Tijd, is dat nu iets dat vaststaat, een gegeven? Iemand die zich daaraan houdt wordt een man van de klok genoemd. Gek trouwens dat men niet de woordcombinatie ‘vrouw van de klok’ gebruikt. ‘Neem je tijd’, zeggen we ook vaak. Maar eigenlijk zijn dan we ongeduldig. In het Oude Testament, beter gezegd de Joodse Bijbel, gaat een heel boek grotendeels over tijd: het boek Prediker. Bij de Joden wordt dit boek gelezen tijdens het Loofhuttenfeest. Het behoort tot de wijsheidsliteratuur.

‘Voor alles wat er gebeurt is er een uur,
een tijd voor alles wat er is onder de hemel.’ (Prediker 3)

En daarna noemt Prediker alles op wat ons leven beslaat: een tijd van het baren en van het sterven, een tijd van huilen en van lachen, een tijd om te verkillen, een tijd om te omhelzen en een tijd om af te weren, en zo gaat het door. Wie dacht ook al weer dat deze teksten wereldvreemd zijn?

Maar wat is tijd eigenlijk? Wij, hier in het Noordwesten van Europa, hanteren tijd vaak als op tijd, daar zit een norm aan vast: je bent op tijd of niet op tijd, dus te laat. Als je afzakt naar het diepe zuiden is tijd meer een durende beleving, die kan uitrekken of krimpen al naargelang een stemming, een behoefte, of misschien zelfs afwezig kan zijn. Dit tot ergernis soms van mensen die daar snel ter zake willen komen. Zouden Nederlanders daarom zo graag voor ontspanning naar het zuiden afreizen, om even van die eerstgenoemde tijd af te zijn?

Victor, de hoofdpersoon in het prachtige gelijknamige boek over een joodse familie in Wenen (Judith Fanto 2020), wil niet deugen volgens zijn vader: hij kan niets met tijd. Hij geldt voor de hele familie als ‘geen man van de klok’, wat hijzelf totaal geen probleem vindt. Voor hem is tijd een menselijke uitvinding om iets te kunnen analyseren en indelen. In zijn woorden: ‘Duur is daarentegen eindeloos en grenzeloos. In duur is de toekomst er al, en het verleden nog steeds. In feite bestaat alles in een eeuwig Nu.’ Wonderlijk genoeg blijkt hij in het door de Duitsers geannexeerde Wenen zijn hele familie en ook anderen steeds onverwacht bij te staan, zoals pas later blijkt. Direct handelend vanuit zijn Nu.

Bestaat tijd alleen uit de minuten die zachtjes wegtikken op een klok, of wordt het een kwaliteit wanneer we onze tijd bewust besteden, wanneer we zin geven aan tijd? Wanneer we echt naar iemand te luisteren zonder direct een probleemoplossend antwoord te geven. Of misschien krijgt tijd een andere waarde als we met een ander even stil zijn, de dingen tussen ons in laten rondzweven zonder ze te benoemen, in het nu? Tijd zonder kloktijd dus. De tijd die wij zo met een ander, met elkaar doorbrengen, misschien kunnen we die de-tijd-van-Victor noemen, of te wel kwali-tijd…

Felicia Dekkers

Felicia Dekkers

Felicia Dekkers is Neerlandica en studeerde later theologie. Zij werkte in het onderwijs (MO en HBO) en daarna als (beeld)redacteur bij …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.