Toen ik nog in Utrecht woonde zat ik zelden langer dan 45 minuten in het OV om bij mijn bestemming te komen. Ik greep mijn tas en jas en was de deur uit. Sinds we in Warnsveld wonen is het ritueel iets uitgebreider geworden. In mijn tas pak ik nu standaard: een thermos-thee, gesmeerde boterhammen, een regenbroek, paraplu én regenhoes. En altijd een sjaal, handig bij kou buiten of kou van de airco in de trein.
Op de fiets naar het station geniet ik van het mooie en rustige Zutphen en in de eerste trein drink ik thee, kijk naar buiten en observeer mijn medereizigers. In de tweede trein kies ik vrijwel altijd de stiltecoupé en verzet in een half uur meer werk dan in twee uur achter mijn bureau. Ik heb dat altijd gehad, als ik onderweg ben is mijn geest op een of andere manier helderder.
Reizen met OV, veel mensen gruwen ervan, ik vaar er wel bij! Oké, behalve dan die keer toen ik drijfnat op station Hilversum stond, maar dat was gelukkig een uitzondering.
Nee joh, moet jij twee uur reizen?
Conversatie na een klus:
Collega 1: ‘nee joh, moet jij 2 uur reizen om hier te komen? Waar woon je dan? Ik doe dat echt nooit, ik wil op tijd thuis zijn voor de kinderen.’
Collega 2, die altijd met OV reisde voor zover ik me herinner: ‘ik vind de trein echt veel te duur geworden, ik neem tegenwoordig de auto’.
Ik had natuurlijk kunnen zeggen dat je in de spits echt niet sneller bent met de auto of dat de kosten van een auto toch ook niet misselijk zijn, alleen zie je die niet meteen aan het einde van je rit op een uitcheck-schermpje verschijnen.
Maar ik koos ervoor het bij mezelf te houden en uit te leggen dat reizen met OV mij zoveel meer oplevert dan het kost aan geld en extra tijd.
Lummelen
In onze maatschappij waar alles zo snel én goedkoop mogelijk moet lijkt reizen met OV, zeker over langere afstanden, een domme keuze. Ik kijk er anders naar, namelijk vanuit het oogpunt van energiebeheer. In de auto heb ik mijn aandacht nodig voor het verkeer, terwijl ik in de trein nog even het programma voor de dag kan doornemen, mailtjes beantwoorden en vooral achterover leunen en ‘lummelen’. Zo kom ik relaxed en met een ‘opgeruimd hoofd’ aan op mijn bestemming en kan wat me te wachten staat die dag goed aan. Na een intensieve werkdag ben ik blij dat ik gereden word en langzaam kan ‘afschakelen’. Bijkomend voordeel is dat ik mijn dagen niet voller plan dan met OV realistisch is en oh ja, vaak superleuke gesprekken heb in de trein of wachtend op een bus.
Met gesloten ogen achter het stuur
Ik ben weer op weg naar Hilversum. Dit keer, geheel tegen mijn gewoonte in, met de auto, omdat ik een meeting wil combineren met een bezoek aan mijn zoon in Utrecht. Door een gekantelde vrachtwagen is de A12 richting Utrecht afgesloten en moet ik via de A1, waar ik meerdere keren in een file beland. Bijna een uur later dan gepland kom ik bij zoonlief aan in een niet bepaald gezellige staat. Als ik einde van de dag in de buurt van Apeldoorn rijd, kan ik mijn ogen amper open houden, zo moe ben ik. En dat achter het stuur. Volgende keer gewoon weer met OV. Ook nog beter voor het klimaat.
Wil je meer weten over reizen zonder eigen auto, lees de e-gids ‘leven zonder auto’ van Petra van Kleef, ze heeft echt op alle mogelijke voorziene obstakels een antwoord.
