“Landstede was mijn tweede thuis. De moeite die jullie nemen, de tijd, de energie, er voor ons zijn! Ik ben heel blij met jullie. Daardoor ben ik waar ik nu ben,” zo verwelkomt Maria mij als ze de deur opendoet en ik haar vraag:

Maria, hoe gaat het met jou?

“Ik ben nu gelukkig getrouwd met Garcia en voor de tweede keer moeder geworden. Sinds kort heb ik de vrijheid van flexwerk verruild voor een vast teamverband met een vast contract als verzorgende IG. Ik voel me een gewaardeerde collega. Na de magere jaren ben ik nu in de vette jaren gekomen en daar geniet ik iedere dag van,” zegt Maria.

Maria moest vanaf nul beginnen in Nederland, de Nederlands taal leren, Nederland leren kennen en de Nederlanders begrijpen. Ze vond daarbij steun in haar geloof: “De hand van God heeft mensen om mij heen gebruikt om mij te steunen wanneer ik dat nodig had.” Maar ze gelooft ook in zichzelf: “Dat geloof in mijzelf heb ik van mijn vader,” vertelt Maria. “Ik heb hem lang kwalijk genomen dat hij mij zo jong wegstuurde, maar snap nu dat hij dit met de beste bedoelingen deed.”

Ze is in 2011 en 2019 met de beide kinderen naar Angola geweest om haar ouders en (half)zussen en -broers te ontmoeten. Dat was een emotioneel weerzien. Ook de terugkeer naar Nederland was emotioneel. Hoe zeer ze haar familie ook mist, ze is blij om in Nederland te leven. De kansen die ze hier heeft als mens, als vrouw, in een vrij land, waar ze mag zijn wie ze is, zou ze in Angola nooit hebben gehad. Ze voelt zich dankbaar en heeft het verwijt en de waarom-vraag losgelaten. “Ik leg het allemaal in Zijn hand.”

Maria Mateus-5492 – kopie
Maria Mateus Beeld door: Pierre Pinkse

“Mensen gunnen mij goede dingen, ik pak mijn kansen, ik wil de wereld leren kennen, mij ontwikkelen, zelf dingen kunnen, creatief zijn in oplossingen, ik heb geleerd hulp te vragen en te accepteren, ik zoek altijd oudere mensen met levenswijsheid, ik sta open voor nieuwe dingen en ervaringen, ik durf nu fouten te maken en daarvan te leren.” Maria praat vlot en reflecteert intens over haar ontwikkelingsweg tot nu toe. “Ik ben leergierig; als het moeilijk was zei ik tegen mijzelf ‘Maria, je kan het!’, ik heb doorgezet want ik wilde vooruit, ik ben zelfredzaam geworden. Ik vertrouw erop dat ik dingen kan oplossen die op mijn pad komen.”

En ze blijft leren op allerlei vlakken: om haar Nederlands voortdurend te verbeteren, om zich beroepsmatig te blijven ontwikkelen, in het moeder zijn, opvoeden, overleggen, en in het genieten van kleine dingen. Maria heeft de hand van God vaak gevoeld; verschillende mensen hebben haar gesteund als ze dat nodig had.

Marcel Winkel en Arina Gamelink waren, als begeleiders in het Opbouwhuis, haar ‘bonusvader en -moeder’. Ze spreekt met warmte over hen. Ze leerden haar hoe je je tot goed mens kunt ontwikkelen, wat de omgangsnormen en waarden zijn in de Nederlandse maatschappij, hoe je mag en kunt vragen als je iets nodig hebt en hoe je voor jezelf kunt opkomen. Maar ook de gezelligheid bij thuiskomst uit school: thee en een koekje. Ze leerde met geld omgaan, uitgaan, winkelen, ‘mezelf mooi mogen vinden’, maar ook wat vriendschap en meidenpret met huisgenote Angela inhield. “Een fijne tijd.”

Over Anneke, die zij via de kerk ontmoette: “Zij is het licht in mijn leven, een moeder. Ze heeft me zó geholpen, ze luisterde naar mij en bad met mij. We voerden gesprekken, zonder oordeel en zonder te adviseren hielp ze me mijn weg te vinden in de tijd dat ik zwanger was, mijn dochtertje kreeg, studeerde, stage liep. Ik voelde mij een zwart schaap, niets waard, zondig omdat ik ongehuwd zwanger was, schulden had. Zij leerde mij dat ik een geliefd kind van God was, ondanks mijn fouten!”

Maria vertelt dat zij heel graag bij iemand wilde horen, samen met iemand wilde zijn, haar dochtertje in een gezinsverband wilde laten opgroeien. Maar: “Ik heb geleerd dat je eerst zelf iemand moet zijn voordat je met een ander samen kunt zijn en een leven kunt delen. Dat was een soms pijnlijke maar noodzakelijke zoektocht.”

“Landstede heeft mij gemaakt tot wie ik ben. De docenten, mijn mentor, meneer Nabil, de maatjes Hans, André, Durk en zijn vrouw, Lies. Ze zagen mij als mens, als een kind. Ik kon altijd bij hen terecht. In de gang werd ik vriendelijk gegroet. Allemaal zagen ze mij als persoon, niet als een probleem. Ze geloofden in mij!” Ze was hele dagen op Landstede MBO. Het open leercentrum was haar tweede thuis, haar schuilplek. Ze kreeg hulp met Nederlands, met het maken van opdrachten en schrijven van verslagen, en om de Nederlandse samenleving te begrijpen. Maar bovenal om te geloven in zichzelf.

Mentor Peter zorgde op een financieel dieptepunt dat haar schoolgeld door Landstede werd betaald en zij door kon gaan met haar opleiding. Meneer Nabil hielp haar met zijn humor, betrokkenheid, duidelijkheid en liefdevolle begeleiding. Maatje Hans leerde haar hoe ze in de Nederlandse samenleving dingen aan moest pakken. Maatje André hielp met taal, grammatica. Stimuleerde haar: ‘Je kunt het!’

Maatje Durk en zijn vrouw stimuleerden haar om mbo-niveau 4 Verzorgende IG te doen; de twijfel te overwinnen.

Zelfs onlangs heeft ze weer met meneer Nabil gebeld of zij een maatje mocht hebben voor het professionele farmaceutisch rekenen. Maatje Lies werd aan haar gekoppeld; ze wilde zo graag begrijpen en het prachtige resultaat was een tien voor het examen. Om trots op te zijn!

Onvoorwaardelijke steun

Ze kreeg vrienden die haar onvoorwaardelijk steunden. Zoals Angela, die haar over haar verlegenheid heen hielp en meenam de wereld in: winkelen, feestjes, lachen, haar liet zien dat ze mooi was. Angela verhuisde helaas maar het contact bleef.

Beatrix was haar steun en toeverlaat en is de peetmoeder van dochtertje Neuvania. Beatrix is een soort oudere zus die haar hand pakte en haar bemoedigde, die met haar vooruitkeek, die oppaste tijdens de avond- en weekeinddiensten van haar stage, die met haar lachte en huilde, haar mee naar buiten nam de zon in, mee naar de kinderboerderij.

Petra, die haar in de laatste opleidingsjaren begreep met weinig woorden. Ze zag haar noden, gaf praktische hulp zoals bij het verkrijgen van de schoolgeldbrief.

Haar grote liefde Garcia, die zij twaalf jaar geleden ontmoette en met wie zij nu is getrouwd, heeft haar weer geleerd te lachen, goed met geld om te gaan, te plannen, te genieten, te léven, de kinderen op te voeden, naar hen te luisteren en er iets mee te doen, voor hen op te komen op school en in de buurt, verantwoordelijkheid te nemen, echt samen te zijn, in gesprek te komen en te blijven. Om ruimte te maken voor een vakantie, om een uitstapje te maken, aandacht en tijd voor elkaar te maken. Zich rijk te voelen.

Ze voelt nu vaste grond onder haar voeten, kan zich binden in werk en relatie, voelt zich serieus genomen in haar werk, in haar relaties met vrienden en collega’s, durft de eindverantwoordelijkheid voor een vaste plek in het team aan.

“Ik ben gegroeid. Ik neem mijzelf serieus. Ik voel mij volwaardig in de Nederlandse samenleving. Ik heb geleerd van mijn fouten, geleerd om mijzelf en anderen te vergeven. Ik ben iemand, ik ben Maria.”

André van Bennekom (maatje): "Maria wilde echt graag leren, investeren in zichzelf"

Als jong-gepensioneerde civiel ingenieur wilde André zich graag nuttig maken in de maatschappij. Hij ontmoette coördinator Nabil Sahhar in 2007 en werd enthousiast voor Maatje op Maat.

Vele jaren ging hij iedere dinsdagmiddag naar het gebouw van Landstede waar Maatje op Maat-studenten ‘aan de keukentafel’ plaatsnamen, net alsof ze van school naar huis kwamen. Hier konden ze aanschuiven om verslagen van hun stages te schrijven, werkstukken in goed Nederlands te maken, om de eigenaardigheden van de Nederlandse taal te begrijpen en om rekenen onder de knie te krijgen. Allemaal zaken die ze in hun thuissituatie niet meekregen, om welke reden dan ook. Er waren altijd meerdere studenten, ‘maten’, aanwezig. Er waren (en zijn) steeds een paar maatjes aanwezig die op verzoek hielpen als ze vastliepen. Sommige deelnemers kwamen maandenlang iedere week en anderen slechts voor een kort traject.

“Ik vond het prachtig om te doen, samen met andere maatjes. Met name Nederlands als tweede taal vond ik interessant. Ik heb wel iets met taal. Je leert er zelf ook zo veel van, over de eigenaardigheden van het Nederlands. Hun vragen zetten je zelf aan het denken. Ik leerde ook zo veel over de cultuur van de leerlingen, hun taal. Het fijne was ook dat je hen kon stimuleren, een stapje verder helpen, hen complimenteren als iets was gelukt, haalbare doelen stellen, hun zelfvertrouwen oppeppen. De onderlinge band tussen de maatjes was altijd prettig. We deden het echt met elkaar,” aldus André die ondanks zijn civiel-technische achtergrond er juist voor koos ondersteuning te geven bij de Nederlandse taal.

Maria-André-5530boek
Maria met maatje André Beeld door: Pierre Pinkse

“Ik herinner mij Maria met name omdat ik haar ook thuis aan de keukentafel les heb gegeven. Zij had een tijdje meer individuele begeleiding nodig voor Nederlands. Maria was heel trouw in haar afspraken. Ze wilde echt graag leren, investeren in zichzelf, in haar eigen ontwikkeling. Wat fijn dat ze zo goed op haar plek is gekomen!”

De andere verhalen rondom Maria zijn de verhalen van Angela Monteiro (vriendin en eveneens ooit ama), Durk en Trineke Hoekstra (maatjes), Anneke (vriendin en moederfiguur voor Maria) en Lies Neisingh (maatje). Alle verhalen zijn te lezen in het boek Hoe gaat het met jou? Stralende Sterren van Maatje op Maat. Kijk ook eens op de website van Maatje op Maat.

marijke houben

Marijke Houben

Marijke Houben is actief op het gebied van coaching en mediation. Ze is onder meer betrokken bij Maatje op Maat.
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.