Want het is verbetenheid en kramp troef. In Zomergasten, in het gesprek met Glenn Helberg, liep Janine Abbring op eieren (excuus voor de ongelukkige beeldspraak heden ten dage). Ze gaf het zelf ook aan: bang, bang, bang om bepaalde woorden te gebruiken.

Ook in de Sunny Bergman-documentaire Wit is ook een kleur lijkt het kwaad alom aanwezig. Het doet me denken aan sommige strenge evangelische groepen die achter elke boom de satan zelf menen te ontwaren.

En vorig jaar werd ik opgeschrikt toen het prachtige Liedboeklied 737 over ‘de negers met hun loftrompet’ van Willem Barnard in staat van beschuldiging werd gesteld. Iemand schreef toen: ‘Dit lied doet mij pijn.’ Maar vele anderen deed het pijn dat deze integere dichter van de gerechtigheid zo werd geblameerd. Ja, daar houd ik mijn hand nou eens voor in het vuur: dat hij deze zin alleen maar respectvol, ja lofprijzend, bedoeld heeft.

Dit lied racistisch? Het is nooit in me opgekomen!

Tegelijk begrijp ik al die gevoeligheden ook weer wel, gezien de verschrikkelijke ontsporingen in het verleden. Maar er zijn ook nog mensen die zich van geen kwaad bewust zijn. Juist ook gekleurde mensen.

De Neger

In mijn geboorteplaats Terneuzen bevindt zich een cultuurpodium met de naam Porgy en Bess. In mijn jeugd stond het bekend als De Neger. Dit ‘De’ zegt genoeg over het aantal kleurlingen in de regio destijds. Het was een naam die met de nodige eerbied werd uitgesproken. Niks dedain of racisme. Integendeel, het was een naam van aanzien. En hij, De Neger, was een man van aanzien.

Frank Koulen was bij de geallieerden die Zeeuws-Vlaanderen hebben bevrijd. Een liefde in Terneuzen verbond hem voorgoed aan die plaats. Hij begon een lunchroom die al gauw veranderde in een jazzcafé van statuur. Grote namen werden binnengehaald en van lieverlee ontstond een waar cultuuroord in het nogal smoezelige, ruige havenstadje.

Waar ook ik liep te slempen… Maar ik hoedde mij er wel voor om bij De Neger binnen te gaan. Veel te intellectueel (ja, u moet weten, ik ben pas later intellectueel geworden). In onze beleving was het zelfs elitair. In ieder geval niet voor Armand minnende boerenpummels, maar voor de jetset uit de omgeving, de exoten die meer van de wereld hadden gezien of studenten die door de week in de Randstad verbleven.

Met andere woorden: de naam ‘De Neger’ was een erenaam. Frank was daarbij ook een begrip qua hartelijkheid. De uitgestoken hand bij binnenkomst werd het symbool van zijn imago. Alleen maar respect voor deze man. Hij droeg die naam, die wij nu niet meer mogen uitspreken, met waardigheid.

Racisme? Het kwam niet in je op!

Kuifje in Afrika

Het doet mij ook denken aan de eerste Kuifjes, met name Kuifje in Congo (later Kuifje in Afrika). Het is werkelijk tenenkrommend wat je daarin tegenkomt aan stereotypering en ridiculisering. Onversneden racisme dus. Dat kunnen we Hergé moeilijk verwijten. In zijn strip kwam slechts het beeld aan het licht zoals dat algemeen leefde in Europa eerste helft 20e eeuw. In de dekolonisatie van de jaren 50 en 60 was het album dan ook uit de gratie.

Niettemin verschijnt het in 1970 opnieuw in een – nota bene! – Zaïrees tijdschrift. Voorafgegaan door een hoofdartikel, geschreven door een Zaïrees, met daarin de opmerkelijke uitspraak:

Eén ding hebben de blanken, die Kuifje in Congo uit de roulatie hebben gehaald, niet  begrepen. En wel het volgende: sommige karikaturen van het Congolese volk in Kuifje in Congo zullen de blanken misschien doen glimlachen, maar de Congolezen zullen er om schaterlachen – omdat die bespottelijke blanken hen zo zagen.

Dat bedoel ik. In die eeuwendurende geschiedenis van superioriteitswaan hebben de blanken vooral zichzelf geblameerd. Alle anderen mogen hun kleur en naam met waardigheid dragen.

Doe dat dan ook. En schaterlach.

jansenwim

Wim Jansen

Theoloog, schrijver en dichter

Naast het predikant-schap was Wim Jansen (1950) lange tijd werkzaam als docent levensbeschouwing, met name op de Hogeschool Zeeland. Tot …
Profiel-pagina
Al 20 reacties — praat mee.