemand die voortdurend racistische opmerkingen maakt, moet je natuurlijk een stevig gesprek voeren. Het doel moet zolang mogelijk blijven dat iemand verandert, maar als die persoon zich racistisch blijft uiten, dan moet je de kerkgemeenschap tegen hem of haar beschermen. Elke kerk hanteert daarbij zijn eigen regels. Iemand uit de kerk zetten, is de meest vergaande maatregel, maar kan de uiterste consequentie zijn.”

De beraadgroep adviseert de kerken ‘aanhangers en sympathisanten van radicaal-rechts niet uit te sluiten en te stigmatiseren omdat dat gevoelens van onrecht kan versterken. En dat kan weer leiden tot verdere radicalisering. De kerken zouden zo – zonder dat te willen – kunnen bijdragen aan meer polarisatie in de samenleving’. Er is daarom voor gekozen zich niet primair te richten op partijen en politici, maar te zoeken naar een ‘manier om met radicaal-rechts gedachtegoed om te gaan’.

‘Dat betekent dat de kerken niet al te zeer moeten meegaan in het politieke jargon van het moment. We moeten woorden gebruiken die passen bij het christelijk geloof. Dat roept de vraag op: wat is onze taal dan? Die vraag is extra urgent omdat ‘christendom’ in het publieke debat wordt gebruikt voor iets dat weinig met het geloof te maken heeft: eng nationalistisch, anti-islam en identitair denken. Termen als joods-christelijke beschaving en cultuurchristendom worden zo een identiteitsmarker en dat schuurt omdat het niet gaat over het christelijke geloof zoals kerken dat beleven en belijden’.

kerk-zonsondergang_1920-1170×680
Beeld door: Pixabay

Het rapport vervolgt: ‘Daarom is het onderscheid tussen christendom als cultuur of erfgoed en christen-zijn als het volgen van Jezus belangrijk. Het is de taak van kerken om hun taal terug te pakken van mensen die haar achteloos of strategisch gebruiken. Woorden als ‘discipelschap’, ‘inwijding’ of ‘navolging’ kunnen daarbij helpen. Die sluiten aan bij verlangens naar houvast en richting, maar zijn tegelijk kritisch en niet zomaar inzetbaar voor macht of identiteitspolitiek’.

‘Discipelschap erkent dat mensen zoeken naar betekenis in een wereld die zij als onoverzichtelijk en bedreigend ervaren. Het is daarom nooit vrijblijvend. Het vraagt om zelfonderzoek, om het onder ogen zien van angst, boosheid en ressentiment en om de bereidheid deze niet te laten uitgroeien tot uitsluiting of ontmenselijking van anderen. Discipelschap behelst daarmee dat de ogen geopend worden voor de mythische dimensie van radicaal-rechts gedachtengoed’.

Het rapport waarschuwt voor radicaal-rechtse heimwee naar het verleden. ‘Zo ideaal was dat verleden niet. Mythische visoenen leidden tot fascisme en nazisme. Nederland voerde koloniale oorlogen, vrouwen werden achtergesteld en homoseksuelen gediscrimineerd. Ook in het verleden liepen er diepe kloven door de samenleving. De verschillen tussen arm en rijk waren groter dan nu. De scheiding van de sociale klassen was veel harder en de tegenstelling tussen katholieken en protestanten – of tussen protestanten onderling – was fors’.

De beraadgroep beklemtoont dat in onze tijd ‘rechtstaat, democratie en christendom nauw met elkaar zijn vervlochten. De overtuiging dat in Christus iedereen gelijk is, is een fundamentele overtuiging van het christendom. Dat een gemeenschap gebaseerd moet zijn op recht en rechtvaardigheid is een notie die door het hele Oude- en Nieuwe Testament heenloopt. In onze tijd worden deze waarden vormgegeven in het nationale en internationale recht en in de democratische organisatie van een samenleving’.

‘Als Nederlandse kerken zijn we daarom terecht zuinig op de democratie en de rechtstaat. Mocht de overheid antidemocratisch of anti-rechtstatelijk optreden dan dienen de kerken daar krachtig tegen te protesteren’. De kerken zijn ook tegen ‘een vorm van democratie waarin de meerderheid haar opvattingen kan opleggen aan minderheden’. De kerken blijven uitgaan van ‘een democratie die grondrechten beschermt. Maar geloofsgemeenschappen ervaren dat (seculiere) meerderheden meer invloed willen op lichamelijke gezondheid, opvoeding, onderwijs en geloof’.

Dat blijkt volgens het rapport uit de voorstellen voor de Wet toezicht informeel onderwijs, de voorgestelde maatregelen op het gebied van het burgerschapsonderwijs en de weigering om openbare gebouwen aan religieuze groepen te verhuren. ‘Voor moslims en joden staan de rituele slacht en in de toekomst wellicht ook de jongensbesnijdenis onder druk. Als kerken komen wij op voor het goed recht van alle levensbeschouwelijke organisaties om in vrijheid hun geloof of overtuiging vorm te geven en maatschappelijk een rol te laten spelen’.

De kerken signaleren ‘dat Nederlanders met een migratieachtergrond, vooral als ze niet oorspronkelijk uit Europa komen, te maken hebben met discriminatie. Veel van hen hebben tot nu geprobeerd zich aan te passen om zo een plaats in de Nederlandse samenleving te veroveren. Die pogingen zijn voor een groot deel van de derde en vierde generatie succesvol geweest, maar omdat discriminatie en wantrouwen blijven bestaan, ontstaat ook het idee: wat we ook doen, het is nooit genoeg. Het is belangrijk om dit signaal serieus te nemen’.

 ‘Het christelijke geloof mag niet worden ingezet tegen mensen met een andere achtergrond. Dat kan niet alleen de band tussen broeders en zusters in Christus schaden, maar maakt van het christelijke geloof een afgod. Ongeremde superioriteitsclaims verhinderen het moeilijke proces in de kerken om de schaduwzijden van het verbond van het Westen met het christendom onder ogen te zien, zoals het christelijke goedpraten van antisemitisme en slavernij’.

Het rapport wijst erop dat kerken niet in hun eentje de democratie kunnen behoeden en bewaren. ‘We moeten samenwerken met andere godsdiensten en levensbeschouwelijke groepen. Plaatselijk kan dat in een raad waarin meerdere godsdiensten vertegenwoordigd zijn, maar bijvoorbeeld ook door directe contacten met de lokale moskee. Landelijk is het van groot belang om goede contacten te hebben met vertegenwoordigers van islam, jodendom, hindoeïsme, boeddhisme en humanisme en samen op te treden richting overheid en samenleving’.

Coen-Wessel-768×432
Coen Wessel: “In de VS en ook in Rusland hoor je fel-nationalistische stemmen” Beeld door: Christien Crouwel

Over de internationale ontwikkeling van radicaal-rechts gedachtegoed schrijft het rapport: ‘Nederland is niet uniek. Hoewel elk land weer anders is, zijn er vergelijkbare ontwikkelingen waarneembaar in de VS, Rusland, Hongarije, Italië, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland. In de VS zien we racistische intimidatie, uitsluiting van kiezers en soms zelfs terreur door de overheid’.

Wessel: “Kijk naar de nauwe kring van rechts-radicale christenen rond Trump. In de VS en ook in Rusland hoor je fel-nationalistische stemmen. Denk aan de Russisch-Orthodoxe Kerk waarvan de leiding radicaal-rechtse waarden uitdraagt. Vaderlandsliefde kan positief zijn, maar op het moment dat het inhoudt dat je iedereen buiten jouw land als vijand gaat zien en jezelf een historische missie toebedeelt, die ten koste gaat van anderen, dan ben je fout bezig.”

Het rapport spreekt op dit punt duidelijke taal: ‘Internationale ontwikkelingen laten zien wat ons voorland kan zijn als we onze waarden niet beschermen en niet op een goede manier optreden tegen radicaal-rechtse krachten. De recente acties van Rusland en de VS hebben ervoor gezorgd dat de internationale samenleving, die altijd op rechtsregels gebaseerd was, vervangen dreigt te worden door een wereld waarin de macht van de sterkste regeert. Dat leidt tot geweld, oorlog en mogelijk de ondergang van de Westerse beschaving’.

Het rapport is hier te bekijken: De weg naar discipelschap. Op 8 mei is de jaarlijkse Oecumenelezing ook aan dit thema gewijd. De Vlaamse journalist Mark van de Voorde zal tijdens zijn lezing voortborduren op zijn spraakmakende boek ‘Niet in onze naam’ en ingaan op de omgang van de kerk met radicaalrechts gedachtegoed. Lees meer.

Lees ook

foto SR Nieuw Wij

“Deel orthodox-christelijk Nederland vatbaar voor radicaal rechts”

Sander Rietveld, auteur van ‘Nieuwe Kruisvaarders’, wil het gesprek op gang brengen

WhatsApp Image 2026-04-17 at 10.47.09

Hans Invernizzi

Journalist

Hans Invernizzi is journalist en werkte dertig jaar bij hogeschool Windesheim in Zwolle als docent en manager bij de opleiding …
Profiel-pagina
Al één reactie — praat mee.