Bij de Belastingdienst in Heerlen en Maastricht was het wij-gevoel afgelopen november ver te zoeken. De personeelsvereniging blies het sinterklaasfeest voor de kinderen van de medewerkers af ten gevolge van de zwartepietendiscussie. De ambtenaren waren te verdeeld, zo bleek uit een interne mail die in handen kwam van de Limburgse regionale omroep. Het werd landelijk nieuws.

De directie van de Belastingdienst betreurde de gang van zaken, maar respecteerde het besluit van de personeelsvereniging. “Sinterklaas is een feest van de samenleving, de vorm kan niet van bovenaf worden opgelegd”, aldus een woordvoerder. “We zijn ons ervan bewust dat tradities door de tijd heen altijd veranderen. Dat geldt ook voor het sinterklaasfeest. Die ontwikkeling zien we al een aantal jaren en de discussie daarover zal doorgaan.”

Het nieuws over het incident maakte de kloof weer wat dieper. Mensen werden bevestigd in hun bestaande oordeel en wereldbeeld en die laten zich niet makkelijk kantelen via massamedia en sociale media. Tenzij mensen een heel persoonlijk, open en eerlijk verhaal vertellen dat met aandacht gelezen of beluisterd wordt.

Dat de figuur van Zwarte Piet door veel ‘witte’ mensen niet als racistisch bedoeld is, en ook niet zo wordt ervaren, mag er zijn als verhaal. En dat veel ‘gekleurde’ mensen heel andere ervaringen hebben rond het feest, en dat zij de figuur van Zwarte Piet als beledigend en racistisch ervaren, mag er evengoed zijn. Luisteren dus. En kijken hoe je samen verder kunt.

Het gaat me nu niet om deze kwestie, maar om het verbinden van verschillen. Want de recente nieuwsberichten over de ‘moorkop’ laten een vergelijkbaar patroon zien. Let op: het is hier allemaal nog veel symbolischer en gaat slechts om de naamgeving van een gebakje, en niet om een breed gevierde jaarlijkse traditie met menselijke figuren.

De tijden veranderen

De nogal heftige reacties zijn begrijpelijk in het ‘oude wij’ dat voor veel mensen nog steeds de werkelijkheid is waarin zij leven. “Ik noem zo’n ding mijn hele leven lang al een moorkop, dus wie heeft het lef me hierover de les te leren?” Niemand dus. Dat is de grap. Maar een winkelbedrijf of bakker heeft tegelijk ook het recht om, op basis van marketinginzichten en nieuwe doelgroepen, een andere naam voor zijn product te bedenken. De tijden veranderen.

Wat te denken van De Zwarte Cross, het festival in de Achterhoek? Vorige zomer werd dit muziekfestival het decor van een controverse. Teksten op bordjes werden als racistisch en kwetsend ervaren. Columnist Rick Aalbers schreef erover in De Gelderlander: “De beschuldigingen gaan voorbij aan de essentie van het festival, dat zich kenmerkt door ludieke geestigheid en regelmatig ook botte lompheid. Maar niet door racisme of islamofobie. Het is humor en dat kan niet gelijkgeschakeld worden met racisme. Dát is het pas als de lol bedoeld is om mensen of bevolkingsgroepen uit te sluiten. Als dat ergens juist niet gebeurt, is het op de Zwarte Cross.”

Ik heb de discussie gevolgd en voelde tijdens deze hete zomer het ongemak aan beide kanten. Woonachtig in Zwolle en opgegroeid in Drenthe, is de humor uit het oosten des lands mij niet geheel vreemd. Botheid die juist zelfkritisch is en een bepaalde genegenheid maskeert. Harde grappen die juist iets van een tegendeel moeten overbrengen.

Maar hoe komt dit over bij anderen? En heeft ook iedereen op het festival dezelfde intenties? Is er soms geen grijs gebied waar deze ‘machtig mooie’ ironie en satire langzaam overgaat in iets anders? Of lopen mensen met sympathie voor extreemrechts (één op de vijf kiezers) domweg niet rond op het festival in de Achterhoek?

Satire

Tekstschrijver Jill Mathon was er en ze deed verslag op OneWorld. Ze kon de ‘grappige’ teksten over VOC-mentaliteit, apartheid en medicijnenmannen niet waarderen. Ze ging goed gemutst met een paar goede vriendinnen richting Achterhoek maar “nog nooit voelde ik me op een festival zo ongemakkelijk.” Uit haar relaas wordt dat pijnlijk duidelijk.

De organisatie van het festival had toen al (de geest was inmiddels uit de fles) een verklaring op de website geplaatst, die daar nog steeds te vinden is: “De Zwarte Cross is een festival waar pertinent geen plek is voor racisme, discriminatie en respectloos gedrag. Iedereen die ons festival goed kent zal dit beamen. Het is wel een plek voor satire en op het festival namen wij allerlei zaken (inclusief onszelf!) op de hak. Als wij daarbij een grote groep mensen onbedoeld voor het hoofd stoten, dan laat ons dat zeker niet onbewogen.”

crowd-2457732_1920-1
Beeld door: Pixabay

Dat hier twee subculturen botsen lijkt me duidelijk. De Randstad versus de Achterhoek. Stad versus platteland. Verschillende soorten humor, waarbij ook zelfspot een rol speelt. Maar is daarmee alles gezegd? Jill Mathon: “Het argument dat het festival ook zichzelf op de hak neemt vind ik te makkelijk. Iets is niet ineens goed omdat iedereen in de zeik wordt genomen. Je hebt hier te maken met grappen – op een festival waar vrijwel iedereen wit is – over kwetsbare groepen. Mensen die stelselmatig worden gediscrimineerd en daar dagelijks mee te maken krijgen. Die grappen zijn alles behalve onschuldig en kun je niet vergelijken met grappen over de witte meerderheid.”

Ik sprak erover met een bekende uit de Achterhoek. Zijn reactie kwam er op neer dat mensen in de Randstad anderen willen voorschrijven hoe zij moeten denken. Dat dit althans het gevoel is bij velen. Een soort underdog-gevoel speelt dan op: ‘In de provincie mogen we onszelf niet zijn, met onze eigen feestjes en ons soort humor.’

Zo blijft de patstelling in stand en wordt niet gezocht naar een ‘nieuw wij’. Moet dat dan? Nee, niks moet natuurlijk. Je kunt lekker in je eigen bubbel blijven. Maar oog krijgen voor elkaars ervaringen en verhalen, kan mensen wel enorm verrijken. Het maakt ons land ook gewoon een stuk meer ontspannen en gezelliger.

Verhalen uit Amsterdam Zuidoost en verhalen uit de Achterhoek. Verhalen over de humor op het platteland en over discriminatie in de stad. Maar ook andersom. En vooral oog krijgen voor de machtsverhoudingen die dwars door dit alles heen een rol spelen.

Het verbinden van verschillen kent meerdere dimensies. Het gaat over kleur en religie, maar ook over stad versus platteland en over subculturen. Het gaat over empathie met je buurman die misschien makkelijker is dan empathie met iemand die honderdveertig kilometer verderop woont. En over de behoefte aan het vertrouwde en het eigene – en ook het relatieve ervan.

Gezonde houding

En humor en relativeringsvermogen? Laten we dat er alsjeblieft in houden. Of heb ik makkelijk praten met mijn privéleges? Dat zou kunnen. Ik weet het niet. Door schade en schande heb ik geleerd dat het soms een heel goede houding is om eerst je mond houden, het niet te weten, die onwetendheid ook te benoemen en gewoon te luisteren.

Openheid en ontspanning leiden vaak tot de mooiste ontmoetingen. Het doet me denken aan de foto die ik zag van een bordje gemaakt tijdens De Zwarte Cross 2019, deze foto is nog steeds te vinden op de website van De Gelderlander.  In gekleurde letters staat erop: ‘Volg je hart. Dat klopt tenminste!’.

U kunt gratis verder lezen

Klik deze melding weg via het kruisje. Maar goede artikelen schrijven kost geld. Steun daarom onze schrijvers en word al vanaf € 5 per maand Vriend/in van Nieuw Wij.

Ik lees eerst het artikel verder.
Theo Brand-2

Theo Brand

Eindredacteur

Theo Brand is journalist en politicoloog en werkt bij Nieuw Wij als eindredacteur. Religie, levensbeschouwing en politiek zijn …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin het gesprek.